Brulez, Raymond
De letterkundige Raymond Brulez (1895-1972) maakte deel uit van een selecte groep francofiele Vlaamse auteurs die uitsluitend of hoofdzakelijk in het Nederlands publiceerden. Brulez maakte zich sterk voor de verzelfstandiging van de literatuur, maar huldigde tevens een gematigd Vlaams patriottisme.
Yvan de Maesschalck (2025), Raymond Vervliet (1998). Brulez, Raymond. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2025. https://devb.be/id/per-001471.
Raymond Ferdinand Martijn Jacob Gustaaf Brulez was de vijfde en jongste telg van Hélène D’Hondt en Charles Brulez, die tot 1906 het hotel-pension Maison Brulez-D’Hondt uitbaatten in Blankenberge. Vader Charles werkte er als plaatselijk gemeentesecretaris en hoewel hij als vrijzinnige levenslang lid bleef van het flamingantische Willemsfonds
Willemsfonds (WF) Het Willemsfonds (1851-heden) is een liberaal-vrijzinnige culturele vereniging en drukkingsgroep die het gebruik van het Nederlands promoot en ondersteunt. Lees meer , was de thuistaal bij de Brulez’ toch het Frans.
Jeugd en ontluikend flamingantisme
Een jaar na de vroegtijdige dood van vader Charles in 1906 verhuisde het gezin Brulez naar ‘Villa Hélène’ in Watermaal-Bosvoorde. Raymond werd ingeschreven aan het Franstalige Atheneum van Elsene/Ixelles en ontwikkelde er, ondanks het franskiljonse Franskiljon 'Franskiljon' is in het traditionele flamingantische discours de benaming van een voorstander en bevorderaar van de verfransing in Vlaanderen. Het begrip kenmerkt iemand die overtuigd is ... Lees meer milieu, een uitgesproken flamingantische Flamingant Flamingantisme is een term die met verschillende betekenissen wordt toegekend aan actoren binnen de Vlaamse beweging en het Vlaams nationalisme. Lees meer houding. Mede dankzij de bevlogen leraar Nederlands Pieter Tack Tack, Pieter De vrijzinnige flamingant Pieter Tack (1870-1943) was tijdens de Eerste Wereldoorlog een van de leidende figuren van het activisme, onder andere als voorzitter van de Raad van Vlaanderen ... Lees meer , die in 1917-1918 voorzitter zou worden van de Raad van Vlaanderen
Raad van Vlaanderen (1917-1918) De Raad van Vlaanderen (1917-1918) was een activistisch marionettenparlement tijdens de Eerste Wereldoorlog, dat onderdeel was van de Duitse plannen om in Vlaanderen een blijvende invloed... Lees meer , kwam hij in contact met het werk van onder meer de Tachtigers en Van Nu en Straks
Van Nu en Straks Van Nu en Straks (1893-1901) was een literair en cultureel tijdschrift, dat voor Vlaanderen vernieuwend was doordat het aansloot bij internationale eigentijdse denkrichtingen zoals het an... Lees meer , Herman Gorter (1864-1927) en Karel van de Woestijne
Van de Woestijne, Karel Karel van de Woestijne (1878-1929) was een Gentse dichter, prozaïst, criticus en journalist. Hij engageerde zich als gematigd flamingant binnen de Vlaamse beweging en was tijdens de Eerst... Lees meer voorop.
