De Laet, Jan Jacob
Jan de Laet (1815-1891) was een Antwerpse zakenman en Vlaamsgezind politicus voor de Meetingpartij. Hij was de vader van de ‘tweede taalwet’ van 1878, op het taalgebruik in bestuurszaken. In zijn jongere jaren was De Laet een romantisch dichter en journalist.
Martin Schoups (2024), Lode Wils (1998). De Laet, Jan Jacob. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2024. https://devb.be/id/per-003560.
In de Vlaamse beweging zal De Laets naam altijd in de eerste plaats verbonden met de ‘tweede taalwet’, de wet van 22 mei 1878 die bepaalde dat rijksambtenaren in Vlaanderen hun correspondentie met het publiek in het Nederlands of toch op zijn minst tweetalig moesten opstellen.
Op 47-jarige leeftijd, in 1863, was Jan de Laet Kamerlid geworden voor de Antwerpse Meetingpartij
Meetingpartij De Meeting (1862-1914) was een Antwerpse politieke formatie die ontstond uit een coalitie van flaminganten, progressieve liberalen en katholieken. Ze liet zich kenmerken door een uitgespr... Lees meer . Op dat moment had De Laet al wat politieke watertjes doorzwommen binnen de Vlaamse beweging, waarbij hij meermaals overhoop lag met de liberale flaminganten. De katholieke De Laet zetelde tot aan zijn dood in 1891 in de Kamer.
De Laet had een veelzijdige carrière: hij begon als geneesheer, werd journalist en hoofdredacteur van verschillende bladen, en publiceerde novelles en romantische gedichten. Hij eindigde als succesvolle zakenman met een industriële bakkerij.
Jeugd en studies
De Laet werd geboren op 13 december 1815. Zijn vader werkte als landmeter en was daarnaast ambtenaar bij de Waterstaat. Het gezin woonde in de Carnotstraat, in de vijfde wijk, waar hij bevriend werd met Hendrik Conscience
Conscience, Hendrik Hendrik Conscience (1812-1883) was de eerste auteur die het in België aandurfde een roman in het Nederlands te schrijven en te publiceren. Zijn oeuvre van zo’n 65 romans, dat ook een bred... Lees meer . De paden van de twee boezemvrienden bleven vanaf dan nauw verweven. De Laet was enig kind en deed zijn humaniora aan het Atheneum.
De Laet volgde geneeskundige lessen aan de Geneeskundige School van Antwerpen. Hij werd geneesheer op het platteland in Ranst, maar hij gaf er al snel de brui aan. Hij richtte zich op een literaire en journalistieke carrière.
Dichter
Samen met Conscience koesterde De Laet al op jonge leeftijd literaire ambities. Ze raakten beïnvloed door de romantiek en De Laet publiceerde verschillende Franse gedichten in die stijl. Het was onder invloed van Theodoor van Ryswyck
Van Ryswyck, Theodoor Theodoor van Ryswyck (1811-1849) was een Vlaamse dichter die in dichtbundels, kranten en tijdschriften een omvangrijk literair oeuvre bij elkaar schreef. Met zijn gedichten gaf hij vorm a... Lees meer dat hij overschakelde op het Nederlands. Volgens de overlevering zou De Laet vervolgens Conscience hebben overgehaald om eveneens de pen in het Nederlands te voeren.
In 1836 droeg De Laet Conscience voor als lid in De Olijftak
De Olijftak De Olijftak was een in 1835 opgerichte Antwerpse rederijkerskamer, die in de context van het ontluikende Vlaamsgezinde cultuurleven wilde aanknopen bij de bewonderde 16de-eeuwse rederijke... Lees meer , de rederijkskamer die heropgericht werd door Theodoor van Rijswijck
Van Ryswyck, Theodoor Theodoor van Ryswyck (1811-1849) was een Vlaamse dichter die in dichtbundels, kranten en tijdschriften een omvangrijk literair oeuvre bij elkaar schreef. Met zijn gedichten gaf hij vorm a... Lees meer en die een kweekvijver werd van flamingantische schrijvers en kunstenaars.
De Laet publiceerde verschillende historische novelles, die meestal in tijdschriften verschenen, zoals De vloek (1840), Het Huis van Wesenbeke (1842) en Het lot (1846). Onder het pseudoniem van Jozef Colveniers vertaalde hij Franse sprookjes en werken uit het Hoogduits. In 1848 verscheen zijn enige dichtbundel, Gedichten, zijn laatste literaire wapenfeit. Als dichter onder de naam van Johan Alfred de Laet drukte hij zijn stempel op de romantische Vlaamse poëzie van zijn tijd. Als novellist en romancier bleef hij steeds in de schaduw van Conscience.
