Lateur, Frank (pseudoniem Stijn Streuvels)
Frank Lateur (1871-1969), beter bekend onder zijn pseudoniem Stijn Streuvels, was een toonaangevende Vlaamse schrijver, die ondanks zijn individualistische ingesteldheid geregeld Vlaamsgezinde standpunten innam.
Toon Breës (2024), Toon Breës (1998). Lateur, Frank (pseudoniem Stijn Streuvels). In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2024. https://devb.be/id/per-007851.
Literaire doorbraak
Hij werd al vroeg bevriend met Emmanuel de Bom
De Bom, Emmanuel Emmanuel de Bom (1868-1953) was een Vlaamse schrijver, redacteur, journalist en bibliothecaris. Lees meer en werd medewerker aan het toonaangevende literaire tijdschrift Van Nu en Straks
Van Nu en Straks Van Nu en Straks (1893-1901) was een literair en cultureel tijdschrift, dat voor Vlaanderen vernieuwend was doordat het aansloot bij internationale eigentijdse denkrichtingen zoals het an... Lees meer . Tot zijn eerste werken behoren Lenteleven (1899), De oogst (1900) en Langs de wegen (1902).
Begin 1887 namen Streuvels’ ouders in Avelgem de voorouderlijke bakkerij over van twee ooms. Streuvels zou het beroep van bakker uitoefenen tot 1905, toen de bakkerij werd overgelaten. In de zomer van dat jaar vestigde hij zich in Ingooigem in Het Lijsternest; en op 19 september van hetzelfde jaar trouwde hij met Alida Staelens.
In 1907 publiceerde hij De vlaschaard, dat doorgaans als zijn meesterwerk wordt beschouwd. Nochtans waarderen de recente kenners meer de novelle Het leven en de dood in de ast (1926) en in de roman De teleurgang van de Waterhoek (1927). Tot Streuvels’ ander belangrijk werk horen onder meer Minnehandel (1903), De blijde dag (1909), Het kerstekind (1911), Prutske (1922) en Levensbloesem (1937).
De visionaire sterkte, de scheppende taalkracht van zijn proza en de universaliteit van zijn thematiek tillen zijn werk uit boven de (West-)Vlaamse herkenbaarheid en laten particularisme en streekliteratuur ver achter zich. Kenmerkend is niet alleen de waarneming vanuit de hoogte, die de mensen tot nietige stippen herleidt binnen het grote, onverroerbare ‘wielen van het ronde jaar’ (De vlaschaard, 2021, p. 21), maar ook het sterk inzoomen op het menselijke gebeuren, dat gekarakteriseerd wordt door machteloze berusting of zinloos verzet.
Streuvels en de Vlaamse kwestie
Voor de culturele emancipatie van Vlaanderen heeft zijn oeuvre een grote cultuurhistorische betekenis en het blijft tegelijk een sociologisch document van eerste rang.
De individualistisch ingestelde Streuvels gaf in diverse publicaties blijk van zijn Vlaamsgezindheid. In 1907 zette hij zich in ‘De verbazing van een landman’ (Vlaanderen, jg. 5, p. 385-396) bijzonder nadrukkelijk in voor de vernederlandsing van het onderwijs: ‘een Vlaams onderwijs van onder te boven (...) een Vlaams onderwijs of geen onderwijs’. De methode van de Vlaamse strijd, die zich vooral uitte in massamanifestaties en redevoeringen, vond hij nutteloos. Hij riep op tot staking en boycot, ook toen hij zich in 1909 met betrekking tot de vernederlandsing van het hoger onderwijs
Hoger onderwijs De evolutie van het Vlaamse hoger onderwijs werd gekenmerkt door een moeizame vernederlandsingspolitiek, gaande van het vroegste verschijnen van Nederlandstalig onderwijs tot de integrale... Lees meer in ‘Strijd of Zegepraal’ ( Hooger Leven
Hooger Leven (1906-1914) Het weekblad Hooger Leven was van 1906 tot 1914 een belangrijke spreekbuis van het katholieke flamingantisme. Lees meer , jg. 4, nr. 36 en 37, 4 en 7 september 1909) tot de Vlaamse studenten richtte: ‘Maar de vijand? de vijand zit in ons, wijzelf zijn onze vijanden, Vlamingen die onbewust zijn van hunne lafheid; (...) er ontbreekt ons vooreerst bewustzijn en konsekwentie!’ Uit Vlaamsgezind protest zegde hij in 1913 zijn abonnement op het katholieke Belgische dagblad Le XXe Siècle publiek op.
