Moderne School

Publicatie

Moderne School (1927-1941) was een vernieuwend pedagogisch tijdschrift dat niet alleen voor de hervorming van het Belgische onderwijs ijverde, maar ook een lans brak voor onderwijs in de moedertaal.

Volledige titel
Moderne School
Periode
1927 -
1941
Leestijd: 4 minuten

Het pedagogische maandblad Moderne school werd in 1927 opgericht door de Vlaamse pedagoog Jozef-Emiel Verheyen Verheyen, Jozef Pedagoog Jozef Verheyen (1889-1962) was hoogleraar aan de Gentse universiteit. Hij was medewerker van de Vlaamsche Opvoedkundige Vereeniging en publiceerde over pedagogie. Lees meer . Van begin 1927 tot eind 1930 was dit blad tevens het orgaan van de Vlaamsche Opvoedkundige Vereeniging Vlaamsche Opvoedkundige Vereeniging (VOV) De Vlaamsche Opvoedkundige Vereeniging was een pluralistische pedagogische vereniging, gesticht in 1922 en ontbonden bij het begin van de Tweede Wereldoorlog. Lees meer . Moderne School wilde het onderwijzend personeel van het Vlaamse lager onderwijs Lager onderwijs Lager onderwijs De ‘taalstrijd’ in Vlaanderen is op het niveau van het lager onderwijs minder problematisch verlopen dan op dat van het middelbaar en van het hoger onderwijs. Toch was de verfransing van ... Lees meer hulp bieden bij de dagelijkse klaspraktijk en hen tevens op de hoogte houden van de binnen- en buitenlandse onderwijsvernieuwingen. Tot de medewerkers behoorden heel wat practici uit het lager onderwijs, onder meer John Broeders, Hendrik van Tichelen, W. Schneider, Hilaire Deman en A. de Saeger, maar occasioneel ook enkele bekende Gentse hoogleraren, zoals Frank Baur Baur, Frank Baur, Frank Frank Baur (1887-1969) was een journalist, criticus, hoogleraar en veelgevraagd redenaar. Lees meer , Nico Gunzburg Gunzburg, Nico Gunzburg, Nico Nico Gunzburg (1882-1984) was een Vlaamsgezinde rechtsgeleerde en criminoloog, die in 1923 benoemd werd aan de Rijksuniversiteit Gent. Lees meer , Paul van Oye Van Oye, Paul Van Oye, Paul Paul van Oye (1886-1969) was hydrobioloog en hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Gent. Hij leverde als flamingant een cruciale bijdrage aan de vernederlandsing van het wetenschappelijke l... Lees meer en Floris van der Mueren Van der Mueren, Floris Van der Mueren, Floris Musicoloog Floris van der Mueren (1890-1966) was hoogleraar aan de Gentse universiteit. Hij was secretaris van het Davidsfonds en promotor van het ABN. Ook was hij politicus voor de Katho... Lees meer .

Na het verschijnen van het Rijksleerplan voor het lager onderwijs in 1936 nam Leo Roels (die een van de opstellers was van het nieuwe leerplan) mee de leiding van Moderne School in handen. Af en toe bracht Moderne School een themanummer uit, onder meer het Guido Gezelle Gezelle, Guido Gezelle, Guido Guido Gezelle (1830-1899) was een Vlaamse priester die de Vlaamse volkstaal verdedigde binnen het algemeen Nederlands. Hij verwierf grote bekendheid als lyrisch dichter van religieuze nat... Lees meer -nummer in mei 1930. Vanaf mei 1941 werd Moderne School bij dezelfde uitgever-drukker en met dezelfde redactie voortgezet als Vlaamsche Paedagogiek Vlaamsche Paedagogiek Vlaamsche Paedagogiek Vlaamsche Paedagogiek was een tijdschrift dat tussen 1941 en 1944 verscheen, onder leiding van Jozef-Emiel Verheyen en Leo Roels. Het blad was de opvolger van Moderne School (1927-1941) e... Lees meer (1941-1944).

Voorstander van onderwijshervorming

Met Moderne School lag oprichter Verheyen volgens Marc Depaepe en anderen mee aan de basis van ‘een denken, spreken en handelen inzake opvoeding en onderwijs dat generaties lang in Vlaanderen zou worden volgehouden’. Moderne School werd volgens Verheyen zelf geboren ‘uit de nooden van dezen nieuwen tijd’: hij stond kritisch tegenover de slaafse onderwerping aan de autoriteit van de meester en de militaritische tucht die volgens hem de school regeerde. Hoewel het periodiek zich tot een ruim en divers lezerspubliek richtte, toonde het zich uitdrukkelijk voorstander van reformpedagogische onderwijs Onderwijs Lees meer vernieuwingen die het kind, de school en de samenleving als een onlosmakelijk verbonden eenheid benaderden. Al in het eerste nummer werd een lans gebroken voor een vernieuwd onderwijsmodel ‘dat, staande midden in het volle leven, deel uitmaakt van dat leven en aan de verwachtingen van dezen tijd beantwoordt’. Moderne School bood in dit verband zowel theoretische bespiegelingen over, als praktische handvaten voor de onderwijspraktijk.

