Van Werveke, Hans

Persoon
Nico Van Campenhout (2026, aanvulling), Dries Van Thielen (2024, aanvulling)

De Gentse hoogleraar geschiedenis Hans van Werveke (1898-1974) was gedurende bijna een halve eeuw een boegbeeld van het sociaal voelend, niet partijpolitiek en Vlaamsgezind liberalisme.

Volledige voornaam
Johannes
Geboorte
Gent, 22 januari 1898
Overlijden
Sint-Denijs-Westrem, 7 mei 1974
Suggestie
Citeren
Leestijd: 10 minuten

Hans van Werveke was het derde van de vier kinderen - één meisje en drie jongens - van de Gentse onderwijzer, archivaris, plaatselijke historicus en museumconservator Alfons van Werveke (1860-1932). Zijn moeder, Katharina Salowsky (1863-1921), was van Duits-Poolse origine, wat mede verklaart waarom Van Werveke zich ‘een cosmopoliet in hart en nieren’ noemde. Vader Van Werveke was actief in het Willemsfonds Willemsfonds (WF) Willemsfonds (WF) Het Willemsfonds (1851-heden) is een liberaal-vrijzinnige culturele vereniging en drukkingsgroep die het gebruik van het Nederlands promoot en ondersteunt. Lees meer , de vrijzinnige en Vlaamsgezinde cultuurvereniging waarin de sociaal voelende liberaal Van Werveke jr. later een prominente rol zou vertolken.

Opleiding en vorming

Hans van Werveke doorliep in Gent de klassieke humaniora, eerst aan de rijksmiddelbare jongensschool en vervolgens aan het atheneum. In laatstgenoemde onderwijsinstelling kreeg hij les van onder meer Hippoliet Meert Meert, Hippoliet Meert, Hippoliet Hippoliet Meert (1865-1924) was de oprichter van het Algemeen-Nederlands Verbond. Hij ijverde voor de vernederlandsing van de Gentse universiteit en engageerde zich tijdens de Eerste Were... Lees meer en Leo van Puyvelde Van Puyvelde, Leo Van Puyvelde, Leo Leo van Puyvelde (1882-1965) richtte als student aan de Leuvense universiteit in 1903 mee het Algemeen Katholiek Vlaams Studentenverbond op en was tot 1914 erg bedrijvig binnen het kathol... Lees meer , die hem aanzetten tot het gebruik van standaardnederlands. ‘In de huiskring spraken wij, zover ik mij herinner, uitsluitend Gents’, zo schreef Van Werveke in zijn memoires. Bij de flamingantische scholierenbeweging was hij niet betrokken.

Omdat de hen goed bekende de Gentse hoogleraar geschiedenis Paul Fredericq Fredericq, Paul Fredericq, Paul Paul Fredericq (1850-1920) was een vooraanstaande Gentse historicus, die als de officieuze ideoloog van het liberaal flamingantisme kan worden  omschreven. Als rector van de Gentse u... Lees meer in 1916 naar Duitsland was weggevoerd vanwege zijn protest tegen de vernederlandsing van de Gentse universiteit door de Duitse bezetter en zij meer in het algemeen niet akkoord gingen met de activistische collaboratie, verboden zijn ouders aan Van Werveke om zich in te schrijven aan de zogeheten Von Bissinguniversiteit Hoger onderwijs in Gent Hoger onderwijs in Gent Met de vernederlandsing in 1930 als hoogtepunt is de Gentse universiteit een belangrijk strijdpunt geweest in de Vlaamse beweging. Van het Latijn uit 1817 tot het Engels van vandaag: het ... Lees meer . Van 1916 tot 1918 volgde hij les aan de academie voor schone kunsten van zijn geboortestad, wat de aanzet vormde voor een levenslange en brede artistieke belangstelling. Tegelijk werkte hij voor de informatiedienst van het Gentse stadsbestuur, waardoor hij ontsnapte aan mogelijke verplichte tewerkstelling in Duitsland.

