Derde Industriële Revolutie in Vlaanderen
De Derde Industriële Revolutie Vlaanderen (1982, DIRV) was een grootschalige promotieactie geïnitieerd door de Vlaamse Executieve, die in een sociaaleconomisch moeilijke periode een nieuwe impuls moest geven aan het Vlaamse bedrijfsleven. Het hoogtepunt van de campagne was de technologiebeurs Flanders Technology in 1983.
Begrip en context
Het begrip ‘derde industriële revolutie’ werd gepopulariseerd door de Amerikaanse publicist Alvin Toffler met zijn boek The Third Wave (1980). Daarin voorspelde hij dat de technologische doorbraken op het gebied van de personal computer, het internet en mobiele communicatie onze manier van werken en leven zodanig zouden veranderen dat een geheel nieuwe beschaving het licht zou zien. Het boek was niet alleen in het Westen een bestseller, maar oefende ook heel wat invloed uit op het denken van bijvoorbeeld Chinese, Koreaanse en Vietnamese leiders.
Voor grote delen van de Belgische bevolking was de eerste helft van de jaren 1980 in sociaaleconomisch opzicht een erg moeilijke periode. De devaluatie van de Belgische frank met 8,5 procent in februari 1982 ging gepaard met een pijnlijk inleveringsbeleid. De automatische loonindexering werd tijdelijk opgeschort en de belastingdruk ging omhoog, zodat de koopkracht rake klappen kreeg. Bovendien deed de economische
Economie Dit artikel gaat over de relatie tussen economie en Vlaamse beweging. Daarmee beoogt deze tekst geen economische geschiedenis te schetsen van wat we vandaag Vlaanderen noemen. Integendee... Lees meer crisis de werkloosheid, die al hoog was, verder oplopen. In dergelijke omstandigheden wordt de ontwikkeling van nieuwe technologieën in de regel al snel gepercipieerd als een belangrijke oorzaak van de vernietiging van bestaande arbeidsplaatsen.
Oprichting en opzet
Ondertussen was door de staatshervorming
Staatshervorming Tussen 1970 en vandaag werden zes staatshervormingen doorgevoerd die België omvormden van een unitaire in een federale staat met drie gewesten, het Vlaamse, het Waalse en het Brussels Hoo... Lees meer van 1980 een Vlaamse Executieve Vlaamse Executieve Lees meer boven de doopvont gehouden. Maar de economische bevoegdheden van de nieuwe deelstaten bleven vooralsnog beperkt. De ondersteuning van de zogenaamde nationale sectoren – steenkool, staal, textiel, scheepsbouw en holglas – bleef nog geruime tijd de verantwoordelijkheid van de Belgische regering. Wenste de Vlaamse Executieve zich op economisch gebied te profileren, dan kon ze dus geen beleid ontwikkelen rond die oude en vaak zieltogende bedrijfstakken. Daardoor ging de aandacht haast automatisch naar de vernieuwing van het Vlaams industrieel weefsel. Bovendien waren in de academische wereld en bij het Vlaams Economisch Verbond
Vlaams Economisch Verbond (VEV) Het Vlaams Economisch Verbond (VEV) is een Vlaamsgezinde belangengroep en patronale organisatie, die werd opgericht in 1926. Tijdens het interbellum zette het VEV zich in voor algemeen ec... Lees meer al in de tweede helft van de jaren 1970 de krachtlijnen uitgestippeld voor een toekomstgericht reconversiebeleid. Verder werd inspiratie gehaald uit de technologiebeurs Salon International des Technologies Françaises (SITEF, 1981) in Lyon. De voorzitter van de Vlaamse Executieve, Gaston Geens
Geens, Gaston Gaston Geens (1931-2002) was een econoom en CVP-politicus, die van 1981 tot 1992 voorzitter was van de Vlaamse Executieve. Geens gaf vanuit deze functie mee vorm aan het beleid in de nieu... Lees meer , die ook Economische Zaken en Werkgelegenheid als bevoegdheid had, schaarde zich volop achter het idee als hefboom voor de uitbouw van een geïntegreerd regionaal-economisch beleid gericht op kennisintensivering. Daarmee zag de DIRV-actie in 1982 het levenslicht.