Journalist
Parallel ontwikkelde De Laet een journalistieke carrière. Hij schreef voor Antwerpse en Brusselse dagbladen. Hij was nauw betrokken bij de eerste Vlaamsgezinde bladen in België. Bijzondere vermelding verdient daarbij zijn hoofdredacteurschap van het dagblad Vlaemsch België
Vlaemsch België Lees meer , als eerste Vlaamsgezinde krant in Brussel een primeur. Het blad werd op 1 januari 1844 opgericht, en verdween 11 maanden later, door financiële problemen en conflicten binnen de redactie.
De jonge De Laet was liberaal, antiklerikaal en niet erg kerks: dat blijkt van 1838 af uit zijn vertrouwelijke briefwisseling met Ferdinand A. Snellaert
Snellaert, Ferdinand A. Ferdinand Augustijn Snellaert (1809-1872) was arts en filoloog, een van de leidende figuren van de jonge Vlaamse beweging en pleitbezorger voor culturele eenheid met Nederland. Lees meer en uit zijn roman Het Huis van Wesenbeke, die in het voorjaar van 1842 verscheen. Voor de parlementaire verkiezingen van 1841 zou hij liberale pamfletten hebben opgesteld waarin hij ‘de partij van adel en geestelijkheid’ scherp hekelde. Maar het eerste politieke optreden van de Vlaamse beweging, het petitionnement Petitionnement Lees meer van 1840, deed hem van kamp veranderen. Voor de Vlaamse beweging viel in zijn ogen meer heil te verwachten van de katholieken.
Vlaemsch België
Die politieke evolutie was duidelijk te merken in zijn dagblad Vlaemsch België. Hij gaf het blad een katholieke kleur, maar botste op scepsis van de geestelijkheid. De Laet staakte daarom liever de uitgave van de krant dan haar te verlaten (21 november 1844). Domien Sleeckx
Sleeckx, Domien Domien Sleeckx (1818-1901) was op meerdere vlakken een pionier in de Vlaamse emancipatiestrijd, in het bijzonder in de vernederlandsing van het onderwijs. Lees meer en Jaak van de Velde Van de Velde, Jaak Lees meer , zijn redacteurs, gaven onmiddellijk het katholieke dagblad De Vlaemsche Belgen De Vlaemsche Belgen Lees meer uit, waarop De Laet hen in verscheidene liberale kranten beschuldigde dat ze hem zijn blad ontstolen hadden. In 1846 antwoordde Sleeckx met een campagne in de Nederlandstalige liberale pers Pers Van bij het ontstaan van de Vlaamse beweging vervulde de Nederlandstalige pers een belangrijke rol als spreekbuis. De veelheid aan Vlaamse kranten en (week)bladen die in de 19de en 20ste ... Lees meer tegen De Laet en Conscience, die hij ervan betichtte dat ze zichzelf verkocht hadden aan de katholieke regering.
De Laet deed daarna nog wel journalistiek werk, maar hoefde zich niet meer voor lange tijd aan één periodiek te binden, omdat hij in de jaren 1846-1849 herhaaldelijk overheidsopdrachten kreeg, in feite sinecures om hem vrij te maken voor literair werk - vergelijkbaar met gelijkaardige opdrachten voor Conscience - waaronder de eretitel van professeur agrégé aan de universiteit van Gent. In 1849 krijgt hij de opdracht om een museumcatalogus voor het Antwerpsch Museum samen te stellen voor de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten.Het was een van de eerste wetenschappelijke museumcatalogi in België.
Conflict
In 1847 werkten De Laet en Conscience mee aan De Roskam
De Roskam Antwerps unionistisch weekblad (26 januari 1847 – 27 februari 1848), gesticht door Lodewijk Vleeschouwer, antipode van De Schrobber. Lees meer , het satirisch blad van Lodewijk Vleeschouwer
Vleeschouwer, Lodewijk Lodewijk Vleeschouwer (1810-1866) was medewerker aan tal van periodieken. Hij was lid van De Toekomst en van rederijkerskamer De Olijftak. In 1847 stichtte hij het satirisch weekblad De R... Lees meer . Ze verdedigden daarin een katholiek-unionistische kandidaat voor de Kamer. Door de oplopende spanningen met de liberale flaminganten en de polemiek die daarmee gepaard ging, werden Conscience, De Laet en Vleeschouwer in 1847 uit De Olijftak gezet. Ze richtten samen de tegenhanger Voor Tael en Kunst
Voor Tael en Kunst Lees meer op. In 1848 werd De Laet hoofdredacteur van het katholiek-unionistische Journal d'Anvers, dat hij tot een duidelijk katholiek-conservatief blad maakte. In de parlementaire kiesstrijd van 1851 mengde hij zich bovendien door het schrijven van brochures en als redenaar. Hij speelde toen een vooraanstaande rol in het Antwerpse katholieke partijleven, waar hij een duidelijk Vlaamsgezinde stempel op drukte.