Geïnspireerd door de figuur en het werk van Albrecht Rodenbach
Rodenbach, Albrecht Albrecht Rodenbach (1856-1880) was een West-Vlaams studentenleider en dichter, die een sleutelrol speelde in het ontstaan van de Blauwvoeterij en de katholieke Vlaamse studentenbeweging. ... Lees meer richtte Brulez op het atheneum in Elsene in 1910 de vereniging Vlaamsche Taalvrienden op. Over hun activiteiten berichtten zij uitvoerig in het Vlaamsgezinde scholierenblad De Goedendag
De Goedendag (1891-1940) Lees meer , waarin ook de jonge Brulez in september 1911 zijn eerste impressie publiceerde: ‘Op ’t Staketsel’. Een vlammende redevoering van de Nederlandse filosoof Gerard Bolland
Bolland, Gerard De Nederlandse hoogleraar filosofie Gerardus Bolland (1854-1922) maakte in 1911-1912 een opgemerkte lezingentournee in Vlaanderen, waarin hij sterk opkwam voor het Nederlands. Lees meer in het Brusselse stadhuis in december 1911 én zijn vriendschap met zijn Blankenbergse vrienden Henri Cayman Cayman, Hendrik Hendrik Cayman (1894-1946) engageerde zich in het activisme tijdens de Eerste Wereldoorlog. Na de oorlog beheerde hij het Algemeen Vlaamsch Nationaal Secretariaat in Gent en in 1925 lag h... Lees meer , zijn latere zwager, en met Urbain van de Voorde
Van de Voorde, Urbain Urbain van de Voorde (1893-1966) was een Vlaamsgezinde dichter, essayist, journalist, literatuurcriticus en polemist. Lees meer wakkerden zijn Vlaamsgezindheid aan. Een nare persoonlijke ervaring met een Duitse beambte maakte hem, naar eigen zeggen, ‘op slag immuun voor de argumenten van het activisme
Activisme Het begrip activisme verwijst naar de fractie van flaminganten die tijdens de Eerste Wereldoorlog bereid was om politiek of anderszins samen te werken met de Duitse bezetter en financiële... Lees meer ’ (Van Parys 2015, p. 70).
Zijn belangstelling voor de Nederlandse Nederland Nederland is met Vlaanderen verbonden door de economische infrastructuur, de taal en de geschiedenis. Vanaf eind 18de eeuw kreeg die verbondenheid in taal en cultuur op uiteenlopende mani... Lees meer romanliteratuur werd versterkt door zijn keuze voor Germaanse talen aan de Vrije Universiteit Brussel (1913-1914). Hij volgde er college bij August Vermeylen
Vermeylen, August August Vermeylen (1872-1945) was een schrijver, literatuur- en kunsthistoricus, en socialistisch senator. In het tijdschrift Van Nu en Straks, waarvan hij de leiding had, publiceerde hij ... Lees meer en de pacifistisch
Pacifisme Binnen de Vlaamse beweging leefden van meet af aan antimilitaristische sentimenten. Vanaf 1914 radicaliseerden deze tot een pacifistische tendens. Aan de basis ervan lag niet alleen een a... Lees meer ingestelde docent Duits – en dichter – Ernst Stadler (1883-1914), die aan het front tijdens de Eerste Wereldoorlog de dood vond. Een en ander verhinderde niet dat hij zijn liefde voor en kennis van de Franse letteren bleef cultiveren. Hij raakte in de ban van auteurs als Gustave Flaubert, Jules Laforgue, Anatole France en Maurice Barrès. Daar voegde hij later een blijvende adoratie voor A la recherche du temps perdu van Marcel Proust (1871-1922) aan toe. Ook de omgang met de rechtenstudenten Max
Lamberty, Max Max Lamberty (1893-1975) was een politiek en sociaal filosoof, die theoretisch werk over de grondslagen van de Vlaamse beweging leverde. Lees meer en Robert Lamberty, met wie hij bijna levenslang zou corresponderen, verschafte hem de mogelijkheid actief aan de Romaanse en Germaanse cultuur te participeren en op de hoogte te blijven van de toestand aan de door de Duitsers vernederlandste Gentse universiteit in oorlogstijd. Tussen 1 oktober 1915 en 31 juli 1918 ging hij bovendien als leraar Nederlands en Duits aan de slag, achtereenvolgens in Morlanwelz, Brussel en Blankenberge.