Na de Eerste Wereldoorlog Eerste Wereldoorlog Eerste Wereldoorlog De Vlaamse beweging is fundamenteel getekend door de Eerste Wereldoorlog. De oorlog maakte een verregaande democratisering onafwendbaar, met wezenlijke gevolgen voor het politieke draagv... Lees meer studeerde Van Werveke geschiedenis aan de Gentse universiteit. Zijn eindverhandeling over Het bisdom Terwaan van den oorsprong tot het begin der veertiende eeuw (1922) schreef hij onder de leiding van zijn academische leermeester Henri Pirenne Pirenne, Henri Pirenne, Henri Henri Pirenne (1862-1935) was een van de invloedrijkste Belgische historici uit de 20ste eeuw. Zijn werk, met name zijn zevendelige Histoire de Belgique, reflecteerde een Belgisch-nationa... Lees meer , over wiens historisch werk en persoonlijkheid hij later meermaals publiceerde.

Hoogleraar geschiedenis aan de Gentse universiteit

Na zijn afstuderen was Van Werveke werkzaam in het middelbaar onderwijs en vervulde hij zijn legerdienst. Toen de Gentse universiteit in 1924 gedeeltelijk werd vernederlandst ( Pierre Nolf Nolf, Pierre Nolf, Pierre Pierre Nolf (1873-1953) was minister van Kunsten en Wetenschappen. Hij gaf zijn naam aan de zogenaamde Nolf-barak, de scheldnaam voor de gedeeltelijke vernederlandsing op zijn initiatief... Lees meer ), werd hij er aangesteld tot deeltijds docent. Van Werveke werd titularis van het Nederlandstalige college ‘Geschiedenis van België’, dat Pirenne in het Frans onderwees. Tegelijk bleef hij les geven aan het Gentse meisjesatheneum en de rijksnormaalschool in de Arteveldestad, waar zijn latere echtgenote en moeder van hun drie dochters Elsa de Schamphelaere (1909-1986) een van zijn leerlingen was. Toen de Gentse universiteit in 1930 integraal werd vernederlandst, werd Van Wervekes functie van part time-docent omgezet in een voltijds hoogleraarschap. Tot hij in 1966 tot het emeritaat werd toegelaten, omvatte zijn leeropdracht hoor- en werkcolleges over middeleeuwse en economische geschiedenis en de geschiedenis van België.

In zijn historisch onderzoek concentreerde Van Werveke zich - in het voetspoor van de door hem bijzonder gerespecteerde Pirenne - op de economische en sociale geschiedenis van de middeleeuwen, met veel  aandacht voor financiële en muntgeschiedenis en demografie. Aan Pirennes benadering voegde hij - met zijn aanleg voor wiskunde - enerzijds de kwantificering van de verzamelde informatie toe en anderzijds - vanuit zijn belangstelling voor psychologie en psychoanalyse - de biografische insteek via het gebruik van egodocumenten.

Het nadrukkelijk Belgische perspectief van de grondlegger van de Gentse Historische School maakte bij zijn leerling Van Werveke plaats voor het beklemtonen van de voormalige Nederlanden als (alternatief) historiografisch Historiografie Lees meer kader. In het woord vooraf bij de laatste editie van het collegedictaat van zijn cursus Geschiedenis van België (1966) stelde Van Werveke het als volgt: ‘ België België België Geen Vlaamse beweging zonder België. Het is ook onmogelijk om België te begrijpen zonder de geschiedenis van de Vlaamse beweging erbij te betrekken. Tussen het ontstaan van een culturele ... Lees meer in zijn huidige gedaante, bestaat pas sedert 1831. (…) In de middeleeuwen en de 16de eeuw is het dus gewenst de geschiedenis van het grondgebied van het huidige België en Nederland Nederland Nederland is met Vlaanderen verbonden door de economische infrastructuur, de taal en de geschiedenis. Vanaf eind 18de eeuw kreeg die verbondenheid in taal en cultuur op uiteenlopende mani... Lees meer in nauw verband met elkaar te behandelen’.

