Boerenkrijg
De Boerenkrijg is de benaming van een korte, verloren opstand in het najaar van 1798 tegen het Franse regime, die door toedoen van Hendrik Conscience en anderen uitgroeide tot een invloedrijk motief binnen de Vlaamse beweging.
De historische ‘Boerenkrijg’
François Van Gehuchten
Nadat de Franse republikeinen in 1795 de Oostenrijkse Nederlanden hadden veroverd, werden niet alleen kerkelijke goederen extra zwaar belast, maar moest ook de bevolking voldoen aan een lange reeks dwangleveringen aan de Franse republiek en haar leger in oorlog.
Het Directoire legde de Eed van Haat aan het koningschap op, die een zeer groot deel van de priesters niet kon uitvoeren wegens diepgaande scrupules. De publieke godsdienstbeoefening werd verboden. Het regende protestacties, maar het kwam vooralsnog niet tot een algemene opstand.
De opstand
Toen op 5 september 1798 in Parijs de wet op de dienstplicht voor de veroverde gebieden werd gestemd, weigerden duizenden jonge dienstplichtigen zich te melden in het leger van de bezettende macht. De invoering van die wet was de hoofdoorzaak van en tevens de aanleiding voor de opstand. Een incident in Overmere op 12 oktober ontketende een kettingreactie van schermutselingen. Er braken opstanden uit in zeven van de negen departementen. De opstandelingen, geleid door onder anderen Emmanuel J. van Gansen (1766-1842) en Emmanuel B. Rollier (1769-1851), bezetten dorpen en kleinere steden, waar ze steeds dezelfde handelingen stelden: vrijheidsboom omhakken, kerk heropenen, gemeentearchieven verbranden en republikeinen hard aanpakken. In Oost- en West-Vlaanderen werd de opstand amateuristisch geleid en gauw onderdrukt. In Klein-Brabant was het verzet heviger, evenals in de Kempen en het Hageland, waar veteranen uit het vroegere Oostenrijkse leger of de Brabantse Omwenteling (1789) de acties stuurden.
Het bleef een plattelandsopstand die de grote steden nauwelijks kon beroeren. Het zogenaamde ‘boerenleger’ behaalde enkele overwinningen in kleine schermutselingen in Herk-de-Stad, Meerhout en Kapellen bij Tienen en een nachtelijke ontsnapping uit Diest sprak tot de verbeelding. Het werd echter al snel een kat- en muisspel, dat tegen het overmachtige en moderne Franse leger voor de opstandelingen faliekant moest aflopen. In Hasselt kwam het op 5 december 1798 tot een bloedige nederlaag. Na exact 55 dagen was de zogenaamde ‘Opstand van het Jaar VII’ voorbij. Nadien bleven kleine incidenten en schermutselingen met vooral dienstontduikers voortduren.
Motieven en cijfers
Het was een op voorhand hopeloze zaak, wat ook zo begrepen werd door de opstandelingen, die uit pure wanhoop naar de wapens hadden gegrepen. ‘Liever de kogel of de guillotine’, stond in een weerspannig pamflet te lezen. Bij de opstandelingen heerste de overtuiging dat het beter was in eigen land te sterven voor de vrijheid dan het leven te laten op een ver slagveld in dienst van een gehate bezettende macht.
De Boerenkrijg was een bij uitstek volkse plattelandsopstand, niet gesteund door adel, hoge geestelijkheid of burgerij, gedragen door vaak ongeletterde jonge mannen en geleid door kleine burgerij. De zogenaamde ‘Opstand in Brabant’ werd aan de Europese hoven druk becommentarieerd, maar buitenlandse hulp bleef uit. Oostenrijk wilde de vrede niet op het spel zetten door te interveniëren. Engeland deed beloftes, simuleerde landingen aan de kust, maar engageerde zich niet.
Ongeveer tienduizend mannen namen verspreid aan de opstand deel. Er kwamen minstens 783 zogenaamde ‘ brigands Brigand(s) Brigand(s) is een naam die de autoriteiten van de Franse republiek na de Franse Revolutie van 1789 gaven aan opstandelingen tegen hun gezag. In de katholieke flamingantische literatuur we... Lees meer ’ om in de strijd. Het werkelijke aantal lag tussen 1500 en 2000, inbegrepen 275 opstandelingen die nadien door krijgsraden tot de doodstraf werden veroordeeld. Zij kregen de kogel, een militaire straf en niet de guillotine, gebruikt voor burgerlijke delinquenten en criminelen.
