Van Outryve d'Ydewalle, Hubert
Hubert d’Ydewalle (1909-1945) was hoofdredacteur van het rexistische dagblad Le Pays Réel. Na zijn breuk met Rex bleef hij pleiten voor nauwe samenwerking tussen de adel en de Vlaamse bevolking.
Paul de Pessemier (2025), Luc Boeva (1998). Van Outryve d'Ydewalle, Hubert. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2025. https://devb.be/id/per-016371.
Hubert d’Ydewalle stamde uit een verfranste Vlaamse adellijke familie. Hij werd een vooraanstaand figuur in Rex
Rex Rex was een Belgische politieke partij (1935-1940) en een collaboratiebeweging in Franstalig België (1940-1944). Lees meer en was onder meer hoofdredacteur van het dagblad Le Pays Réel. In 1937 brak hij met Rex. In 1940 werd hij tot burgemeester van Beernem benoemd. Op het einde van de oorlog werd hij wegens verzet
Verzet Het georganiseerde verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Vlaamse provincies was doorgaans altijd Belgisch verzet: zowel op het vlak van de ideologische oriëntatie, de motieven en he... Lees meer sactiviteiten opgepakt en gedeporteerd naar Duitsland
Duitsland & Vlaanderen Van de eerste helft van de 19de eeuw tot 1945 stond het Duitse beeld van Vlaanderen in het teken van etnisch-culturele verbondenheid. Die romantische perceptie leefde vooral bij een beper... Lees meer , waar hij van ontbering omkwam. Hij schreef vier boeken, waarvan Noblesse en Flandre het meest bekende werd. De Vlaamse beweging beschouwde hij als een gerechtvaardigd volksverheffend streven.
Hubert van Outryve d’Ydewalle kwam in 1909 ter wereld als tweede in een gezin van vier. Zijn ouders ridder André van Outryve d’Ydewalle en jonkvrouw Maria de Vrière woonden in bij André’s moeder op het kasteel La Bruyère bij Loppem. Zij was de weduwe van volksvertegenwoordiger ridder Charles van Outryve d'Ydewalle. In hetzelfde jaar kwam het kasteeldomein III-Koningen in Beernem door erfenis in het bezit van het jonge gezin. Ze betrokken het nog datzelfde jaar. D’Ydewalle sloot het middelbaar onderwijs af aan de abdijschool van Loppem. In augustus 1927 behaalde hij voor de Middenjury het getuigschrift van kandidaat in de letteren en wijsbegeerte. In juli 1930 verwierf hij in Gent Gent Al in de 19e eeuw probeerden Vlaamsgezinde intellectuelen het gebruik van het Nederlands te bevorderen in een sterk verfranst Gent. Studentenverenigingen zoals 't Zal wel gaan hielpen daa... Lees meer met onderscheiding het diploma van doctor in de rechten. Toch koos hij voor een loopbaan als journalist. In 1934 trad hij met zijn gefortuneerde achternicht, jonkvrouw Hélène du Sart de Bouland
Du Sart de Bouland, Hélène Hélène du Sart de Bouland (1913-1998), ook gekend als gravin d’Hespel, was de weduwe van Hubert d’ydewalle. Als eerbetoon aan haar overleden echtgenoot organiseerde ze vanaf 1951 kunstwee... Lees meer , in het huwelijk. Haar grootvader was gouverneur van Henegouwen geweest. Het echtpaar kreeg vier kinderen.
Journalist
Al tijdens zijn studies was d’Ydewalle redactielid van L’Etudiant Catholique. Zijn artikels, essays en korte verhalen behelsden de meest diverse onderwerpen. Een opmerkelijke bijdrage die in het tijdschrift Op Weg werd afgedrukt, droeg als titel ‘Dixmude,19 aout 1928’. Daarin trok d’Ydewalle van leer tegen het flamingantisme Flamingant Flamingantisme is een term die met verschillende betekenissen wordt toegekend aan actoren binnen de Vlaamse beweging en het Vlaams nationalisme. Lees meer en zijn symboliek. Hij was op dat ogenblik negentien en nog vol rancune tegenover de Duitse bezetters en de activisten
Activisme Het begrip activisme verwijst naar de fractie van flaminganten die tijdens de Eerste Wereldoorlog bereid was om politiek of anderszins samen te werken met de Duitse bezetter en financiële... Lees meer .