Van Werveke werd bij zijn beoefening van de geschiedschrijving mede geïnspireerd door het vernieuwende en richtinggevende Franse historische tijdschrift Annales (1929-). Na zijn emeritaat legde hij zich toe ‘op de historische biografie en op de psychologische benadering van de menselijke drijfveren’, wat onder meer resulteerde in het postuum uitgebrachte Een Vlaamse graaf van Europees formaat: Filips van de Elzas (1976).  

Na eerder de functie van ondervoorzitter te hebben bekleed, was Van Werveke van 1953 tot zijn overlijden voorzitter van de Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde van Gent, waarvan zijn vader in 1893 medeoprichter en later secretaris was geweest. Net als laatstgenoemde publiceerde hij uitvoerig over de (middeleeuwse) geschiedenis van Gent, onder andere de historische monografieën De Gentse stadsfinanciën in de middeleeuwen (1935) en Gent, schets van een sociale geschiedenis (1945).

Willemsfonds

Van Werveke was vanaf zijn jeugd actief in het Willemsfonds, waarvan hij in 1938  ondervoorzitter werd, in 1951 voorzitter en in 1962 erevoorzitter. Vanuit die functies fungeerde deze humanistische intellectueel meermaals als luis in de pels van de liberale partij Liberale Partij (1846-1961) Lees meer , in het bijzonder inzake de communautaire verhoudingen.

Als ondervoorzitter van het Willemsfonds lag Van Werveke in 1949 mee aan de basis van het pluralistische Algemeen Vlaams Comité Algemeen Vlaams Comité Het Algemeen Vlaams Comité was een pluralistisch samenwerkingsverband dat in 1949-1950 het Vlaamsgezinde eisenpakket onder de aandacht bracht. Lees meer , dat het verzet in Vlaanderen en Brussel coördineerde tegen de publicatie van de gecontesteerde talentelling Taaltelling Taaltelling Talentellingen waren gekoppeld aan de tienjaarlijkse volkstellingen in België (1846-1947). De resultaten hadden grote gevolgen voor het taalstatuut van de gemeenten rond Brussel-hoofdsta... Lees meer van 1947. Die was, terwijl de bestraffing van de collaboratie Collaboratie Collaboratie Collaboratie verwijst naar de samenwerking met de bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog, in casu van het Vlaams-nationalisme en een deel van de Vlaamse beweging. Lees meer van een goed deel van de Vlaamse beweging tijdens de Tweede Wereldoorlog Tweede Wereldoorlog Tweede Wereldoorlog De Tweede Wereldoorlog werd in Vlaanderen getekend door de onvoorwaardelijke collaboratie van het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV). De samenwerking met de bezetter en de bestraffing erva... Lees meer volop bezig was, georganiseerd in een Vlaams-vijandig klimaat, zeker in Brussel en omgeving, met een vertekening van de werkelijke taalverhoudingen ten nadele van Vlaanderen als gevolg.

Van Werveke, een Belgisch gezinde Vlaming en het tegenbeeld van een anti-Belgicist, toonde zich na de Tweede Wereldoorlog een voorstander van culturele autonomie voor Nederlands- en Franstaligen, maar beklemtoonde tegelijk het belang van de wettelijke bescherming van en het maatschappelijke respect voor de vrijzinnige Vrijzinnigheid Vrijzinnigheid Dit artikel belicht de relatie tussen de Vlaamse beweging en de vrijdenkersbeweging van de 19de eeuw tot nu. Lees meer minderheid in Vlaanderen. Dat laatste ‘even goed voor de belangen van de katholieken in Wallonië’, zoals hij benadrukte in een toespraak tijdens de algemene vergadering van het Willemsfonds op 26 april 1959 waarin hij de actuele stand van zaken van de Vlaamse beweging opmaakte.