De Eerste Wereldoorlog
Terwijl zijn broers Fernand en Lucien zich engageerden in het activisme, beproefde Raymond zijn pen als prozaïst. Tijdens de oorlogsjaren begon hij aan een roman waarvan het hoofdpersonage aanvankelijk een zekere Julien Savigny was, die vanaf 1918 evenwel vervangen werd door ‘André Terval’. Brulez’ debuutroman André Terval of Inleiding tot een leven van gelijkmoedigheid, werd na een lange incubatieperiode en de afwijzing ervan door Eugène de Bock De Bock, Eugène Eugène de Bock (1889-1981) was een Vlaamse uitgever en auteur. Hij was de oprichter en directeur van uitgeverij De Sikkel en stichtte ook mee de Vereniging ter bevordering van het Vlaamse... Lees meer van uitgeverij De Sikkel
De Sikkel De Sikkel was een uitgeverij die in 1919 werd opgericht door de activistische letterkundige Eugène de Bock. Vanaf 1954 ging de uitgeverij zich hoofdzakelijk toeleggen op schoolboeken en i... Lees meer , pas in 1930 gepubliceerd als een co-editie van De Spieghel in Amsterdam en Het Kompas in Mechelen, mede dankzij de ‘onvermoeibare démarches’ (sic) van Urbain van de Voorde (zoals Brulez memoreerde in De toren van Lynkeus, p. 56). Deze ontwikkelingsroman werd overigens op gemengde reacties onthaald. De kritiek betrof zowel de ‘dilettantische’ levenshouding van het hoofdpersonage als de soms ‘pompeus aandoende schrijftrant’ en de veeleer onevenwichtige compositie. Sommige critici achtten het individualistische wereldbeeld van André Terval bovendien strijdig met de idealistische denkbeelden van de Vlaamse beweging, waarvan diens antipode Paul Wilmet in de roman de spreekbuis is. (Van André Terval verscheen nog een opgemerkte herdruk bij Manteau in 1978 en een wetenschappelijke editie bij Academia Press in 2018.)
Literaire doorbraak en erkenning
Brulez werd na zijn obligate legerdienst in december 1921 aangenomen als bediende bij de Dienst der Militaire Grafsteden in Brugge, een administratieve job waarvan echo’s doorklinken in het verhaal ‘De terugkeer’ en in zijn memoires. Op 16 mei 1922 trouwde hij met de Brugse couturière Angèle Seynaeve. Kort daarna ging hij tot 1927 aan de slag als corrector bij de Presses Sainte Catherine/Sinte Katharina Drukkerij in Brugge.
Ongetwijfeld inspireerden zijn ervaringen in de drukkerij hem tot het korte verhaal ‘De opstand der voetnota’s’ (1930), waarin de in noten gebezigde kleinere letterkorpsen op bladzijde 1789 – een knipoog naar de Franse Revolutie – alle (grotere) lettertekens overhoop gooien en dus in opstand komen. Merkwaardig genoeg ontbrak het geestige verhaal in de eerste druk van Brulez’ verhalenbundel Sheherazade of Literatuur als losprijs (1932), maar in de latere herdrukken (1946, 1955, 1999 en 2015) komt deze ‘typografische fantasie’ wél voor, zij het als niet-corrupte tekst alleen in de postume, door Joris van Parys bezorgde herdruk van 2015.
Ondanks de lof en erkenning van bevriende critici als Raymond Herreman
Herreman, Raymond Raymond Herreman (1896-1971) was een socialistische en Vlaamsgezinde dichter, essayist en journalist die zich profileerde als een vrijzinnig humanist. Na de Eerste Wereldoorlog werd hij a... Lees meer en Marnix Gijsen
Goris, Jan-Albert Jan-Albert Goris (1899-1984) was een veelzijdig schrijver, ambtenaar en diplomaat. Als literator maakte hij naam onder het pseudoniem Marnix Gijsen. Hij debuteerde als expressionistisch d... Lees meer waren de jaren 1930 voor Brulez een verwarrende tijd. Niet alleen vanwege een merkbare verrechtsing van het establishment, maar ook omdat zijn ‘oorlogsstudentenroman’ Julien Martijn en zijn toneelstuk De schoone slaapster (1931) geen uitgever vonden. Toch ging het naderhand de goede kant op met zijn schrijverschap: nadat hem in 1933 de Nestor de Tière-toneelprijs was toegekend, beleefde het maatschappijkritische stuk in Leuven een opgemerkte première op 24 september 1934. Bovendien ontstond in december 1933 het concept dat tot de novelle De Verschijning te Kallista (1953) zou leiden, een in de Griekse oudheid gesitueerde ‘conte philosophique’ in voltairiaanse trant.