Hoewel hij zijn universitaire studies in Gent had gedaan, onderhield d’Ydewalle contacten met Leuvense studentenkringen. Op die manier leerde hij Léon Degrelle
Degrelle, Léon Léon Degrelle (1906-1994) was de leider van Rex, initieel een Belgische, extreemrechtse nationalistische beweging, nadien omgevormd tot partij, die na 1936 radicaliseerde in fascistische ... Lees meer kennen. Degrelle kreeg in 1930 de leiding van de kleine uitgeverij Rex. Begin 1933 werd d’Ydewalle hoofdredacteur van het rexistisch geïnspireerd weekblad Vlan! Tussendoor publiceerde hij ook artikels in Trait d'Union, L'Automobile en L'Eventail, alsook in het gerenommeerde tijdschrift La Revue Générale. Hij was oprichter en directeur van het magazine La Campagne, dat wegens gebrek aan advertenties geen lang leven beschoren was.
Na dat financieel debacle kon hij in 1935 als journalist aan de slag bij Le Vingtième Siècle
Le XXe Siècle Le XXe Siècle (1895-1940) was een Brussels katholiek dagblad. Het werd na de Duitse inval in 1914 de spreekbuis van het Belgisch nationalisme en annexionisme, wat leidde tot een breuk tus... Lees meer . In een van zijn anti-Engels georiënteerde bijdragen verkondigde d’Ydewalle dat hij bij een eventuele keuze tussen communisme en nazisme voor het laatste kiezen zou. In 1933 maakte hij voor zijn krant een reis door Duitsland
Duitsland & Vlaanderen Van de eerste helft van de 19de eeuw tot 1945 stond het Duitse beeld van Vlaanderen in het teken van etnisch-culturele verbondenheid. Die romantische perceptie leefde vooral bij een beper... Lees meer in het gezelschap van Degrelle naar aanleiding van de 1 mei-vieringen in Berlijn. D’Ydewalle was een verdediger van het zelfbeschikkingsrecht van de kleine Europese landen, en van het behoud van hun eigenheid en cultuur. Daarom ook was hij pro-Engels noch pro-Duits. Hij pleitte voor een sterk autoritair gezag ‘dat katholiek geïnspireerd dient te zijn omdat de westerse geschiedenis gedurende veertien eeuwen nauw verbonden met het christendom is geweest’.
Le Pays Réel
In het vooruitzicht van de parlementsverkiezingen van 1936 wou Degrelle de Rex-beweging tot een politieke partij omvormen. Ook wilde hij een dagblad stichten met de naam Le Pays Réel. Hij bood d’Ydewalle de post van hoofdredacteur aan. Aangezien zowel in zijn familie als in die van zijn echtgenote meerdere personen een lokaal of nationaal mandaat bekleedden voor Rex’ concurrent de Katholieke Partij
Katholieke partij De katholieke partij, later CVP (vanaf 1945) en CD&V (vanaf 2001) speelde een cruciale rol in de geschiedenis van de Vlaamse beweging. De partij had een belangrijk aandeel in onder m... Lees meer , stond hij voor een tweestrijd. Bovendien was hij van mening dat ‘Degrelle helemaal niet meer wist waar hij naartoe ging. Overspoeld door zijn succes, zou hij wel eens zijn neus kunnen stoten’. Aan zijn vader schrijft hij ook:
Ik word oprecht in verlegenheid gebracht. Enerzijds een maandwedde van 3000 à 3500 frank per maand voor een interessant werk, een gelegenheid die zich niet meer zal voordoen. […] Ik hoop oprecht dat de verkiezingen inderdaad zullen doorgaan op 10 mei en dat het dagblad pas nadien zou verschijnen. Dat zou de zaken vergemakkelijken.