Sinds de zomer van 1853 woonde De Laet in Brussel en was hij hoofdredacteur van L'Emancipation, een katholieke krant die nog veel van haar unionisme bewaard had. Bij de parlementsverkiezingen van 1854 liet hij zich voordragen als Vlaamsgezinde kandidaat op een coalitielijst van radicale liberalen, Vlaamsgezinden en katholieken, ter verdediging van enkele randgemeenten
Vlaamse Rand De Vlaamse Rand omvat de negentien gemeenten grenzend aan Brussel of aan een faciliteitengemeente. De relatie tot Brussel leidt er tot specifieke uitdagingen. Lees meer tegen hun inlijving bij Brussel.
Zakenman
Vanaf 1854 maakte De Laet fortuin met een industriële bakkerij in de Hoogstraat in Antwerpen, inclusief bijwinkels. Ook in Brussel opende hij een bakkerij. Toen hij als industrieel naar Antwerpen terugkeerde, liet hij zich niet meer actief in met de politiek. Bij gelegenheid verklaarde hij zich partijloos. De Laet werd zakenman en had de journalistiek niet meer nodig.
Nederduitsche Bond
In 1861 nam De Laet, zoals al wie in Antwerpen naam had als Vlaamsgezinde, deel aan de stichting van de Nederduitsche Bond
Nederduitsche Bond De Nederduitsche Bond (1861-1914) was een Antwerpse kiesvereniging die flamingantische katholieken en liberalen verenigde. De Bond was een invloedrijke machtsfactor binnen de Meeting, voo... Lees meer . Hij werd gekozen tot lid van het bestuur, dat 20 leden telde, als vertegenwoordiger van de katholieken. Hij speelde in dat bestuur echter geen rol, tot hij zich op de vergadering van 26 mei 1863 handig als kandidaat-volksvertegenwoordiger liet verkiezen. Hij zetelde als Kamerlid tot aan zijn dood in 1891.
In de Kamer legde De Laet de eed af in het Nederlands, als eerste sinds 1831, maar in de debatten sprak hij uitsluitend Frans en hij bleef dat doen, hoewel daarop in de Nederduitsche Bond kritiek kwam. Zijn optreden betrof niet alleen de taalkwestie, maar ook en vooral 'het Antwerpse vraagstuk' (de eis tot demilitarisering van Antwerpen) dat aanleiding was geweest tot het ontstaan van de Meetingpartij
Meetingpartij De Meeting (1862-1914) was een Antwerpse politieke formatie die ontstond uit een coalitie van flaminganten, progressieve liberalen en katholieken. Ze liet zich kenmerken door een uitgespr... Lees meer , en het 'despotisme' van de regering- Charles Rogier
Rogier, Charles Charles Rogier (1800-1885) was een liberale politicus die meermaals een functie als minister of regeringsleider bekleedde. In zijn streven naar een sterke, geünificeerde en op termijn een... Lees meer . Als voorman van de ‘Antwerpse bank’ in de Kamer werd hij een de kopstukken van de Vlaamse beweging, die de polemiek niet schuwde. Een incident in de Kamer met minister van oorlog Chazal leidde zelfs tot een sterk gemediatiseerd duel tussen de twee mannen.
Vlaamsche Zaak
Nog meer dan vele andere flaminganten zag De Laet in de Vlaamse beweging een beweging voor decentralisatie en democratie, waarvan antimilitarisme, de uitbreiding van het stemrecht en de verdediging van de volkstaal onderdelen waren. In die zin hielp hij het dagblad L'Escaut L'Escaut Lees meer stichten en redigeren, het enige Franstalige dagblad van het land dat radicaal Vlaamsgezind was. In de volgende jaren zou hij in heel het land de samenwerking van katholieke en liberale vooruitstrevenden tegen de regeringen van Rogier en Hubert Frère-Orban bepleiten.
Julius de Geyter
De Geyter, Julius Julius de Geyter (1830-1905) was een progressief-liberale en Groot-Nederlandse flamingant in Antwerpen, die Nederlandstalige gedichten, liederen en krantenartikelen schreef. Lees meer verweet hem daarom in januari 1866, toen hij de Nederduitsche Bond en de Meeting verliet om terug te keren naar de liberale partij
Liberale partij De verhouding tussen de liberale partij en het partijpolitieke liberalisme in België enerzijds, en de Vlaamse beweging anderzijds levert een gevarieerd en ingewikkeld beeld op dat evoluee... Lees meer , dat hij het taalvraagstuk verwaarloosd had. Pas toen maakte deze werk van zijn sinds lang aangekondigd verslag voor de Kamer over de Vlaamse grieven. Dat verscheen onder de titel Vlaamsche Zaak, in 1866. Daarin schreef De Laet ‘dat verre van België's nationaliteit te verzwakken, het bestaan van twee talen moet worden beschouwd als daarstellende voor deze eene bronwel van macht, een onderpand van hechtheid en rust, een middel van invloed en krachtontwikkeling.’