De DIRV-actie was in essentie een grootschalige promotiecampagne waarbij technologie werd opgevoerd als een opportuniteit om de economie ingrijpend te herstructureren en de werkgelegenheid nieuwe impulsen te geven. Meer concreet moest de DIRV-actie de ontwikkeling en het gebruik van innovatieve producten, nieuwe productiemethoden en dito marketingtechnieken stimuleren en nieuwe buitenlandse investeringen aantrekken. Daarbij werd gefocust op drie speerpunttechnologieën, namelijk micro-elektronica, biotechnologie en nieuwe materialen. Naast advertenties, folders, voordrachten en de lancering van een DIRV-krant werden de zogenaamde T-dagen georganiseerd, symposia die als doelstelling hadden om aanbieders en afnemers van geavanceerde technologieën sneller en efficiënter met elkaar in contact te brengen. Op die manier werden bijvoorbeeld universiteiten en bedrijfswereld
Bedrijfsleven Onder impuls van intellectuelen, ondernemers en gesalarieerde kaders verkreeg de Vlaamse beweging een economische oriëntatie. De uitbouw van een Vlaams bedrijfsleven behelsde een politiek... Lees meer samengebracht, zodat academische vernieuwingen sneller hun weg zouden vinden naar de markt.
Van Flanders Technology tot tanende impact
Apotheose was de technologiebeurs Flanders Technology (1983) waar het brede publiek kennis kon maken met de vele innovaties die de Derde Industriële Revolutie in petto had. Mede dankzij een ongeziene publiciteitscampagne in de Vlaamse media oversteeg het bezoekersaantal alle verwachtingen. Om die dynamiek levendig te houden, werd beslist de technologiebeurs tweejaarlijks te organiseren. Na verloop van tijd kwam er echter sleet op de formule. In de loop van de jaren 1990 verdwenen zowel de DIRV-actie als Flanders Technology International haast geruisloos van het publieke toneel.
Over de langetermijneffecten van de DIRV-actie voor de Vlaamse economie
Economie Dit artikel gaat over de relatie tussen economie en Vlaamse beweging. Daarmee beoogt deze tekst geen economische geschiedenis te schetsen van wat we vandaag Vlaanderen noemen. Integendee... Lees meer lopen de meningen uiteen. Sommige critici beweren dat de DIRV-actie te veel een marketingcampagne was met slechts weinig financiële middelen ter ondersteuning van bedrijven die concreet wilden innoveren. Toch mogen de inspanningen van de Gewestelijke Investeringsmaatschappij Vlaanderen (GIMV) ten voordele van de technologieoverdracht naar KMO’s niet onderschat worden. Anderen beklemtonen dat de DIRV-actie sterk heeft bijgedragen tot de oprichting van het Interuniversitair Mikro-Elektronica Centrum (Imec, 1984), dat ondertussen is uitgegroeid tot een wereldvermaard onderzoekcentrum inzake nanotechnologie. Maar een grote producent van hardware is Vlaanderen nooit geworden. Het contrast met de spectaculaire groei van bedrijven zoals ASML en ASMI in Nederland blijft frappant. Wat biotechnologie betreft, speelden Plant Genetic Systems en Innogenetics een pioniersrol bij de uitbouw van Vlaanderen tot een internationale hub. Maar ook in de biotechnologie blijft het, ondanks een aantal beloftevolle ondernemingen, vooralsnog wachten op grote commerciële doorbraken. Wellicht situeren de verdiensten van de DIRV-actie zich op een breder niveau. In die moeilijke eerste helft van de jaren 1980 werd een hoopvolle boodschap uitgedragen. Het zelfvertrouwen van ondernemers kreeg een stevige duw in de rug waardoor een vernieuwingsdynamiek op gang kon komen, die veel ruimer ging dan de drie speerpuntsectoren van de DIRV-actie.
Literatuur
– A. Toffler, The third wave, 1980.
– G.J. De Boeck, The electronic eighties. The beginning of the information age, in: Tijdschrift voor Economie en Management, 26, 1981, pp. 227-249.
– G. Geens, Uitdagingen voor de jaren 1980, in: Tijdschrift voor Economie en Management, 24, 1979, pp. 231-245.
– L. Meyvis, Markt en macht. Het VEV van 1926 tot heden, 2004.
– E. Buyst, K. Lowyck en A. Soete, Vasthouden en loslaten. Strategie en transformatie van GIMV, 1980-2005, 2005.
– T. Vergeynst, Vlaanderen, 25 jaar na de start van ‘Flanders Technology International’, 2008.
– O. Ongena, Werk in eigen streek! Ontstaan en evolutie van een economisch beleid op maat van streken en regio's, Universiteit Gent, proefschrift, 2024.
Erik Buyst (2024). Derde Industriële Revolutie in Vlaanderen. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2024. https://devb.be/id/geb-003146.
Redactiegeschiedenis
Redactiegeschiedenis
2024: Erik Buyst