Een bijzondere episode vormde ongetwijfeld zijn medewerking aan het Brusselse weekblad Cassandre, waar hij via Marnix Gijsen bij betrokken raakte. Voor het tijdschrift verzorgde hij van januari 1935 tot april 1937 een vijftigtal kronieken, waarvan een aantal zou worden gebundeld tot het boek Ecrivains flamands d’aujourd’hui (1938). Het blad werd geleid door Paul Colin
Colin, Paul De Brusselse intellectueel en kunsthistoricus Paul Colin (1895-1943) doorliep een contrastrijk intellectueel parcours dat hem tussen 1918-1919 en 1940-1943 van extreem pacifistisch links ... Lees meer , die vanaf 1937 in rexistisch
Rex Rex was een Belgische politieke partij (1935-1940) en een collaboratiebeweging in Franstalig België (1940-1944). Lees meer vaarwater zou belanden, een ideologische keuze waarvan Brulez zich distantieerde. Hij had intussen naam gemaakt als een scherpzinnig essayist, die ook de waardering genoot van Noord-Nederlandse auteurs als Eddy du Perron, Simon Vestdijk en Menno ter Braak. Maar dat laatste betekende niet dat het tot een vlotte samenwerking kwam met het door hen geleide, toonaangevende tijdschrift Forum (1932-1935). Op verzoek van de socialistische voorman Achiel van Acker
Van Acker, Achille Achille van Acker (1898-1975) was een socialistische politicus uit Brugge, die in het begin van zijn carrière een tijdlang lid was van de Frontbeweging. Na de Tweede Wereldoorlog bekleedd... Lees meer trad hij in 1936, samen met onder anderen Karel Jonckheere
Jonckheere, Karel Karel Jonckheere (1906-1993) was een auteur en propagandist voor de Vlaamse letterkunde in binnen- en buitenland. Lees meer en Richard Minne
Minne, Richard Lees meer , wel toe tot de redactieraad van de Brugse volksuitgeverij De Garve
De Garve Lees meer .
Tussen politiek en literaire autonomie
In zijn essay ‘Grenzen der litteratuur’ (1933) had Brulez nadrukkelijk gepleit voor literatuur
Literatuur De literatuur heeft een cruciale rol gespeeld in het ontstaan van de Vlaamse ontvoogdingsstrijd en ook in de daaropvolgende fasen van de Vlaamse natiewording zijn schrijvers vaak richting... Lees meer als ‘een autonome, zelfstandige bedrijvigheid’ (p. 515). Die opvatting zou hem niet beletten het politiek geladen toneelstuk De beste der werelden (1935) te schrijven, dat persiflerend bedoeld was, maar in tijden waarin fascisme en antisemitisme
Antisemitisme Lees meer in opgang waren, makkelijk tot misverstanden aanleiding had kunnen geven. Het werd pas in april 1945 opgevoerd door de Gentse KNS
Koninklijke Nederlandse Schouwburg (KNS) De Koninklijke Nederlandse Schouwburg (KNS) (1853-1998) in Antwerpen gold lange tijd als het belangrijkste Nederlandstalige theatergezelschap van België. In 1998 ging de KNS op in het Ton... Lees meer .