D’Ydewalle hoopte dat Le Pays Réel pas na de verkiezingen het licht zou zien, maar Degrelle zag het blad in dit verband juist als een nieuw propaganda-instrument. D’Ydewalle was ervan overtuigd dat de stembusgang een afgang voor Rex zou worden en drong er op aan om met de Katholieke Partij tot een overeenkomst te komen. Degrelle dwong hem echter kamp te kiezen. Op aanraden van zijn vader en zijn echtgenote ging hij toch op het werkaanbod in. De eerste editie van Le Pays Réel verscheen op maandag 4 mei 1936, met Hubert d’Ydewalle als hoofdredacteur. De oplage bedroeg meer dan 150 000 exemplaren. Rex behaalde bij de verkiezingen 21 van de 202 zetels in de Kamer en bracht daarmee de traditionele partijen een zware klap toe.
In 1936 begaf d’Ydewalle zich naar Spanje Spanje De 19de-eeuwse Vlaamse beweging cultiveerde een overwegend negatief beeld van Spanje als vreemde overheerser tijdens de 16de eeuw. In de loop van de 20ste eeuw ontstond daarnaast een acti... Lees meer , vergezeld van Serge Doring. Het was zijn derde reis naar dat land. Ze verbleven er van juni tot september om het verloop van de burgeroorlog te verslaan.
Breuk met Rex
Nadat de kerkelijke overheid aan de vooravond van de nieuwe verkiezingen van 11 april 1937 via een herderlijke brief waarschuwde dat Rex een gevaar voor het land en de Kerk betekende en de verkiezingen voor Rex rampzalig uitvielen, verkeerde d’Ydewalle in grote gewetensnood. In een aan hem persoonlijk gericht schrijven van het bisdom, werd gesteld: ‘Rex moet zich [aan de bisschoppelijke brief] onderwerpen, niet louter in woorden, maar vooral in daden’. Het dilemma waar hij voor stond was of het reeds zinkende schip verlaten, of in onmin raken met de Kerk Kerk De verhouding tussen Kerk en Vlaamse beweging vertoont historisch een tweevoudig beeld. Enerzijds waren de godsdienstige en de Vlaamsgezinde overtuiging innig verstrengeld en vormde de cl... Lees meer .
Bovendien groeide er al langer argwaan bij d’Ydewalle over de financiering van Rex en van de krant Le Pays Réel. Op 10 juni 1937 diende hij zijn ontslag in. Enkele dagen voordien had hij Degrelle geschreven: ‘Ik meen dat ik je sinds maanden voldoende heb gewaarschuwd voor de overweldigende invloed van bepaalde verdachte individuen die jij tot jouw raadsmannen maakte. [Zij hebben] eigen doelstellingen, die ik op zijn minst als duister en verontrustend zou omschrijven’.
Op 11 juni werd zijn ontslagbrief in La Libre Belgique afgedrukt. Het nieuws veroorzaakte grote beroering in binnen- en buitenland. Bij Rex was men er vooral voor beducht dat d’Ydewalle de buitenlandse financiering aan het licht zou brengen. Om het leven van zijn familie en van zichzelf niet in gevaar te brengen hield hij die informatie voor zich.
Professioneel had d’Ydewalle het bij de geschreven pers Pers Van bij het ontstaan van de Vlaamse beweging vervulde de Nederlandstalige pers een belangrijke rol als spreekbuis. De veelheid aan Vlaamse kranten en (week)bladen die in de 19de en 20ste ... Lees meer verkorven. De jaarlijkse toelage van zijn vader liet zijn gezin toe een bescheidener, maar nog steeds waardig bestaan te leiden. Het liefst was hij naar Beernem teruggekeerd, maar zijn echtgenote wilde in de hoofdstad blijven. In die gemoedstoestand schreef hij het korte verhaal Uilenspiegel
Tijl Uilenspiegel Tijl Uilenspiegel is een personage uit een laatmiddeleeuws Duits volksboek, dat van de 19de eeuw tot diep in de 20ste eeuw door uiteenlopende politieke bewegingen in België en Vlaanderen ... Lees meer n'est pas mort! Het werd in La Revue Générale van 15 september 1938 gepubliceerd.