Beeldvorming
DEVB-redactie, Petra Gunst en August Keersmaeckers
Vanaf ongeveer 1840 werd de Boerenkrijg een weerkerend motief in de Belgische politieke geschiedenis. Onder invloed van de romantiek en met de heropleving van de Vlaamse literatuur
Literatuur De literatuur heeft een cruciale rol gespeeld in het ontstaan van de Vlaamse ontvoogdingsstrijd en ook in de daaropvolgende fasen van de Vlaamse natiewording zijn schrijvers vaak richting... Lees meer verwierf de gebeurtenis een plaats in het Vlaams(-Belgisch)e culturele geheugen. Het thema bleek gemakkelijk inzetbaar als referentiepunt voor de klassieke Belgische tegenstellingen. Afhankelijk van het moment, de politieke bruikbaarheid en de opvattingen van de auteur, werd de Boerenkrijg nu eens voorgesteld als een liberale strijd tegen de onderdrukker, dan weer als een strijd tegen het modernisme en vóór het behoud van het geloof. Later in de 19de eeuw werd de Boerenkrijg gebruikt als argument tegen de invoering van de dienstplicht, tegen de verderfelijk geachte invloed van de stad op de plattelandsbevolking en, naar het einde van de eeuw toe, voor de vernederlandsing van het openbare leven in Vlaanderen. Waar Belgische nationalisten Belgisch nationalisme Lees meer het gebeuren presenteerden als een voorafspiegeling van de Belgische Revolutie
Belgische Revolutie De Belgische Revolutie is de naam van de opstand van 1830-1831 in de zuidelijke provincies van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden van koning Willem I. De opstand leidde tot de splits... Lees meer en een sleutelfase in het wordingsproces van de Belgische natie, ging het voor de 19de-eeuwse Vlaamse beweging om een reactie tegen het Franse taalimperialisme (zie Frankrijk
Frankrijk & Vlaanderen De verhouding tussen Vlaanderen en Frankrijk werd altijd gekenmerkt door een aanzienlijke dubbelzinnigheid. Hoewel er lange tijd een grote affiniteit met de Franse cultuur bestond, werd d... Lees meer ). De slogan ‘Voor outer en heerd’ groeide daarbij gaandeweg uit tot een slagzin met een sterk mobiliserend vermogen. Nochtans zijn er geen aanwijzingen dat deze leuze, die gemunt werd tijdens de Brabantse Omwenteling, een aantal jaar later ook door boerenkrijgers in de mond werd genomen. Nadat August Snieders
Snieders, August August Snieders (1825-1904) was een Nederlands-Belgische journalist en letterkundige. Hij was meer dan vijftig jaar lang hoofdredacteur van Het Handelsblad van Antwerpen en was daarnaast ... Lees meer haar in 1889 abusievelijk met de Boerenkrijg in verband bracht, werd ‘Voor outer en heerd’ na verloop van tijd echter een cruciaal element van de Vlaams-katholieke herdenkingscultus rond 1798 (zie verderop).
Gestage canonisering bij de ‘taalminnaars’
Het eerste verhaal waarin het motief van de Boerenkrijg verwerkt is, dateert van 1847: Pieter J. van Delen (1819-1890) publiceerde toen in het Antwerpse tijdschrift Het Taelverbond
Het Taelverbond Het Taelverbond (1845-1855) was een Antwerps literair maandblad, dat gaandeweg vooral op geschiedenis en taalkunde focuste. Het tijdschrift had een sociaaleconomische inslag en cultiveerd... Lees meer zijn novelle De Vondeling: een jonge man die zich aan de conscriptie wil onttrekken, trekt naar Luxemburg om er deel te nemen aan een nobele, maar zinloze vrijheidsstrijd. In 1849 verscheen Eenige Voorvallen uit den Brigands-Oorlog van de Turnhoutse letterminnaar Etienne Splichal (1810-1866), die betreurde dat over 'den Brigandsoorlog' vooralsnog zo weinig inkt was gevloeid en een oproep richtte aan zijn collega-literatoren om daar verandering in te brengen. In 1851 volgde alvast Pieter F. van Kerckhovens
Van Kerckhoven, Pieter F. Lees meer sterk antiklerikaal gekleurde Brigands Brigand(s) Brigand(s) is een naam die de autoriteiten van de Franse republiek na de Franse Revolutie van 1789 gaven aan opstandelingen tegen hun gezag. In de katholieke flamingantische literatuur we... Lees meer verhaal ‘Valentyn’ (1851), waarin het vrijheidsideaal van de boerenkrijgers voor het eerst verbonden werd met het project van de Vlaamse beweging. De grote doorbraak van het Boerenkrijg-topos in de literatuur en de bredere culturele verbeelding kwam er echter vier jaar later, toen de Antwerpse schrijver Hendrik Conscience
Conscience, Hendrik Hendrik Conscience (1812-1883) was de eerste auteur die het in België aandurfde een roman in het Nederlands te schrijven en te publiceren. Zijn oeuvre van zo’n 65 romans, dat ook een bred... Lees meer als eerste de gebeurtenissen van 1798 in een historische roman verwerkte. Het was tevens de allereerste keer dat de term ‘Boerenkrijg’ opdook. Het centrale thema in De Boerenkryg (1853) vormt de verdediging van de eigen culturele identiteit en tradities tegen een Frans imperialistisch regime, dat de lokale bevolking met dwang tot de moderniteit wil bekeren. Zoals alle romans van Conscience zette De Boerenkryg daarbij in op een Vlaams zelfbewustzijn dat zich probleemloos liet verzoenen met een even oprecht beleefde Belgische vaderlandsliefde. De eigenlijke historische figuren treden niet op in het verhaal, maar in het fictieve plaatsje Waldeghem is duidelijk Lichtaart te herkennen.