Brulez’ leven nam een bijzondere wending toen hij, mede op instigatie van studievriend Julien Kuypers
Kuypers, Julien Julien Kuypers (1892-1967) was een Vlaamse, socialistische schrijver en ambtenaar. Hij was meerdere malen kabinetschef op socialistische ministeries en bekleedde hoge functies op het depa... Lees meer , op 10 januari 1936 benoemd werd tot ‘letterkundig secretaris’ voor de gesproken uitzendingen van de openbare radio-omroep NIR, de voorloper van de latere BRT. In die en andere functies slaagde hij erin zijn persoonlijke contacten met het literaire veld te verbreden. Als omroepman zette hij zich in voor de verbreiding van het Algemeen Beschaafd Nederlands Standaardtaal De standaardtaal is het product van renaissancistische opvattingen over taal en het resultaat van een reeks concrete taalinterventies. In het Nederlandse taalgebied leidde dit naar een St... Lees meer en de culturele samenwerking met Nederland.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog
Tweede Wereldoorlog De Tweede Wereldoorlog werd in Vlaanderen getekend door de onvoorwaardelijke collaboratie van het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV). De samenwerking met de bezetter en de bestraffing erva... Lees meer werden zijn werkzaamheden opgeschort en nam Wies Moens
Moens, Wies Lees meer het roer van de collaborerende Zender Brussel
Zender Brussel Zender Brussel (1940-1944) was een collaborerend Vlaams Radio-instituut tijdens de Tweede Wereldoorlog. Lees meer over. In tegenstelling tot zijn broers Fernand en Lucien, die wegens aperte Duitsgezindheid werden opgepakt, kon Raymond na de oorlog zijn werkzaamheden hervatten bij de Belgische Nationale Radio-Omroep, waarvan hij de uitzendingen blijkens zijn nieuwjaarstoespraak in 1946 beschouwde als een ‘welvertinde spiegel’ en ‘de levende Universiteit dezer tijden’.
Naoorlogse literaire activiteit
In weerwil van een drukke agenda bleef Brulez, die met zijn gezin verhuisd was naar Brussel Brussel In de geschiedenis van de Vlaamse beweging speelde Brussel een unieke rol vanwege haar hoofdstedelijke functies, economische aantrekkingskracht en als symbool van verfransing, die zich v... Lees meer , literair heel actief. Zo was hij als redacteur nauw betrokken bij het door Herman Teirlinck
Teirlinck, Herman Herman Teirlinck (1879-1967) was een Vlaamse prozaschrijver en toneelvernieuwer, die onder andere als raadsheer van de koning en directeur van de Nationale Hogere School voor Bouw- en Sie... Lees meer in 1946 opgerichte Nieuw Vlaams Tijdschrift
Nieuw Vlaams Tijdschrift (NVT) Het Nieuw Vlaams Tijdschrift (NVT) (1946-1983) was een vrijzinnig georiënteerd literair tijdschrift. Het werd op initiatief van August Vermeylen opgericht door Herman Teirlinck. Het blad... Lees meer , in dankbare herinnering aan August Vermeylen, die plannen had gekoesterd voor een blad dat hij Diogenes wou dopen. Vanaf de eerste jaargang leverde Brulez tussen 1946 en 1949 tientallen bijdragen voor de rubriek ‘Zoek de mens’. Een vijftigtal ervan werd later gebundeld in Diogeentjes (1962). Hij laat zich daarin kennen als een heel belezen, sceptisch ingesteld humanist met manifeste voor- en afkeuren: onder meer tegen Paul van Ostaijen
Van Ostaijen, Paul Paul van Ostaijen (1896-1928) was een schrijver die met zijn poëzie, proza en kritische werk grote invloed heeft uitgeoefend op de Nederlandstalige literatuur. Zijn zoektocht naar een nie... Lees meer als ‘een niet bijzonder talentvol epigoon van Apollinaire’ en voor een gefundeerd, niet militant Vlaams patriottisme, een soort flamingantisme ‘in mineur’.