In het door de Association Belgique-Canada uitgegeven aprilnummer van 1938 publiceerde d’Ydewalle de studie ‘L’émigration des Agriculteurs Flamands’. De Vlaming was volgens hem de ideale emigrant
Emigratie De Vlaamse migratie was een tweezijdig proces tussen ontvangst- en oorsprongsregio's, beïnvloed door sociale, economische en politieke factoren. Vooral regio's als Oost- en West-Vlaander... Lees meer door zijn aanleg en ervaring op het vlak van landbouw. In zijn opvatting hadden Vlamingen er bovendien geen enkele moeite mee zich aan te passen aan een andere cultuur, noch om een andere taal te leren.
Omroep
Toen in juli 1938 het weekblad Omroep officieel van start ging, was d’Ydewalle er al maanden in actief. Tot de oprichters behoorde onder meer de Vlaamse letterkundige Fred Germonprez
Germonprez, Fred Fred Germonprez (1914-2001) was een Vlaamse journalist en auteur die bekendheid verwierf met zijn sociaal geëngageerde en historische romans. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij actief... Lees meer . De doelstelling was separatistische elementen, zoals het VNV
Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) Het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) (1933-1945) was een rechts-radicale Vlaams-nationalistische partij die tijdens de Tweede Wereldoorlog collaboreerde met de Duitse nationaalsocialistis... Lees meer , de wind uit de zeilen te halen door op te komen voor de in hun ogen legitieme rechten van de Vlamingen. D’Ydewalle nam het dagelijkse beheer van de vereniging waar en was ook onbezoldigd hoofdredacteur van het weekblad.
De echte vijanden van het land waren volgens hem de demagogen die een gemakkelijke populariteit nastreefden door op de laagste instincten van het volk in te spelen. Via een medewerker van het blad in Antwerpen vernam hij dat het dagblad De Dag
De Dag De Dag (1934-1944) was een Vlaams-nationalistisch georiënteerd dagblad, dat zich in zijn sensationele stijl schatplichtig toonde aan de Amerikaanse tabloidpers. Tijdens de Tweede Wereldoo... Lees meer door de Duitse propaganda ruim betoelaagd werd. Ook Omroep werd door het Antikomintern benaderd om, al direct na een voorschot van één miljoen frank, de door Duitsland gedicteerde lijn te volgen. Niettegenstaande de bedenkelijke financiële toestand ging Omroep niet op dat voorstel in.
D’Ydewalle schreef meerdere bijdragen over Vlaanderen. In één daarvan stelde hij dat de Belgische eenheid niet bestond. De reden daarvoor was volgens hem dat de Vlaamse elite België
België Geen Vlaamse beweging zonder België. Het is ook onmogelijk om België te begrijpen zonder de geschiedenis van de Vlaamse beweging erbij te betrekken. Tussen het ontstaan van een culturele ... Lees meer niet (er)kende, net zoals Vlaanderen door België evenmin erkend werd: ‘De Vlaamse ziel bestaat nochtans, dat staat vast. […] De inspanningen voor een Vlaamse hergeboorte dreigen evenwel slechts een grote romantische stroming te zijn, zonder toekomst, zo zij enkel is gefundeerd op een revolte tegen een onrechtvaardig lot.’ De kern van d’Ydewalles betoog was dat Vlaanderen op termijn meer heil te verwachten had binnen België, dan als een kleine zelfstandige staat. De separatistische stroming binnen de Vlaamse beweging noemde hij een dodelijk gevaar voor het land. ‘De jonge Vlaamse intellectuelen, die uit het volk ontsproten zijn, hebben zich tegen een louter Franstalige elite afgezet. Zij hebben de leidersplaatsen die door die elite waren opengelaten ingenomen, en zetten thans de massa tegen haar op’.
Maar ook dit nieuw initiatief van d’Ydewalle zou, ondanks de hoge relaties van de bestuursleden, nauwelijks een rol van betekenis spelen. Zijn oproep vond geen weerklank bij de Franstalige sociale en intellectuele elite in Vlaanderen.