De Eerste Wereldoorlog
Streuvels’ wat dubbelzinnige houding schiep soms verwarring. Enerzijds ondersteunde hij zijn mening met zijn moreel gezag, maar anderzijds, geschrokken van de tegenstand die hij opriep, zwakte hij zijn verklaringen nadien weer af. In 1915 lokte de publicatie van zijn oorlogsdagboek in de Belgische pers Pers Van bij het ontstaan van de Vlaamse beweging vervulde de Nederlandstalige pers een belangrijke rol als spreekbuis. De veelheid aan Vlaamse kranten en (week)bladen die in de 19de en 20ste ... Lees meer en in het buitenland heftige reacties uit, waarin Streuvels van Duitse sympathieën beschuldigd werd. Hij kreeg verdedigers, maar ook felle tegenstanders, aanvankelijk vooral van uitgeweken Belgen ‘die veilig in Holland opgeborgen zaten’ (Ingooigem II, 2021, p. 97), terwijl de Duitse pers het dagboek misbruikte om de inval goed te praten.
Een groot deel van zijn dagboek zou hij niet meer publiceren. Het werd pas in 1978 ontdekt (en in 1979 gedeeltelijk gepubliceerd) door Luc Schepens, conservator van Het Lijsternest, dat ondertussen als museum was ingericht. Na lezing van het hele dagboek kan men Streuvels zeker geen pro-Duitse sympathieën toeschrijven. In 1917 weigerde hij overigens lid te worden van de Raad van Vlaanderen
Raad van Vlaanderen (1917-1918) De Raad van Vlaanderen (1917-1918) was een activistisch marionettenparlement tijdens de Eerste Wereldoorlog, dat onderdeel was van de Duitse plannen om in Vlaanderen een blijvende invloed... Lees meer .
Het interbellum
Door zijn aanwezigheid in 1919 op de Rodenbachfeesten
Rodenbachfeesten De Rodenbachfeesten is de verzamelnaam voor verschillende huldemanifestaties ter nagedachtenis van Albrecht Rodenbach. Lees meer te Roeselare en in 1931 op de IJzerbedevaart ondersteunde hij de idealen van de Vlaamse beweging. Op 3 februari 1925 werd hij lid van de Roomsch Katholieke Vlaamsch Nationale Vereeniging
Roomsch Katholieke Vlaamsch Nationale Vereeniging (RKVNV) De Roomsch Katholieke Vlaamsch Nationale Vereeniging (1924-1925) was een kortstondige formatie onder impuls van Lodewijk Dosfel, die het katholieke nationalisme in Vlaanderen ideologisch ... Lees meer . Met een interview in Ons Vaderland
Ons Vaderland (1926-1936) Ons Vaderland was van 1926 tot 1936 het weekblad van de Frontpartij. Het blad kende een moeizaam bestaan, zowel ten gevolge van financiële problemen en ideologische spanningen als door de... Lees meer van 3 januari 1926 (‘Ik ben volledig akkoord met het activistisch principe’) zorgde hij in 1926 - kort na zijn bevordering tot officier in de Leopoldsorde - opnieuw voor opschudding. Maar opnieuw haastte Streuvels zich om zijn verklaring af te zwakken en zelfs de verantwoordelijkheid ervoor te ontkennen.