Tegelijk bleef hij schaven aan zijn ‘geromantiseerde levensbeschrijving’, de vierdelige reeks Mijn woningen, die een indringend beeld geeft van ‘de Vlaamse burgerij en de Vlaamse culturele geschiedenis van het begin van deze eeuw’ (Brulez in een NRC-interview van 1953). In de tweedelige Meulenhoff-herdruk (1986; in één deel in 1997) is zijn ‘vierdelig fresco’ goed voor meer dan 800 bladzijden: het eerste deel bevat Het huis te Borgen (1950) en Het pakt der triumviren (1951), het tweede deel De haven (1952) en Het mirakel der rozen (1954). Veel persoonlijke realia worden in dit proustiaanse magnum opus, waarvan de esthetiserende, metaforische stijl weleens aan die van Maurice Gilliams doet denken, aangevuld met talloze ‘bijna achteloos-terloopse toespelingen’ op of verwijzingen naar de Vlaamse beweging (Dubois 1998, p. 270).
Soms neemt de ik-verteller afstand van het ik-personage en geeft hij blijk van de nodige zelfrelativering, zoals in volgende zinsneden helemaal op het einde van Het mirakel der rozen: ‘Wat betekende daarentegen mijn flamingantisme? Laat ik het maar bekennen; iets heel onwezenlijks; het naïef verlangen dat alle Vlamingen, van de ingenieur tot de landman, van de kruidenier tot de edelman, enthousiaste lezers zouden worden van Karel van de Woestijne en liever nog van Boutens en Leopold…’ (editie 1986, p. 440).
In 1951 werd Brulez voor Het huis te Borgen de driejaarlijkse staatsprijs voor proza toegekend. Een andere blijk van erkenning was de opname van zijn naam in de Katholieke Encyclopaedie, al leidde die vermelding tot een vrijmoedige en vinnige briefwisseling met Frank Baur
Baur, Frank Frank Baur (1887-1969) was een journalist, criticus, hoogleraar en veelgevraagd redenaar. Lees meer , toenmalig hoofdredacteur van Vlaanderen
Vlaanderen (1953-1955) Vlaanderen (1953-1955) was het weekblad van de Vlaamse Concentratie (1953-1954) en de Vlaamse Volksbeweging (VVB) (1955). Lees meer . Hetzelfde geldt voor Pierre H. Dubois’ verzoek aan Brulez om eind 1953 als enige Vlaamse schrijver toe te treden tot de redactie van het maandblad Het Boek van Nu. Gedurende negen jaar zou hij aan het blad honderddertig bijdragen leveren, hoofdzakelijk gewijd aan de Franse literatuur.
Tijdens de zitting van 24 september 1960 werd hij verwelkomd als nieuw lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal en Letterkunde
Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) De Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde (KANTL, 1886) is een instelling die zich in de loop van haar geschiedenis heeft ingezet zowel voor taalculturele, -wetenschappeli... Lees meer . Die installatie viel min of meer samen met zijn pensionering bij de inmiddels tot BRT omgedoopte omroep, ter gelegenheid waarvan hij door directeur-generaal Jan Boon
Boon, Jan Jan Boon (1898-1960) was tijdens de Eerste Wereldoorlog betrokken bij het activisme. Later was hij hoofdredacteur van De Standaard. Van 1939 tot aan zijn overlijden had hij de leiding van... Lees meer en de christendemocratische minister Renaat van Elslande Van Elslande, Renaat Renaat van Elslande (1916-2000) was een redacteur en katholiek politicus. Hij zetelde 32 jaar in de Kamer en vervulde meerdere ministerfuncties. Lees meer werd gehuldigd. Hoewel hem nog het ereburgerschap van zijn geboortestad Blankenberge werd verleend in 1961, was het vooral de vriendschap met dichteres Christine D’haen (1923-2009) die de laatste jaren van deze melancholisch gestemde schrijver opvrolijkte, zeker na de dood van zijn echtgenote op 28 september 1964.