Conscience pleegde overigens niet alleen een grondige voorstudie, maar speelde ook in op de Belgische politieke actualiteit. Zo modelleerde hij een van de zich cultureel superieur wanende Jacobijnen in zijn verhaal naar de Henegouwse arts en liberaal volksvertegenwoordiger Joseph-Désiré Sigart Sigart, Joseph-Désiré Joseph-Désiré Sigart (1798-1869) was arts, amateur-filoloog en van 1839 tot 1848 liberaal Kamerlid voor Bergen. Lees meer (zie Literatuur
Literatuur De literatuur heeft een cruciale rol gespeeld in het ontstaan van de Vlaamse ontvoogdingsstrijd en ook in de daaropvolgende fasen van de Vlaamse natiewording zijn schrijvers vaak richting... Lees meer ; Racisme Racisme Lees meer ).
Met Consciences roman raakte de benaming ‘Boerenkrijg’ ingeburgerd en kreeg de gebeurtenis een uitgesproken positieve betekenis. Het werk kende veel succes in zowel binnen- als buitenland, waar men de roman in de context van het gevreesde annexionisme van Napoleon III een actueel karakter toedichtte. De Boerenkryg bracht bovendien de wetenschappelijke belangstelling voor het onderwerp op gang. De eerste uitgebreide studie La Guerre des Paysans werd gepubliceerd in 1863 door Auguste Orts. Maar ook op literair vlak kende Conscience navolging; De Dorpspastoor van August Snieders
Snieders, August August Snieders (1825-1904) was een Nederlands-Belgische journalist en letterkundige. Hij was meer dan vijftig jaar lang hoofdredacteur van Het Handelsblad van Antwerpen en was daarnaast ... Lees meer verscheen kort na De Boerenkryg, ook in 1853, en was het begin van de reeks die later de titel De Sansculotten in België zou heten.
Wapen in de tweestrijd tussen katholieken en vrijzinnigen
Na deze eerste opflakkering was het wachten tot de jaren 1880 voor er in de Vlaamse letteren opnieuw aandacht werd besteed aan het Boerenkrijg-motief, dat steeds meer een instrument werd in de levensbeschouwelijke strijd tussen katholieken en vrijzinnigen. Langs katholieke zijde werden de religieuze drijfveren van de opstandelingen in de verf gezet. Het Davidsfonds
Davidsfonds (DF) Het Davidsfonds is een katholieke Vlaamse cultuurvereniging, die werd opgericht in januari 1875. Lees meer gaf in die jaren drie romans uit waarin het Boerenkrijg-motief steeds sterker doorklonk: De Scheerslijper van Jan R. Snieders
Snieders, Jan Jan R. Snieders (1812-1888) was een Nederlands-Belgische arts en auteur van romans met een vaak katholieke strekking. In zijn woonplaats Turnhout stichtte hij het literaire genootschap De... Lees meer , de tweedelige roman De Franschen in Vlaanderen van Julius Plancquaert (1853-1888) en ten slotte Onze Boeren van Snieders in de reeds vermelde reeks (1889). De eerste twee werken zijn bijzonder typerend voor de sfeer tijdens de schoolstrijd: naast anti-Frans zijn ze in de eerste plaats anti-maçonniek. Belangrijk is voorts dat Plancquaert voor het eerst de namen van Rollier, Van Gansen en Elen vermeldde, zij het in de historische uitweidingen. De Vlaams(-Belgische) liberalen zetten intussen aanzienlijk minder sterk in op de Boerenkrijg-symboliek. Het is tekenend dat de 18de-eeuwse boerenopstand bij hen niet tot afzonderlijke publicaties inspireerde, maar veeleer als episode van een ruimere geschiedenis werd behandeld, zoals het geval was in De jacobijnen in België van Domien Sleeckx
Sleeckx, Domien Domien Sleeckx (1818-1901) was op meerdere vlakken een pionier in de Vlaamse emancipatiestrijd, in het bijzonder in de vernederlandsing van het onderwijs. Lees meer , dat in 1889 verscheen bij het Willemsfonds
Willemsfonds (WF) Het Willemsfonds (1851-heden) is een liberaal-vrijzinnige culturele vereniging en drukkingsgroep die het gebruik van het Nederlands promoot en ondersteunt. Lees meer .