Van Werveke was wat men destijds een strijdbare Vlaming noemde en toonde zich geregeld kritisch in verband met de taalsituatie in België. Hij deed dat altijd vanuit een constructieve bereidheid tot overleg, maar uitgaande van de belangen van Vlaanderen en ‘de’ Vlamingen. Over het federalisme Federalisme Federalisme Sinds het begin van de 20ste eeuw behoort federalisme tot het programma van eerst de Waalse en vervolgens ook de Vlaamse beweging. Vanaf 1970 is de transformatie van België van unitaire t... Lees meer , dat binnen de Vlaamse beweging vanaf de jaren 1960 opgang maakte, oordeelde hij in zijn brochure Talenstrijd in België uit 1962 dat ‘men tot nog toe geen nauwkeurige voorstelling heeft kunnen geven van de wijze waarop een dergelijke federale staat zou moeten werken om geen chaos in het leven te roepen’. Zes jaar later, tijdens de algemene vergadering van het Willemsfonds in Gent op 24 maart 1968, concludeerde hij dat ‘alleen de vestiging van Leuven-Frans in het Franstalige landsgedeelte beantwoordt aan de beginselen op grond waarvan de Belgische staat moet blijven voortbestaan’. Franstalig onderwijs Onderwijs Lees meer , op welk niveau ook, was voor Van Werveke na de vastlegging van de taalgrens Taalgrens Taalgrens Het begrip ‘taalgrens’ verwijst in het algemeen naar een grens die twee bevolkingsgroepen die een verschillende taal spreken van elkaar scheidt en in het bijzonder naar de grens tussen he... Lees meer in 1962 onaanvaardbaar in een eentalig Vlaanderen als onderdeel van een meertalig België.

Ondertussen had hij zich als erevoorzitter van het Willemsfonds openlijk verzet tegen het ‘Taalvergelijk van Luik’, dat in januari 1966 door de sterk unitaristische Partij voor Vrijheid en Vooruitgang Partij voor Vrijheid en Vooruitgang (PVV) Lees meer was overeengekomen, met de bedoeling de interne communautaire spanningen te pacificeren. Het compromis werd - zij het niet zonder slag of stoot - aanvaard door de Vlaamse liberale parlementsleden, maar kon niet verhinderen - wel integendeel - dat in 1971 een zelfstandige Vlaamse en een op zich staande Franstalige liberale partij werden opgericht.

Van Werveke was medestichter en eerste voorzitter van de Stichting Het Laatste Nieuws Het Laatste Nieuws Het Laatste Nieuws Het Laatste Nieuws was een liberaal en Vlaamsgezind dagblad, waarvan het eerste nummer op 7 juni 1888 verscheen. In 2023 bestaat de krant nog steeds als een populair dagblad voor een bree... Lees meer , die in 1955 werd opgericht om erover te waken dat ‘deze krant blijft voorbestaan als Vlaams liberaal en humanistisch blad’. Van 1935 tot 1969 was hij  redacteur van het literair-culturele blad van liberale signatuur De Vlaams(ch)e Gids De Vlaamse Gids (met) Boek & Biliotheek De Vlaamse Gids (met) Boek & Biliotheek De Vlaamse Gids (1905-2000) was een flamingantisch en liberaal tijdschrift. Het werd gesticht door Max Rooses, met medewerking van Paul Fredericq en Jozef Vercoullie. Het blad was feiteli... Lees meer , waarin hij herhaaldelijk publiceerde.  