Op enkele essays in Dietsche Warande en Belfort
Dietsche Warande en Belfort Dietsche Warande en Belfort was een Vlaams tijdschrift voor literatuur- en geestesleven. Het ontstond in 1900 door de samensmelting van de tijdschriften Dietsche Warande en Het Belfort.... Lees meer , de verhalenbundel Proefneming der eenzaamheid (1969) en de autobiografische monografie De toren van Lynkeus na, hield Brulez zich vanaf de jaren 1960 meer op de achtergrond. Toch werd hij in 1963 voorzitter van de Commissie van Advies tot Bevordering van het Nederlands en kwam zijn toezegging om lid te worden van het IJzerbedevaartcomité IJzerbedevaartcomité Lees meer op 14 februari 1970 geheel onverwacht, tot ‘verbijstering en ontstemming bij loge- en andere vrienden’ (Durnez, p. 70). Wellicht werd zijn toetreding mede ingegeven door zijn ergernis over de toenemende verfransing van de Brusselse rand
Vlaamse Rand De Vlaamse Rand omvat de negentien gemeenten grenzend aan Brussel of aan een faciliteitengemeente. De relatie tot Brussel leidt er tot specifieke uitdagingen. Lees meer , waar hij woonde. Brulez zou na een zware hartoperatie aan de gevolgen van een inwendige bloeding overlijden op 17 augustus 1972. Op de sobere uitvaart waren oude bekenden als Max Lamberty, Marcel Coole en Hubert van Herreweghen aanwezig, maar zijn Oostendse vriend Karel Jonckheere niet. Schoonzoon Emile a Campo, echtgenoot van dochter Annie Brulez, hield een korte grafrede. Christine D’haen schreef een aangrijpend ‘Grafschrift voor Raymond Brulez (obiit 17 augustus 1972)’, dat werd gepubliceerd in het Nieuw Vlaams Tijdschrift (1973/1).
Archief
– Letterenhuis: Archief van Raymond Brulez [isad:lh:10580]
Werken
— André Terval of Inleiding tot een leven van gelijkmoedigheid, Amsterdam-Mechelen, 1930.
— De laatste verzoeking van Antonius, Cultura, Brugge, 1932.
— Sheherazade of Literatuur als losprijs, Kortrijk, 1932.
— Grenzen der litteratuur, in: Dietsche Warande en Belfort, jg. 34, 1933, nr. 7, pp. 494-516.
— Een mei, in: Elseviers Geïllustreerd Maandschrift, jg. 45, 1935, dl. LXXXIX, pp. 109-120.
— De Noord-Nederlandsche letterkunde sinds 1914, Brussel, 1936.
— De schoone slaapster. Tooneelspel in drie bedrijven en een tusschenspel, Antwerpen, 1936.
— Novellen en schetsen, Brugge, 1936.
— Het huis te Borgen, Meulenhoff, Amsterdam, 1950 (deel 1 van Mijn woningen).
— Het pakt der triumviren, Meulenhoff, Amsterdam, 1951 (deel 2 van Mijn woningen).
— De haven, Meulenhoff, Amsterdam, 1952 (deel 3 van Mijn woningen).
— De beste der werelden. Zeer vrij naar Voltaire's ‘Candide ou l'optimisme’, Antwerpen 1953.
— De Verschijning te Kallista, Meulenhoff, Amsterdam, 1953.
— Het mirakel der rozen, Meulenhoff, Amsterdam, 1954 (deel 4 van Mijn woningen).
— Diogeentjes, Hasselt, 1962.
— De toren van Lynkeus, Brugge-Utrecht, 1969.
— Proefneming der eenzaamheid, Brugge, 1969.
— Mijn woningen. Deel 1: Het huis te Borgen. Het pakt der triumviren, Amsterdam, 1986, (derde druk van beide romans).
— Mijn woningen. Deel 2: De haven. Het mirakel der rozen, Amsterdam, 1986, (derde druk van beide romans).
— Mijn woningen. Autobiografisch vierluik, Meulenhoff, Amsterdam, 1997.
Literatuur
— U. van de Voorde, Raymond Brulez: Sheherazade of de literatuur als losprijs, in: Dietsche Warande en Belfort, jg. 34, 1933, nr. 8, pp. 609-613.
— M. Gijsen, Raymond Brulez: Sheherazade of literatuur als losprijs. De laatste bekoring van Antonius, in: De Standaard, 11 maart 1933.