Tweede Wereldoorlog
Na de capitulatie van het Belgische leger werd luitenant d’Ydewalle als krijgsgevangene geïnterneerd. Op 11 juni 1940 kreeg hij van de 12de Infanterie Divisie toestemming het kamp te verlaten. Enkele dagen later keerde ook zijn gezin (dat bij het uitbreken van de oorlog naar Frankrijk was gevlucht) terug naar Beernem, waar intussen twee kolonels van de Duitse Genie waren ingekwartierd.
D’Ydewalle volgde zijn in april 1940 overleden vader op als burgemeester van Beernem op 25 september 1940, hoewel hij geen lid was van de gemeenteraad. Vanuit zijn nieuwe functie pleegde hij in de mate van het mogelijke passief en actief verzet tegen de bezetter. Hij werd daarvoor meermaals door de Kreiskommandatur 510 naar Brugge geroepen. Ook stelde hij zoveel mogelijk mannen aan werk om hen voor opeising te behoeden. Zijn wedde van oorlogsburgemeester
Oorlogsburgemeesters De term ‘oorlogsburgemeesters’ verwijst naar de collaborerende burgemeesters die tijdens de Tweede Wereldoorlog werden benoemd en de hoeksteen vormden van de machtsgreep van het Vlaamsch ... Lees meer liet hij onder de behoeftigen van Beernem verdelen. Onderduikers en weerstanders konden steeds rekenen op zijn hulp. Op het domein werd ook een tijdlang een Joods gezin met de naam Jansens, opgevangen.
Noblesse en Flandre
In de adellijke kringen stond d’Ydewalle bekend als iemand die de Vlamingen een warm hart toedroeg. Zo had hij zijn van oorsprong Waalse echtgenote met zachte dwang aangemaand de taal van de bevolking aan te leren. ‘De adel in Vlaanderen zal Vlaams zijn, of niet zijn’, noteerde hij op een van zijn steekkaarten. In 1942 werd hij door de Association de la Noblesse du Royaume de Belgique aangezocht om een leidraad voor de ‘kasteelheren in Vlaanderen’ te schrijven.
Het resultaat heette Noblesse en Flandre. In zijn boek behandelde d’Ydewalle de verschillende aspecten van een door hem beoogde samenwerking tussen bevolking en adel. Hij probeerde daarbij zijn eigen liefde voor de grond over te brengen op de jongeren, omdat de adel volgens hem in de toekomst nog hoofdzakelijk op het platteland een rol van betekenis zou kunnen spelen. De Vlaamse ziel omschreef hij als ‘diepgaand religieus en mystiek’. ‘Katholicisme en Vlaanderen’ waren in zijn opvatting ‘onverbreekbaar verbonden; het ene scheiden van het andere zou de doodsteek betekenen voor Vlaanderen’. Ook stond hij volledig achter Vlaamse culturele organisaties zoals het Davidsfonds
Davidsfonds (DF) Het Davidsfonds is een katholieke Vlaamse cultuurvereniging, die werd opgericht in januari 1875. Lees meer en het Jeugdverbond voor Katholieke Actie Jeugdverbond voor Katholieke Actie (JVKA) Het Jeugdverbond voor Katholieke Actie (JVKA) was een koepelstructuur van de Vlaamse katholieke jeugdbewegingen voor jongens, die in 1928 werd opgericht door de bisschoppen in het kader v... Lees meer .