Van de Frans-Belgische auteur Georges Eekhoud
Eekhoud, Georges Georges Eekhoud (1854-1927) was een Franstalige Antwerpse auteur, dichter en kunstcriticus, die vanuit zijn sociaal bewogen schrijverschap sympathie kon opbrengen voor de 'Vlaamse zaak' e... Lees meer , verscheen in 1891 Les Fusillés de Malines, gewijd aan de eenenveertig te Mechelen gefusilleerde 'boeren'. Het boek kwam Eekhoud op heel wat kritiek te staan: voor de katholieken was het te sensueel, voor zijn Franstalige geestesgenoten te religieus en te anti-Frans. In de jaren 1890 verscheen nog een aantal werken over de Boerenkrijg, die anders dan de roman van Eeckhoud niet met het oog op een literair ontwikkeld publiek waren geschreven, maar wel als volkslectuur de verheerlijkende beeldvorming van de Boerenkrijg verspreidden.
De herdenking van het eeuwfeest in 1898 legde het beeld van de Boerenkrijg vast zoals het in de loop van de 20ste eeuw werd doorgegeven. In 1880 hadden de katholieken geweigerd om deel te nemen aan de viering en herdenking van vijftig jaar België onder liberaal bestuur. Er volgde een boycot, waardoor zowat alleen de liberalen de 'Cinquantenaire' van België vierden. In 1898, toen de katholieken een homogene meerderheid vormden, grepen zij op hun beurt de honderdste verjaardag van de Boerenkrijg aan om de gebeurtenissen niet alleen te herdenken, maar ook te 'vieren'. Het hele gebeuren paste in een breder katholiek cultuuroffensief, ingezet vanaf de jaren 1860, dat een landelijke religieuze levensstijl promootte als een essentieel Vlaamse manier van leven.
De viering werd voorbereid door het Davidsfonds en de Vlaamsche Katholieke Landsbond Vlaamsche Katholieke Landsbond Lees meer , die al eind 1892 een Nationaal Comiteit oprichtten met Joris Helleputte
Helleputte, Joris Joris Helleputte (1852-1925) heeft bijna een halve eeuw lang gewogen op de Belgische samenleving: als neogotisch architect, als gangmaker van sociale organisaties, inzonderheid de Belgisc... Lees meer als voorzitter. Van oktober 1897 tot oktober 1898 verscheen het tijdschrift De Boerenkrijg, dat de verscheidene vieringen moest coördineren en waarin talrijke korte historische bijdragen verschenen. De oprichting van vele monumenten
Monumenten Voor de Vlaamse beweging monumenten oprichtte, ging België haar daarin reeds voor. Na de onafhankelijkheid van 1830 ontstond in België een uitgebreide en diverse historische cultuur, die ... Lees meer ging gepaard met de publicatie van een zeer lange reeks van literaire werken (onder meer van Servaas Daems
Daems, Servaas Servaas Daems (1838-1903) was een premonstratenzer kanunnik, dichter en redenaar. Hoewel hij zich in het openbaar zelden met de problematiek van de Vlaamse beweging heeft ingelaten, zijn ... Lees meer , een van de bezielers van de herdenking, van Désiré Claes
Claes, Désiré Désiré Claes (1836-1910) was werkzaam in het onderwijs. Hij was ook actief als publicist en literator en speelde van bij de oprichting een belangrijke rol in het Davidsfonds, waarvan hij ... Lees meer , Philippe Kervyn de Volkaersbeke
Kervyn de Volkaersbeke, Philippe Philippe Kervyn de Volkaersbeke (1815-1881) was een Gentse politicus die een historische en culturele belangstelling koesterde voor Vlaanderen en de Vlaamse beweging. Lees meer en Florimond van Duyse Van Duyse, Florimond Florimond Van Duyse (1843-1910) ijverde als magistraat voor Nederlandstalige militaire rechtspraak. Ook verzamelde en bestudeerde hij oud-Nederlandse volksliederen. Verder componeerde hij... Lees meer ). Bekend werd het lied Kruise den Vlaming van Arthur Scheiris.
Van romantisch flamingantisch motief naar radicaal nationalistisch strijdsymbool
Uit het door Kamiel van Caeneghem Van Caeneghem, Kamiel Kamiel van Caeneghem (1860-1944) was een katholieke en Vlaamsgezinde onderwijzer. Hij was één van de oprichters van het folkloristische maandblad Volk en Taal en lag mee aan de basis van ... Lees meer verzorgde gedenkboek Onze boeren verheerlijkt, dat pas in 1904 zou verschijnen, blijkt hoe zich een beeld had geënt van de Boerenkrijg als een nobel verzet tegen de Franse ‘dwingelandij’ en de bedreiging van de eigen godsdienst en religieuze identiteit. De verheerlijking had daarmee zowel een Vlaamsgezind als een sterk katholiek karakter. Het in 1896 gepubliceerde Quelques notes sur l’esprit public en Belgique pendant la domination française (1795-1814) van Prosper Poullet
Poullet, Prosper Hoewel hij afkomstig was uit een Franstalig aristocratisch milieu, realiseerde de katholieke burggraaf Prosper Poullet (1886-1937) mee de eentaligheid van Vlaanderen en leidde hij de eers... Lees meer was wetenschappelijker van opzet, maar situeerde zich in dezelfde sfeer en context. In zijn onderzoek wees Poullet het Vlaamse natiebesef aan als belangrijkste drijfveer van de opstandelingen.