In de jaren 1935-1936 raakte Streuvels verzeild in een vanuit Hamburg gestuurd Duits cultureel charmeoffensief jegens de Vlamingen (zie Flamenpolitik
Flamenpolitik Met het begrip ‘Flamenpolitik’ wordt verwezen naar de politiek die de Duitse bezetter voerde ten aanzien van de Vlaamse beweging tijdens de Eerste en de Tweede Wereldoorlog. Sommige aute... Lees meer ). Zo reisde hij op 26-27 mei 1935 naar Hamburg en naar de hoeve Thansen in de Lüneburger Heide voor een tweedaagse voordrachtreis. In 1936 werd aan Streuvels (tevens aan Cyriel Verschaeve
Verschaeve, Cyriel Cyriel Verschaeve (1874-1949) was een West-Vlaamse priester, literair auteur, kunstbeschouwer en publicist, die bekend werd als icoon van de Frontbeweging en het opkomende Vlaams-national... Lees meer en - postuum - aan René de Clercq
De Clercq, René René de Clercq (1877-1932) was een Vlaamsgezinde en sociaal georiënteerde dichter, die tijdens de Eerste Wereldoorlog een sleutelrol speelde bij het ontstaan en de radicalisering van het ... Lees meer ) in Hamburg de Rembrandtprijs toegekend. Streuvels reisde, volgens eigen zeggen, om gezondheidsredenen niet naar Hamburg om de prijs in ontvangst te nemen. Vermoedelijk was hij zich onvoldoende bewust van de ruimere politieke constellatie op dat moment.
De Tweede Wereldoorlog
Tijdens de Tweede Wereldoorlog
Tweede Wereldoorlog De Tweede Wereldoorlog werd in Vlaanderen getekend door de onvoorwaardelijke collaboratie van het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV). De samenwerking met de bezetter en de bestraffing erva... Lees meer raakte hij in een lastig parket, omdat de propagandamachine van Goebbels hem voor de Duitse zaak en voor de Flamenpolitik probeerde te winnen. Bij zijn zeventigste verjaardag werd aan Streuvels door de universiteit van Münster een eredoctoraat toegekend. Toen de rector magnificus met een Duitse delegatie op 4 oktober 1941 de oorkonde in Het Lijsternest kwam overhandigen, was Streuvels – sluw, maar ook gedurfd – afwezig. In de zomer van 1942 volgde Streuvels van dichtbij de Duitse verfilming van De vlaschaard. Dit zou hem na de oorlog ten laste worden gelegd, maar uiteindelijk werden de beschuldigingen geseponeerd.
Tijdens en na de oorlog bezorgde Streuvels autobiografisch werk in drie delen: Heule (1942), Avelghem (1946) en Ingoyghem (1951, 1957). In 1948 verscheen nog de roman Beroering over het dorp, en in 1960 de Kroniek van de familie Gezelle.
De oudere Streuvels bracht geen opschudding meer in het Vlaamse of Belgische kamp. Maar in 1959 - toen van Vlaamse zijde geageerd werd voor een vaste afbakening van de taalgrens
Taalgrens Het begrip ‘taalgrens’ verwijst in het algemeen naar een grens die twee bevolkingsgroepen die een verschillende taal spreken van elkaar scheidt en in het bijzonder naar de grens tussen he... Lees meer en tegen de faciliteiten
Faciliteiten Al sinds de eerste taalwet (1873) voorzag de wetgever in faciliteiten. Deze tegemoetkomingen gaven aanleiding tot tegengestelde interpretaties door Nederlandstaligen en Franstaligen, zo ... Lees meer voor Franstaligen in de Vlaamse randgemeenten
Vlaamse Rand De Vlaamse Rand omvat de negentien gemeenten grenzend aan Brussel of aan een faciliteitengemeente. De relatie tot Brussel leidt er tot specifieke uitdagingen. Lees meer rond Brussel publiceerde hij samen met Herman Teirlinck
Teirlinck, Herman Herman Teirlinck (1879-1967) was een Vlaamse prozaschrijver en toneelvernieuwer, die onder andere als raadsheer van de koning en directeur van de Nationale Hogere School voor Bouw- en Sie... Lees meer nog een oproep om op te komen voor ‘een onschendbaar taalgebied’ en ‘de volstrekte onaantastbaarheid (van de) geboortegrond’ ( De Standaard
De Standaard (1914-) Het eerste nummer van het dagblad De Standaard verscheen op 4 december 1918. De krant was gedurende vele decennia hét blad bij uitstek van de katholieke Vlaamse beweging in al haar varian... Lees meer , 29 oktober 1959).