De echte adel was volgens d’Ydewalle van een grote eenvoud, die met waarachtigheid samenging. Hij stelde ook dat het niet meer zou volstaan kasteelheer te zijn om burgemeester te worden: ‘Bij de Vlamingen is immers een nieuwe elite aan het groeien die haar rechtmatige plaats zal opeisen. Ook moet het in bepaalde Franstalige kringen, maar eens gedaan zijn de Vlamingen te doen doorgaan voor Arabieren of negers!’ Daarbij nam d’Ydewalle een cultureel emancipatorisch en paternalistisch standpunt in: de Vlaamse plattelandsbewoner moest volgens hem door bibliotheken, studiekringen, vormingswerk en dergelijke ontwikkeld worden en een ‘beschaafde’ omgangstaal worden bijgebracht: ‘Want wie het Vlaamse volk kent en ervan houdt zoals men van het volk waartoe men behoort kan houden, is het onmogelijk onverschillig te blijven voor zijn noden. Dit volk mist een aristocratie, en het verdient er een. Wij zullen niet de enigen zijn die deze samenstellen zal, maar wij moeten er deel van uitmaken’.
Arrestatie, tewerkstelling en overlijden
D’Ydewalles broer Thierry werd door de Duitsers van spionage verdacht. Hijzelf van weerspannigheid en hulp aan voortvluchtigen. De broers verschuilden zich op de zolder van een bijgebouw. Toen het domein door Feldgendarmen werd afgezet, probeerden ze te vluchten, maar ze werden opgepakt. Bij een huiszoeking werden meerdere radiotoestellen gevonden.
De rechtszitting duurde anderhalf uur. D’Ydewalle werd tot twee jaar en een half gevangenschap veroordeeld. Twee dagen later werd hij naar de gevangenis van Sint-Gillis overgebracht.
In een telegram van 16 augustus werd aan zijn echtgenote gemeld dat S.S.-Gruppenführer Richard Jungclaus het vonnis had vernietigd en dat de beklaagde in afwachting van een nieuw proces in België
België Geen Vlaamse beweging zonder België. Het is ook onmogelijk om België te begrijpen zonder de geschiedenis van de Vlaamse beweging erbij te betrekken. Tussen het ontstaan van een culturele ... Lees meer kon blijven. In de heersende verwarring werd D’Ydewalle twee dagen nadien toch op het transport naar Duitsland gezet. Hij werd in de staalfabriek van Kassel tewerkgesteld.
In maart 1945 werd de staalfabriek gebombardeerd en trokken de geallieerden de Rijn over. Na een voltreffer werd D’Ydewalle vanonder het puin gehaald met een ernstige verwonding aan het hoofd. Enkele uren vóór de inname van de stad werden de twaalfhonderd dwangarbeiders in beestenwagons geladen. Gedurende tien dagen spoorde de trein doelloos door Duitsland. De avond van de vierde april kreeg D’Ydewalle ook buikloop. Hij vroeg zijn lotgenoot Josse Gits, die tijdens de Spaanse Burgeroorlog als journalist lijnrecht tegenover hem had gestaan, om zijn persoonlijke spullen aan zijn familie te bezorgen. De volgende dag stierf D’Ydewalle.
Begin juli 1945 werd D’Ydewalle in Duitsland ontgraven en gerepatrieerd. Enkele maanden later gaf de overheid toestemming om hem op het domein van III-Koningen te herbegraven. Aan het eind van de vorige eeuw kreeg een straat in Beernem zijn naam.
Archief
– KADOC-KULeuven: Archief familie van Outryve d'Ydewalle [BE/942855/1219]
Werken
– Le régime à vau-l'eau, Brussel, 1937.
– En attendant l'Ouverture, Brussel, 1942.
– Moerepsalm, Brussel, 1942.
– Noblesse en Flandre, Brussel, 1944.
Literatuur
In het kasteel III-Koningen in Beernem wordt archiefmateriaal van Ydewalle bewaard.
– A. Rysenhove, Geschiedenis van Beernem. Een heemkundige studie, Staden, 1979.
– M. Conway, Collaboratie in België, Groot-Bijgaarden, 1994.
– P. de Pessemier, Hubert d'Ydewalle, 1997.
– M.-P. d’Udekem d’Acoz, Pour Le roi et la patrie, Brussel, 2002.
– B. Cheyns, Rex ter zege. Léon Degrelle en het rexisme in Vlaanderen, 2024.
Paul de Pessemier (2025), Luc Boeva (1998). Van Outryve d'Ydewalle, Hubert. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2025. https://devb.be/id/per-016371.