Een militant flamingantische lezing van de feiten won ondertussen veld in de literaire en culturele verbeelding van de Boerenkrijg. Illustratief is Lodewijk van Laekens
Opdebeek, Lode Lode Opdebeek (1869-1930) was redacteur, drukker, journalist en auteur van jeugdliteratuur. In 1900 richtte hij de naar zichzelf vernoemde uitgeverij L. Opdebeek op, die na zijn dood over... Lees meer Vlaamsch Bloed (1906), waarvan alleen al de titel tekenend mag heten voor de romantisch nationalistische intenties van de auteur. Maar ook langs Franstalige kant ging de herdenking van de Boerenkrijg niet onopgemerkt voorbij en overheerste eveneens een verheerlijkend discours, al werd daarbij vooralsnog geen vijandbeeld van Frankrijk
Frankrijk & Vlaanderen De verhouding tussen Vlaanderen en Frankrijk werd altijd gekenmerkt door een aanzienlijke dubbelzinnigheid. Hoewel er lange tijd een grote affiniteit met de Franse cultuur bestond, werd d... Lees meer gecultiveerd. Daar kwam verandering in tijdens het interbellum. Franstalige, patriottisch geïnspireerde publicisten zoals de magistraat en historicus Paul Verhaegen, auteur van het vijfdelige La Belgique sous la domination française (1922-1929), gebruikten toen wel de Boerenkrijg als voorbeeld van verzet tegen een te opdringerig Frankrijk. Wellicht was het om die reden dat Verhaegens werk zo gemakkelijk vertaalbaar bleek naar de Vlaamse context, letterlijk en figuurlijk: toen begin jaren 1930 het werk De Boerenkrijg (1931) van priester Jef Hendrickx een breed publiek van Vlaamsvoelende katholieken wist te bereiken, betrof het eigenlijk een Nederlandse vertaling van Verhaegens historische relaas. De inleiding door Floris Prims
Prims, Floris Floris Prims (1882-1954) was een Vlaamsgezinde priester en historiograaf. Hij stond mee aan de wieg van de christelijke sociale beweging en schreef tal van historiografische werken over A... Lees meer voorzag de tekst van het gewenste kader: strijdbaar flamingantisch, maar andermaal niet anti-Belgisch.
Die anti-Belgische interpretatie lijkt opvallend lang op zich te hebben laten wachten. In De Boerenkrijg: twee eeuwen fictie constateren Beatrijs Baelde, Maarten Bresseleers, Sofie Descamps, Sofie Geschier, Thijs Lambrecht en Christophe Verbruggen dat het activisme
Activisme Het begrip activisme verwijst naar de fractie van flaminganten die tijdens de Eerste Wereldoorlog bereid was om politiek of anderszins samen te werken met de Duitse bezetter en financiële... Lees meer opmerkelijk genoeg weinig of geen gebruik heeft gemaakt van het Boerenkrijg-motief. Nochtans werden andere flamingantische symbolen zoals Tijl Uilenspiegel
Tijl Uilenspiegel Tijl Uilenspiegel is een personage uit een laatmiddeleeuws Duits volksboek, dat van de 19de eeuw tot diep in de 20ste eeuw door uiteenlopende politieke bewegingen in België en Vlaanderen ... Lees meer of de Guldensporenslag
Guldensporenslag De Guldensporenslag was een veldslag op de Groeningekouter nabij Kortrijk op 11 juli 1302. Hierbij werd het Franse ridderleger verslagen. De slag kreeg in de Vlaamse beweging een symbolis... Lees meer vrijwel onmiddellijk ook voor Vlaams-nationalistische doeleinden ingezet. Verder onderzoek moet uitwijzen of de sterk katholieke connotatie van de Boerenkrijg een struikelblok vormde voor de activisten, voor wie de gezamenlijke Vlaamse strijd in de regel voorging op levensbeschouwelijke tegenstellingen.