Conflict met Van Rijswijck
Van 1864 tot 1870, en zelfs nog later, heeft een persoonlijke twist rond financiële kwesties tussen de zakenman De Laet en journalist-politicus Jan van Rijswijck een rol gespeeld in de Antwerpse politiek en De Laets positie in de Nederduitsche Bond erg wankel gemaakt. De Laet werd beschuldigd steekpenningen te hebben ontvangen van een bouwmaatschappij bij de verkoop van militaire gronden rond de stad. Toch bleef De Laet de Bond in het parlement vertegenwoordigen. In de liberale pers werd het feit dat De Laet 'zich had laten omkopen' een van de hoofdpunten van de anti-Meetingpropaganda. De broedertwist tussen de twee medestichters van de Meetingpartij markeerde de oplopende spanningen tussen katholieken en liberalen in de stad. Van Rijswijck had het schip van de Meeting verlaten en de Antwerpse liberalen hergroepeerden zich als ‘ geuzen Geuzen De Geuzen waren opstandige edelen in de 16de-eeuwse Nederlanden, die rebelleerden tegen de Spaanse overheersing. Eind 19de eeuw groeide de term ‘geus’ in Vlaanderen uit tot een populair h... Lees meer ’.
De wet-De Laet
In 1870 viel, na dertien jaar, de liberale regering. Onder de katholieke meerderheid lag de weg open voor een taalwetgeving Taalpolitiek en -wetgeving Situaties van taalonderdrukking vindt men wereldwijd. Daarom besteedt deze bijdrage eerst aandacht aan gehanteerde taalpolitieke strategieën. Ook in België verzette een gedomineerde taalg... Lees meer , en het waren vooral de Meeting-volksvertegenwoordigers De Laet en Edward Coremans
Coremans, Edward (1835-1910) Edward Coremans (1835 – 1910) was een Antwerpse advocaat en politicus van de Meetingpartij. Hij was de politieke vader van de eerste taalwetten. Van 1872 tot 1900 gold hij als de politiek... Lees meer die daarop aandrongen. De naam van De Laet blijft voor altijd verbonden met de wet van 1878 betreffende de besturen van de staat (zie Bestuur
Bestuur Het taalgebruik in het bestuur is een centraal aspect van de Belgische taalkwestie. Het omvat het proces van het afdwingen van taalrechten voor Vlamingen evenals de bestuurstaalwetgeving ... Lees meer ), die uit zijn initiatief is voortgekomen. Daarna heeft De Laet inzake de taalwetgeving de leiding aan Coremans overgelaten. In het algemeen trad hij in de politiek niet meer op de voorgrond, al bleef hij tot aan zijn dood volksvertegenwoordiger. In 1883 bezorgde hij nog de tweede uitgave van zijn Gedichten, en van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde
Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) De Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde (KANTL, 1886) is een instelling die zich in de loop van haar geschiedenis heeft ingezet zowel voor taalculturele, -wetenschappeli... Lees meer was hij lid van bij haar oprichting in 1886.
Archief
– Letterenhuis: Archief van Jan Alfried de Laet [isad:lh:41952]
Literatuur
– J. van Ryswyck, Dicht- en prozawerken, 1885.
– J.B. van Mol, Les élus d'Anvers depuis 1830, 1889.
– A. Snieders, Johan Alfred De Laet, in: Jaarboek van de KVATL (1892), p. 67-102.
– F. de Laet, La Question des terrains militaires de l'ancienne enceinte d'Anvers en 1864, 1902.
– P. Fredericq, Schets eener geschiedenis der Vlaamsche Beweging, II en III-1, 1906 en 1908.
– L. Wils, De politieke oriëntering van de Vlaamse beweging (1840-1857), 1959.
– id., Het ontstaan van de Meetingpartij te Antwerpen en haar invloed op de Belgische politiek, 1963.
– M. van Bosstraeten, Jan De Laet. Een monografie, 1966.
– E. de Bens, Vlaemsch België, het eerste vlaamsgezinde dagblad, 1968.
– J. Vanhecke, Voor moedertaal en vaderland. Hendrik Conscience, biografie, 2021.
Martin Schoups (2024), Lode Wils (1998). De Laet, Jan Jacob. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2024. https://devb.be/id/per-003560.