Blieck, Frans

Persoon
Joachim Hoste (2024, aanvulling), Gert Van Overloop (1998, aanvulling)

Frans Jozef Blieck (1805-1880) zette zich als dichter van gelegenheidspoƫzie en 'taalminnaar' in voor het behoud van het Nederlands in Vlaanderen. Daarbij evolueerde hij van orangisme naar een politiek neutraal standpunt en vervolgens een conservatief katholicisme.

Volledige voornaam
Frans Jozef
Geboorte
Wervik, 24 december 1805
Overlijden
Wervik, 28 april 1880
Suggestie
Citeren
Leestijd: 3 minuten

Frans Blieck was afkomstig uit een familie die actief was in de Wervikse rederijkerskamer. Hij liep in Wervik eerst school in een meisjesschool en daarna in een jongensschool. Vervolgens ging hij in 1824 naar het Sint-Annaschool in Kortrijk, waar hij zijn eerste gedichten schreef. Hij werd notarisklerk en later notaris in Izegem (1842-1862) en in Beveren-bij-Roeselare. Nadat hij zijn notarisambt had neerlegd, verhuisde hij naar Izegem. In 1880 keerde hij naar zijn geboortestad terug.

Literaire activiteiten

Naast zijn werk als notaris was Blieck gelegenheidsdichter. Hij meende dat poƫzie een belangrijke rol speelde in het behoud van de Nederlandse taal Taal Taal De ontwikkeling van het Nederlands vormde tot diep in de 20ste eeuw een fundamenteel aandachtspunt in de Vlaamse beweging. De wijze waarop het geschreven en gesproken Nederlands gehanteer... Lees meer in Vlaanderen. Met succes nam hij deel aan verschillende poƫziewedstrijden. In 1834 werd hij in een door de regering uitgeschreven wedstrijd bekroond voor zijn gedicht De triomf der nationale onafhankelijkheid. Het lot des vaderlands.

Blieck kwam in contact met andere letterkundigen en "taalminnaren" zoals Karel L. Ledeganck Ledeganck, Karel L. Ledeganck, Karel L. Karel Lodewijk Ledeganck (1805-1847) was een Vlaams ambtenaar, politicus, jurist en dichter uit Eeklo. Hij was een cultuurflamingant en schreef een dichterlijke trilogie die in de Vlaamse... Lees meer en Philip M. Blommaert Blommaert, Philip M. Blommaert, Philip M. Jurist en letterkundige Philip M. Blommaert (1808-1871) was liberaal gemeenteraadslid en schepen in Gent en gedeputeerde van de provinciale staten van Oost-Vlaanderen. Samen met Ferdinand... Lees meer . Vooral met Ferdinand A. Snellaert Snellaert, Ferdinand A. Snellaert, Ferdinand A. Ferdinand Augustijn Snellaert (1809-1872) was arts en filoloog, een van de leidende figuren van de jonge Vlaamse beweging en pleitbezorger voor culturele eenheid met Nederland. Lees meer onderhield hij nauwe vriendschapsbanden. In 1834 richtte hij samen met enkele oud-leerlingen van het Klein Seminarie van Roeselare Klein Seminarie van Roeselaere Klein Seminarie van Roeselaere In het Klein Seminarie van Roeselare, opgericht in 1806, liepen tal van belangrijke figuren uit de Vlaamse beweging school of gaven er les (Gezelle, Verriest, Rodenbach). In 1875 ontstond... Lees meer de letterkundige kring De Vriendschap op; hij werd voorzitter en later erevoorzitter. Verder werkte hij onder meer mee aan het Nederduitsch Letterkundig Jaarboekje Nederduitsch Letterkundig Jaerboekje Het Nederduitsch Letterkundig Jaarboekje was een gewaardeerd anthologietijdschrift gericht op een breed publiek dat tussen 1834 en 1875 in Gent verscheen. Het bracht jaarlijks een goed ov... Lees meer , het Kunst- en Letterblad Kunst- en Letterblad Kunst- en Letterblad Het Kunst- en Letterblad (1840-1845) was een tijdschrift dat van 1840 tot 1843 in Gent en daarna in 1844 en 1845 in Antwerpen verscheen. Het besteedde aandacht aan de Nederlandstalige lit... Lees meer en de Nederduitsche Letteroefeningen Nederduitsche Letteroefeningen Nederduitsche Letteroefeningen was het eerste Nederlandstalige literaire tijdschrift dat na de Belgische omwenteling verscheen. Lees meer . Vanuit zijn taalflamingantisme zette Blieck zich ook in voor het behoud van de rederijkerstraditie. In 1878 werd hij Ridder in de Leopoldsorde voor zijn bijdrage aan de taal- en letterkunde.