Archief
– Letterenhuis: Archief van Stijn Streuvels [isad:lh:17]
Werken
Verzameld werk
– Volledig werk, 4 vol., 1971-1973.
Recente uitgaven
– Langs de wegen, 2021.
– De vlaschaard, 2021.
– De blijde dag, 2021.
– Het leven en de dood in de ast, 2021.
– De teleurgang van de Waterhoek, 2021.
– Ingooigem. Herinneringen uit Het Lijsternest, 2021.
Edities
– M. de Smedt en E. Vanhoutte (eds.), De teleurgang van de Waterhoek, 1999, 2000.
– M. de Smedt (ed.), Levensbloesem, 2004.
– M. de Smedt (ed.), In oorlogstijd, 2015, 2017.
Edities van briefwisseling
– K. Smits (ed.), “Een aardig bundeltje brieven”. Stijn Streuvels en Emmanuel de Bom. De briefwisseling van de jaren 1900-1914, 2005.
– M. de Smedt (ed.), Briefwisseling Stijn Streuvels (1871-1969) en Ernest Claes (1885-1968), 2013.
– S. Vanclooster, Stijn Streuvels & Antoon Coolen. Een altijd weer vernieuwd geluk, 2018.
– J. Debusschere e.a. (eds), Briefwisseling van Streuvels met zijn uitgevers, op: https://edities.kantl.be/streuvels.
Literatuur
Talrijke bijdragen over Streuvels zijn terug te vinden in de Jaarboeken van het Stijn Streuvelsgenootschap, vanaf 1995, en de website van het Stijn Streuvelsgenootschap (https://www.streuvels.be) bevat uitvoerige bio- en bibliografische info. Daarnaast (selectieve lijst):
– L Schepens, Kroniek van Stijn Streuvels 1871-1969, 1971.
– A. Demedts, Stijn Streuvels. Een terugblik op leven en werk, 1971.
– K. Smits, Een nieuwe kijk op de jonge Streuvels. De briefwisseling met Emmanuel de Bom en het werk uit de eerste jaren, 1993.
– K. Smits en T. Breës, Stijn Streuvels tussen hamer en aambeeld. De traumatische jaren 1940-1941, in: WT, jg. 52, 1993, nr. 4, pp. 214-237.
– H. Speliers, Dag Streuvels, ‘Ik ken den weg alleen’, 1994.
– R.F. Lissens, Het tijdschrift waarover in het voorjaar van 1941 in het Lijsternest werd gepraat, in: WT, jg. 54, 1995, nr. 1, pp. 23-33.
– K. Smits, Stijn Streuvels en Hamburg. De voordrachtsreis (1935) en de Rembrandtprijs (1936), in WT, jg. 54, 1995, nr. 4, pp. 201-219.
– H. Speliers, Als een oude Germaanse eik: Stijn Streuvels en Duitsland, Antwerpen, 2000.
– T. Sintobin, ‘Wie schaft er op de woorden?’ Vijf keer Streuvels lezen, 2005.
– R. vande Winkel en I. van Linthout, De Vlaschaard 1943. Een Vlaams boek in nazi-Duitsland en een Duitse film in bezet België, Kortrijk/Brussel, 2007.
– L. Simons, Het derde leven van Stijn Streuvels, 2014.
– T. Breës, Stijn Streuvels. Een kritische en biografische synthese, 2016.
– P. Thomas, Over Stijn Streuvels en de eerste jaren van het Stijn Streuvelsgenootschap, 2019.
Toon Breës (2024), Toon Breës (1998). Lateur, Frank (pseudoniem Stijn Streuvels). In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2024. https://devb.be/id/per-007851.