Moderne School werd gekenmerkt door een opmerkelijke uniformiteit. Het tijdschrift bestond uit een reeks vaste rubrieken die gedurende de hele bestaansperiode vrijwel ongewijzigd bleven, al kwamen er af en toe wel wisselende rubrieken bij. ‘Binnen-en Buitenlandsche stroomingen’ en ‘Realia’ (een rubriek die voor het eerst verscheen in 1930) informeerden de lezer over de recentste (inter-)nationale onderwijsinitiatieven. in een breed scala aan pedagogische velden, waaronder de kinderbescherming, het onderwijs, de orthopedagogiek, enzovoort. Ook het werk van vooraanstaande pedagogen en onderwijsvernieuwers, zoals Maria Montessori of Friedrich Fröbel, kwam regelmatig aan bod. In de rubriek ‘Boekbesprekingen’ was het hoofdzakelijk Verheyen zelf die de belangrijkste pedagogische werken selecteerde en besprak.

Moderne School beperkte zich echter niet tot louter theoretische beschouwingen, zoals mag blijken uit rubrieken als ‘Methodiek der Leervakken’ en ‘Voor de Practijk’. Dat de vertaalslag naar die praktijk niet volgens een strikt gedefinieerd model kon verlopen, stond voor het tijdschrift buiten kijf. In zijn hoofdartikelen wees Verheyen geregeld op het gevaar van slaafse navolging en een te stringente (overheids)regulering en programmering. De rol van de overheid diende zich volgens hem te beperken tot de omkadering (salariëring, infrastructuur, …). Het was aan de pedagogische deskundigen om op inhoudelijk vlak richting te geven aan het onderwijs.

Ideologisch profiel

Doordat Moderne School de klemtoon legde op de zelfontwikkeling van het kind en een actieve rol die het opnam in zijn intellectuele ontwikkeling, karaktervorming en sociale opvoeding, schuurde het tijdschrift bijwijlen aan tegen meer normatieve pedagogische benaderingen, zoals de katholieke pedagogiek en fascistoïde opvoedingsstelsels, die tijdens het interbellum opgeld deden. Zo ging ook in het hervormingsgezinde discours van Moderne school de gemeenschap voor op het individu. Vanuit die overtuiging brak Moderne School ook een lans voor een onderwijs in de moedertaal. Het blad stelde dat het onderwijs in Vlaanderen in het Nederlands moest worden georganiseerden verwees daarbij onder meer naar het belang van de moedertaal voor de (latere) integratie van het kind in de Vlaamse cultuurgemeenschap.

Toen het tijdschrift in het laatste nummer van 1941 het bilan van zijn activiteiten opmaakte, concludeerde het dat het langzaam maar zeker de plaats had veroverd in het Vlaamse cultuurlandschap ‘waarop de Paedagogiek en haar beoefenaars recht hebben’. Dat er in Vlaanderen tijdens het interbellum een bloeiende pedagogische beweging was ontstaan was volgens het blad mede ingegeven door de introductie van het nieuwe leerplan in 1936, dat een aantal van de door Moderne School bepleitte onderwijshervormingen doorvoerde.

Literatuur

– M. de Vroede (e.a.), Bijdragen tot de geschiedenis van het pedagogisch leven in België in de 19de en 20ste eeuw. Deel IV. De periodieken 1914-1940, 1987.
– M. Depaepe, F. Simon & A. van Gorp, Pedagogische Praat. Over het discours van de schoolman Jozef Emiel Verheyen, in: M. Depaepe (red.), Over het mooie en het nuttige: bijdragen over de geschiedenis van opvoeding en onderwijs: liber amicorum aangeboden aan Mark D’hoker, 2008.
– S. van Ruyskensvelde & M. Depaepe, Vlaamsche Paedagogiek. Progressive educationalists and the construction of a Flemish Volksgemeinschaft 1941-1944, in: Paedagogica Historica, jg. LVI, 2020, nr. 5, pp. 587-604.

Suggestie
Citeren

1975: Cyriel Verleyen (pdf)

1998: Henk Van Daele (pdf)

2024: Sarah Van Ruyskensvelde

Inhoudstafel