De radicaal nationalistische versie van de Boerenkrijg lijkt vooral opgang te hebben gemaakt in de jaren 1930, toen een deel van de Vlaamse beweging in extreemrechtse richting evolueerde. Zowel het Verdinaso
Verbond van Dietsche Nationaal Solidaristen (Verdinaso) Het Verbond van Dietsche Nationaal Solidaristen (Verdinaso) (1931-1941) was een fascistisch geïnspireerde beweging onder leiding van Joris van Severen, die een staats- en maatschappijherv... Lees meer (vóór en na de Nieuwe Marsrichting) als het Vlaamsch Nationaal Verbond
Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) Het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) (1933-1945) was een rechts-radicale Vlaams-nationalistische partij die tijdens de Tweede Wereldoorlog collaboreerde met de Duitse nationaalsocialistis... Lees meer (VNV) mochten de Boerenkrijgers graag huldigen als hun krijgshaftige voorvaderen. En ook op een Vlaams-Duitse Kulturtagung in 1937, waar Vlaams-nationalisten kwamen verbroederen met Duitse nationaalsocialisten, werd bij monde van historicus Robert van Roosbroeck
Van Roosbroeck, Rob Robert van Roosbroeck (1898-1988) was een onderwijzer, publicist en historicus. Hij was betrokken bij het activisme en de collaboratie, onder andere als schepen van Antwerpen en lid van d... Lees meer de Boerenkrijg gememoreerd. Het gebeuren kwam voor de gelegenheid symbool te staan voor Germaanse volkskracht, een voorstelling van zaken die overigens ook door Duitse culturele bemiddelaars als Franz Petri
Petri, Franz Franz Petri (1903-1993) was een Duitse historicus, deskundige voor Belgische en Nederlandse geschiedenis en tijdens de Tweede Wereldoorlog referent voor cultuur en onderwijs in het Duitse... Lees meer en Fritz Textor werd uitgedragen.
Ondertussen bleef de Boerenkrijg populaire stof voor Vlaamsgezinde cultuuruitingen. Eind jaren 1930 verschenen achtereenvolgens ‘Het Kerkboekske van Dictus-Oome’, een novelle van Ernest Claes
Claes, Ernest Ernest Claes (1885-1968) was een schrijver van volkse romans en verhalen en een leidend ambtenaar in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Na de Tweede Wereldoorlog werd hij vervolgd wege... Lees meer (1937), en Brigands in 't Geweer, een historische roman in de geest van Conscience en Snieders door Frans Verachtert (1939). Een toekomstige klassieker in het flamingantische repertoire was dan weer Voor Outer en Heerd, een lied van Jozef Simons
Simons, Jozef Jozef Simons (1888-1948) was een Kempische schrijver, die vooral bekendheid vergaarde met zijn oorlogsroman Eer Vlaanderen vergaat (1927). Lees meer op muziek van Armand Preud'homme
Preud'homme, Armand Armand Preud’homme (1904-1986) was organist en toondichter. Zijn bekendste lied is Kempenland. Ook dirigeerde hij geregeld tijdens Vlaams-nationalistische evenementen zoals het Vlaams-Nat... Lees meer .
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de Boerenkrijg zowel binnen het verzet
Verzet Het georganiseerde verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Vlaamse provincies was doorgaans altijd Belgisch verzet: zowel op het vlak van de ideologische oriëntatie, de motieven en he... Lees meer als in het collaboratie
Collaboratie Collaboratie verwijst naar de samenwerking met de bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog, in casu van het Vlaams-nationalisme en een deel van de Vlaamse beweging. Lees meer milieu geïnstrumentaliseerd voor eigen doeleinden. Waar Les Cariatides van Henry Carton de Wiart
Carton de Wiart, Henry Henry Carton de Wiart (1869-1951) was een christendemocratisch politicus die meerdere ministerfuncties vervulde. Lees meer door de bezettende overheid werd verboden, groeide ‘Voor Outer en Heerd’ uit tot het apologetische motto van de (oud-) oostfronters
Oostfronters Het begrip oostfronters duidt in de context van de geschiedenis van de Vlaamse beweging op Vlamingen die als vrijwilliger aan de zijde van Duitsland vochten tegen het Sovjetrussische Rod... Lees meer gemeenschap. In 1942 raakten collaboratie en verzet bijna letterlijk slaags rond de erfenis van de Boerenkrijg. Dat jaar werd in december in Westerlo een herdenking georganiseerd ter ere van Emmanuel J. van Gansen, met de onthulling van een monument als hoogtepunt. Het gebeuren werd gedomineerd door aan het VNV gelieerde organisaties zoals de Dietsche Militie - Zwarte Brigade
Dietsche Militie – Zwarte Brigade (DM-ZB) De Dietsche Militie-Zwarte Brigade was de militie van de Eenheidsbeweging-VNV (1941-1943), in november 1943 herdoopt tot Dietsche Militie (1943-1944). Lees meer en de Nationaal-Socialistische Jeugd Vlaanderen Nationaal-Socialistische Jeugd Vlaanderen (NSJV) Lees meer , waarop protestvoerders enkele dagen later het monument bekladden, een houten kruis vernielden en de bloemenkransen wegnamen.