Politieke opvattingen

In het begin van zijn carriĆØre was Blieck orangistisch, dus Nederlandsgezind en trouw aan het koningshuis van Oranje. In Verdeelde liefde dichtte hij schertsend dat ā€˜tael der vaderen, door de omwenteling aengerand’ was en de ā€˜nederlandschen zin’ verdooft werd. Verder uitte hij zijn orangisme Orangisme Het orangisme is de verzamelterm voor het verzet tegen de Belgische afsplitsing van het Koninkrijk der Nederland onder leiding van Willem I van Oranje. Lees meer niet vaak, maar in een nagelaten handschrift verklaarde hij zelf Nederlandsgezind geweest te zijn.

Vanaf 1834 gaf hij de literatuur echter voorrang op de politiek en lijkt hij ook van het orangisme afgestapt te zijn. In 1835 en 1836 mat hij zich een politieke neutraliteit aan die hij ā€˜indiffirentisme’ noemde. Later werd hij conservatief en streng katholiek. Met zijn gedicht Voortgang reageerde hij in 1843 voor het eerst openlijk tegen de liberalen omdat hij hun anti-katholicisme als een bedreiging voor de christelijke leer en een zedelijke maatschappij zag. De liberale criticus J.F. Heremans Heremans, Jacob Heremans, Jacob Jacob Heremans (1825-1884) was een Gentse hoogleraar taal- en letterkunde, die als publicist en initiatiefnemer een prominente rol speelde in de liberale Vlaamse en Groot-Nederlandse bewe... Lees meer verweet hem daarop dweperij en stilstand te midden van de onstopbare ā€œvolksbeschavingā€.

Ook Bliecks poĆ«zie was behoudend: hij volgde het voorbeeld van de Nederlandse dichter Willem Bilderdijk Bilderdijk, Willem Bilderdijk, Willem De Nederlandse dichter Willem Bilderdijk (1756-1831) genoot in de 19de eeuw een grote populariteit onder Vlaamse dichters als Jan Frans Willems, Prudens van Duyse en Maria Doolaeghe. Zijn... Lees meer en schreef in alexandrijnen, die hij in zijn huldevers Aen het Alexandryn de ā€˜vorst van ’t versdom’ noemde. Toch was hij ook vernieuwend in zijn psalmenvertaling in vrij vers. Waar eerdere vertalers een streng metrisch versmaat gebruikten, respecteerde hij de parallelvorm van het Hebreeuws en gebruikte hij regels van niet meer dan vier versvoeten of maatslagen van twee, drie of vier lettergrepen.

Werken

– De triomf der nationale onafhankelijkheid. Het lot des vaderlands, 1834.
– Geschiedenis der Wervicksche rederykkamer, oudtyds genaemd Droogaers
, 1856.
–
De laatste rederijkers. Uit een nagelaten handschrift, in: Nederlandsche Dicht- en Kunsthalle, 1887, pp. 363-385.

Literatuur

– P. Denijs, Over de Vlaamsche taal langs Vlaanderens grenzen en de dichter Blieck, in: Handelingen van het XXVIIste Nederlandsche Taal- en Letterkundig Congres, 1904.
– E. de Bock, Ondergang en herstel, of het begin van de Vlaamse Beweging, 1970.
– A. Renier, Frans Jozef Blieck en de Vlaamse Beweging. Een onderzoek naar standpunten en opinies, Rijksuniversiteit Gent, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, 1983.
– A. de Vos, Het gedachtengoed in de psalmenvertalingen van Fr. J. Blieck, in: Gezelliana, jg. 4, 1992, pp. 32-38.
– C. GermonprĆ©, Frans Jozef Blieck: ā€œTaalminnaar en flamingantā€, in: VWS-Cahiers, jg. 30, 1995, p. 4.
– P. Couttenier, ā€œDe zon is Bilderdijkā€: Enkele aspecten van de Bilderdijk-receptie in Vlaanderen, in: Het Bilderdijk-Museum, jg. 21, 2004, pp. 8-13.
– W. van den Berg en P. Couttenier, Alles is taal geworden. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1800-1900, 2016.

Suggestie
Citeren

1973: Jan Hardy (pdf)

1998: Gert Van Overloop (pdf)

2024: Joachim Hoste

Databanken

Inhoudstafel