Nederland

Van Werveke, wiens Gentse schoonmoeder van Nederlandse origine was, zette zich sterk in voor samenwerking met Nederland in het algemeen en met Nederlandse vakgenoten in het bijzonder. Zo richtte hij zowel het historisch tijdschrift Nederlandsche Historiebladen Nederlandsche Historiebladen Nederlandsche Historiebladen Het historische tijdschrift Nederlandsche Historiebladen (1938-1940/1941) was een initiatief van de Nederlandse historicus en Groot-Nederlander Pieter Geyl. Het blad was strikt wetenschap... Lees meer (1938-1941) als de naoorlogse opvolger ervan, Bijdragen tot de Geschiedenis der Nederlanden, mee op. In 1939 nam hij samen met de Nederlandse economische historicus Zeger Willem Sneller (1882-1950) het initiatief tot de Belgisch-Nederlandse Historische Congressen. Na de Tweede Wereldoorlog maakte hij deel uit van de hoofdredactie van de twaalfdelige Algemene Geschiedenis der Nederlanden (1949-1958). Van Werveke bracht ook een uitwisselingsakkoord voor historici tot stand tussen de rijksuniversiteiten van Gent en Utrecht. Van laatstgenoemde academische instelling ontving hij - op initiatief van zijn Utrechtse collega-hoogleraar, vriend en generatiegenoot Conraad Dirk Jan Brandt (1897-1966) - in 1961 een eredoctoraat.  

Net als tal van academische vak- en ambtsgenoten van uiteenlopende ideologische origine werkte Van Werveke mee aan de zesdelige Geschiedenis van Vlaanderen (1936-1940; 1949), die werd geïnitieerd en gecoördineerd door de Vlaams-nationalistische historicus Robert van Roosbroeck Van Roosbroeck, Rob Van Roosbroeck, Rob Robert van Roosbroeck (1898-1988) was een onderwijzer, publicist en historicus. Hij was betrokken bij het activisme en de collaboratie, onder andere als schepen van Antwerpen en lid van d... Lees meer . ‘De Geschiedenis van Vlaanderen’, zo verklaarde hij in 1968, ‘was een uiting van het Vlaamse bewustzijn. Of dat een gunstig kader is voor het schrijven over het verleden, is een andere vraag. Men heeft het gedaan zo goed als het kan. Het kader van de Algemene Geschiedenis der Nederlanden is zeker meer verantwoord’. Ook aan het door dezelfde Van Roosbroeck geredigeerde verzamelwerk 100 Groote Vlamingen. Vlaanderens roem en grootheid in zijn beroemde mannen (1941), eveneens met bijdragen van auteurs met diverse filosofische achtergronden, verleende hij zijn medewerking. Het Heel-Nederlandse perspectief op de geschiedenis van België en Nederland vormde voor Van Werveke een essentiële, zij het niet de enige, component van zijn benadering van het verleden van beide landen.

Archief

Werken

— Een Geschiedenis van de Nederlandsche Talengemeenschap, in: De Vlaamsche Gids, 1931-1932, nr. 1, pp. 5-11.
— Hoe zien de Vlamingen hun verleden?, 1938.
— Lodewijk de Raet als geschiedschrijver van de Vlaamsche economie, in: De Vlaamsche Gids, 1939, pp. 111-115.
— Hoe zien de Vlamingen de culturele toenadering tot Nederland?, in: De Vlaamse Gids, 1948, pp. 70-74.
— Het Willemsfonds en de Vlaamse beweging, 1959.
— De geschiedenis van het Vlaams-nationalisme naar aanleiding van een onlangs verschenen studie’, in: De Vlaamse Gids, 1960, pp. 1-12.
— Talenstrijd in België, 1962.
— Willemsfonds, in: Neerlandia, 1963, nr. 6, pp. 97-99.
— Eendracht maakt macht, lotgevallen van een nationale wapenspreuk, in: Album archivaris Jos. de Smet, 1964, pp. 355-360.
— In memoriam prof. dr. Pieter Geyl (15 december 1887 - 31 december 1966), in: Jaarboek van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België, 1967, pp. 322-327.
— Miscellanea maediaevalia. Verspreide opstellen over sociale en economische geschiedenis van de middeleeuwen, 1968.
— De universitaire expansie en het probleem Leuven, 1968.
— Langs Clio’s paden, 1969.
— Paul Fredericq in de spiegel van zijn dagboek, 1979.
— Herinneringen uit Kinderjaren en Jeugd, 2000.