Een soortgelijke symbolenstrijd deed zich voor rond de figuur van Charles de Loupoigne (Charles-François Jacqmin), een eind-18de-eeuwse Zuid-Brabantse verzetsstrijder die lange tijd met de Boerenkrijg in verband werd gebracht. Nadat in 1940 een Belgisch patriottisch herdenkingscomité onder aanvoering van Verhaegen een herdenkingskruis voor hem oprichtte in Loonbeek, probeerde het VNV zich het gedenkteken in de loop van de oorlog toe te eigenen door er herhaaldelijk plechtigheden te organiseren. Het ‘Charlepoengkruis’ raakte voor de plaatselijke bevolking steeds meer beladen met het odium van de collaboratie, met als gevolg dat het in september 1944 werd vernield. De ‘strijd’ rond De Loupoigne bleef tot het begin van de jaren 1950 smeulen: onder anderen I. Stalis (pseudoniem Staf Verrept
Verrept, Staf Staf Verrept (1921-1985) engageerde zich op jonge leeftijd in de Dietse jeugdbeweging. Als sociaal-flamingant richtte hij in de jaren 1960 mee de Vlaamse Demokraten op. Lees meer ) en Arthur de Bruyne
De Bruyne, Arthur Arthur de Bruyne (1912-1992) was een Vlaams-nationalistisch geëngageerde kroniekschrijver en historicus van de Vlaamse beweging, die met zijn vele publicaties in belangrijke mate bijdroeg... Lees meer ondernamen nog enkele pogingen om de verzetsheld in te lijven in het radicaal Vlaamsgezinde kamp. Laatstgenoemde leverde met zijn De Boerenkrijg (1948) bovendien een toonaangevend werk voor de herinnering van de Boerenkrijg in naoorlogse Vlaamsgezinde kringen.
Het Boerenkrijg-motief na 1944
In 1948 werd aan de Boerenkrijg opnieuw een herdenkingsjaar gewijd, waarbij vooral onder impuls van Mgr. Karel Cruysberghs
Cruysberghs, Karel De Antwerpse priester Karel Cruysberghs (1891-1976) speelde als algemeen proost van het Jeugdverbond voor Katholieke Actie een rol als bemiddelaar in het conflict met het AKVS eind jaren ... Lees meer een stroom aan nieuwe Boerenkrijg-verhalen, -jeugdboeken, -gedichten, -toneelstukken enzovoort op gang kwam (al kon het gebeuren niet langer op dezelfde massale publieke belangstelling rekenen als in 1898). Conscience gold daarbij nog steeds als het na te volgen voorbeeld. Het strijdbaar flamingantische discours maakte echter steeds meer plaats voor een latent nationalistische variant, waarbij de herinnering aan de Boerenkrijg er weliswaar niet langer toe diende om Vlaamsgezinden te mobiliseren, maar niettemin een drager bleef van nationale stereotypen over ‘wij’ en ‘de anderen’, Vlamingen en Franstaligen. Alleen in het zogenoemde ‘ zwarte
Zwarten ‘Zwarten’ is de term die tijdens en na de Tweede Wereldoorlog in de volksmond werd gebruikt om collaborateurs aan te duiden. Dat had vooral te maken met de zwarte kleur van hun uniformen.... Lees meer ’ subcircuit en de radicaal-rechtse Vlaamse beweging bleef de militant nationalistische lezing van de Boerenkrijg vooralsnog overeind. Te denken is aan de romans In de Kempen trompt de hoorn van Albe (pseudoniem Renaat Antoon Joostens) en Jan Tervaert van Filip de Pillecyn
De Pillecyn, Filip Filip de Pillecyn (1891-1962) was schrijver en journalist voor onder meer De Standaard en het satirische, pluralistische blad Pallieter. Hij speelde een leidende rol in de Frontbeweging e... Lees meer .
Sinds het herdenkingsjaar 1948 is de aandacht voor de Boerenkrijg gevoelig afgenomen en werd de beeldvorming erover in grote mate gedragen door lokale geschiedschrijving (in 1955 werd in Hasselt een Centrum voor de Studie van de Boerenkrijg gesticht; in 1993 zag een historisch Boerenkrijgtijdschrift het licht) of door jeugdverhalen en strips. Terwijl de Boerenkrijg met publicaties als Voor Outer en Heerd (1993) van Jan Goris en drie andere auteurs en De Boerenkrijg. Twee eeuwen feiten en fictie (1998) van hoogleraar Luc François rond de eeuwwisseling opnieuw enige aandacht kreeg in de Nederlandstalige Belgische geschiedschrijving, was er onder Franstalige Belgische historici over het algemeen minder belangstelling voor ‘de Opstand van het Jaar Zeven’, die door hen veelal werd benaderd met criminaliteit als invalshoek.
In de populaire televisiereeks Het Verhaal van Vlaanderen Het verhaal van Vlaanderen Het Verhaal van Vlaanderen is een televisiereeks die van 1 januari tot 5 maart 2023 op de VRT werd uitgezonden. De reeks beroerde het publieke debat, mede in de context van enkele door de... Lees meer (2023) kwam de eind-18de-eeuwse plattelandsopstand tegen het Franse regime opnieuw behoorlijk prominent in beeld. Dat de slogan ‘Voor Outer en Heerd’ daarbij andermaal abusievelijk de boerenkrijgers in de mond werd gelegd, illustreert hoe hardnekkig zogenoemde ‘invented traditions’ – ook in de context van een latente natievorming – kunnen blijven doorwerken. In de even veelbesproken Canon van Vlaanderen
Canon van Vlaanderen De Canon van Vlaanderen (2023) is een door de Vlaamse Regering geëntameerd initiatief, dat de geschiedenis van het geografische gebied Vlaanderen belicht via 60 vensters over diverse maat... Lees meer , die in datzelfde jaar werd voorgesteld, was de gebeurtenis goed voor een paragraafje onder het venster ‘Het wetboek van Napoleon. De Franse Tijd’. Of de publieke belangstelling voor de Boerenkrijg daarmee ook een nieuwe impuls zal krijgen, moet nog blijken.
Literatuur
– P.J. van Delen, De Vondeling, in: Het taalverbond, jg. 2, 1847, nr. 4, pp. 353-402.
– P.F. van Kerckhoven, Valentyn, in: De Vlaemsche Rederijker, jg. 8, 1851, nr. 14, pp. 45-73, 93-130.
– H. Conscience, De Boerenkryg (1789). Historisch tafereel uit de XVIIIe eeuw, Antwerpen, 1853.
– A. Orts, La guerre des paysans (1798-1799). Episode de l’histoire belge, Brussel, 1863.
– A. Snieders, Onze Boeren. Tafereelen uit den Boerenkryg, Antwerpen, 1881.
– D. Sleeckx, De jacobijnen in België, Gent, 1889.
– P. Verhaegen, La Belgique sous la domination Française 1792-1814. Deel 3. La Guerre des Paysans, 1798-1799, Brussel, 1935.
– H. Carton de Wiart, Les Cariatides, Brussel, 1942.
– F. de Pillecyn, Jan Tervaert, Brussel, 1947.
– Albe, In de Kempen trompt de hoorn, Tongerlo, 1948.
– K. Cruysberghs, Voor Outer en Heerd!, Leuven, 1948.
– A. de Bruyne, De Boerenkrijg, 1798. Voor Outer en Heerd, Leuven, 1948.
– I. Stalis, Charlepoeng, Gent, 1952.
– R. Merget, La Guerre des Paysans et nos écrivains, in: La Revue nationale, jg. 20, 1948, pp. 367-373.
– A. Keersmaekers, De Boerenkrijg in de spiegel van onze literatuur, in: De Toerist, jg. 39, 1960, pp. 19-24.
– Th. Vandebeeck en J. Grauwels, De Boerenkrijg in het departement van de Nedermaas. Maastricht, 1961.
– A. Keersmaeckers, Hendrik Consciences roman 'De Boerenkryg' (1853). Een onderzoek naar de genesis, de bronnen en de betekenis van het werk, in: Noordgouw, jg. 7, 1967, pp. 17-48, 177-221; jg. 8, 1968, pp. 45-96; jg. 9, 1969, pp. 23-73, 105-167 en jg. 11, 1971, pp. 131-216.
– L. François e.a., De Boerenkrijg. Twee eeuwen feiten en fictie, Leuven, 1998.
– L. François e.a., De Boerenkrijg (1798). Bibliografie van de fictie en de non-fictie-literatuur, Gent, 1998.
– J. Goris e.a., Voor Outer en Heerd 1798. De Boerenkrijg in de Antwerpse Kempen. Turnhout, 1998.
– H. Hasquin (red.), België onder het Frans Bewind, 1792-1815, Brussel, 1993.
– X. Rousseaux, Rebelles ou Brigands? La 'guerre des paysans' dans les départements 'belges' (octobre-décembre 1798), in: Des révoltes de l'Europe à l'Amérique au temps de la Révolution française (1773-1802), nr. 94-95, 2005.
– H. de Smaele, Religie en stemgedrag in negentiende-eeuws België, Leuven, 2009.
– K. Absillis, Mag Conscience spreken? De Boerenkryg (1853) anders gelezen, in: K. Humbeeck, K. Absillis en J. Weijermars (red.), De Grote Onleesbare: Hendrik Conscience herdacht, Gent, 2016, pp. 463-496.
– F. van Gehuchten, Liever de kogel of de guillotine. De Boerenkrijg in de Nederlanden, Antwerpen, 2019.
– K. Absillis, Het slechte geweten van Vlaanderen. Nationalisme, racisme en kolonialisme in de tijd van Hendrik Conscience, Antwerpen, 2022.
François Van Gehuchten / Redactie (2024), Petra Gunst (1998). Boerenkrijg. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2024. https://devb.be/id/geb-002605.