Literatuur

— Rijksuniversiteit Gent. Liber Memorialis 1913-1960. Dl. 1: Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, 1960, pp. 280-284.
— F. L. Ganshof, Over het oeuvre van Hans van Werveke, in: H. van Werveke, Miscellanea maediaevalia. Verspreide opstellen over economische en sociale geschiedenis van de middeleeuwen, 1968, pp. XIII-XXVIII (bibliografie: pp. XXIX-XXXIX).
— A. Verhulst, Hans van Werveke zeventig, in: De Vlaamse Gids, 1968, nr.1, pp. 3-7.
— Prof. em. dr. Hans van Werveke. Het Lage Huis. Nieuwstraat 12, Sint-Denijs-Westrem, in: J. Florquin, Ten huize van…, dl. 6, 1970, pp. 149-181.
— A. Verhulst, In memoriam: Prof. em. Hans van Werveke, in: De Brug, 1974, nr. IV, pp. 301-304.
— W. Prevenier, In memoriam Prof. Dr. H. van Werveke, in: Bulletin van het OSGG (Oud-studenten geschiedenis van de rijksuniversiteit Gent), november 1974, pp. 3-36.
— S. J. de Laet, ‘In memoriam Professor Dr. Hans van Werveke (1898-1974)’, in: Handelingen van de Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent, 1974, pp. I-IV.
— F. L. Ganshof, Hans van Werveke (1898-1974), in: Jaarboek van de Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België, 1974, pp. 363-369.
— R. van Caenegem, In memoriam prof. dr. H. van Werveke (1898-1974), in: Bijdragen en Mededelingen betreffende de Geschiedenis der Nederlanden, 1975, pp. 81-84.
— A. Verhulst, Prof. Dr. H. van Werveke, in: Belgisch Tijdschrift voor Filologie en Geschiedenis, 1975, nr. 2, pp. 669-678.
— W. Prevenier, In memoriam Hans van Werveke, in: Tijdschrift voor Geschiedenis, 1975, pp. 1-5.
— W. Prevenier, Hans van Werveke, in: Twintig eeuwen Vlaanderen, dl. 14, 1976, pp. 381-384.
— W. Blockmans, Hans van Werveke, in: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1976, pp. 187-192.
— M. van Wesemael, Werveke, Alfons van, in: Nationaal Biografisch Woordenboek, dl. 7, 1977, kol. 1061-1070.
— W. Prevenier, Werveke, Johannes van, in: Nationaal Biografisch Woordenboek, Brussel, 1977, dl. 7, kol. 1070-1076.
— A. Verhulst, Hans van Werveke 1898-1974, in: Bulletin van de Koninklijke Commissie voor Geschiedenis, 1984, pp. 124-134.
— W. Prevenier, Memoires: een betrouwbare vorm van egodocument?. Inleiding tot “Herinneringen uit Kinderjaren en Jeugd” van Hans van Werveke, in: H. van Werveke, Herinneringen uit Kinderjaren en Jeugd, 2000, pp. 5-27.
— H. van Velthoven en J. Tyssens, Vlaamsch van taal, van kunst en zin. 150 jaar Willemsfonds (1851-2001), 2001.
— W. Prevenier, Van Werveke, Hans (1898-1974), 2015, geraadpleegd op 3 februari 2026, op: www.ugentmemorie.be/personen/van-werveke-hans-1898-1974

Suggestie
Citeren

1975: Walter Prevenier (pdf)

1998: Walter Prevenier (pdf)

2024: Dries Van Thielen

2026: Nico Van Campenhout

Databanken

Inhoudstafel