— P. H. Dubois, Raymond Brulez of de continuïteit van het autobiografische, in: Nieuw Vlaams Tijdschrift, 5, 1951, pp. 646-660.
— K. Jonckheere, Raymond Brulez, in de reeks Monografieën over Vlaamse letterkunde, Brussel, 1961.
— J. Weisgerber, Raymond Brulez. De Verschijning te Kallista (1953), in: Aspecten van de Vlaamse roman, 1927-1960, Amsterdam, 1973, pp. 115-122.
— B.F. van Vlierden, Raymond Ferdinand Martijn Jacob Gustaaf Brulez. Blankenberge 18 oktober 1895 – Brussel 17 augustus 1972, in: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1974, pp. 47-49.
— R. Vervliet, Raymond Brulez of het pakt van de flamingant met de frankofiel, in: Ons Erfdeel, jg. 20, 1977, nr. 4, pp. 550-562.
— M. van Alstein, Raymond Brulez, in: S. Bax, H. Brems, T. van Deel, A. Zuiderent (red.), Kritisch lexicon van de moderne Nederlandstalige literatuur [1980-2015], 1987.
— L. Missinne, Ten huize van Raymond Brulez, in: Dietsche Warande en Belfort, jg. 133, 1988, pp. 123-127.
— R. Vervliet, De welvertinde spiegel. De eigenzinnige poëtica van Raymond Brulez, in: De Vlaamse Gids, jg. 81, 1997, nr. 4, pp. 6-17.
— A. M. Musschoot, De visie van een toerist, in: De Vlaamse Gids, jg. 81, 1997, nr. 4, pp. 2-5.
— P. H. Dubois, Raymond Brulez, de onbekende bekende, in: Raymond Brulez, Mijn woningen, Amsterdam, 1986, 2 dln., pp. 7-17.
— P. H. Dubois, Een onverwisselbaar monument ‘Mijn woningen’ door Raymond Brulez, in: Ons Erfdeel, jg. 41, 1998, nr. 2, pp. 269-271.
— E. Brems, Het scherpe genoegen van de metafoor. Over het proza van Raymond Brulez, op: neerlandistiek.nl., 27 januari 2004.
— S. Brijs, Brulez lezen, in: Revolver, jg. 33, 2006, nr. 3, pp. 6-19.
— M. de Ridder, De Vlaamse taalvriend. Flamingantisme: de “drijvende kracht tot de schrijversroeping” van Raymond Brulez, in: Revolver, jg. 33, 2006, nr. 3, pp. 20-37.
— B. Vervaeck, Wereldmuziek. Sheherazade van Raymond Brulez, in: Revolver, jg. 33, 2006, nr. 3, pp. 38-59.
— K. Humbeeck, Omtrent twee Jong-Vlamingen en de oorlog. Louis Paul Boon en Raymond Brulez, in: Revolver, jg. 33, nr. 3, pp. 72-92.
— J. van Parys, De geest en de zetter. Raymond Brulez en de Sinte Katharina Dukkerij (1923-1927), in: Zacht Lawijd, jg. 11, 2011, nr. 4, pp. 25-37.
— D. van Hulle, Letterenlaboratorium. Hoe Raymond Brulez “De opstand der voetnota’s” schreef, in: Zuurvrij, jg. 14, 2014, nr. 27, pp. 53-60.
— J. van Parys, “Deze Brulez doet daar sympathiek werk”. Raymond Brulez, een Vlaamse vrijdenker in en rond Forum, in: De Parelduiker, jg. 20, 2015, nr. 3, pp. 2-15.
— J. van Parys, “Geen vriendschap onder den helm”. Raymond Brulez en het activisme, in: Zacht Lawijd, jg. 13, 2014, nr. 1, pp. 69-95.
— J. van Parys, Gelukkig en vol droefenis. De werelden van Raymond Brulez, Antwerpen/Utrecht, 2015.
— J. van Parys, Nawoord, in: R. Brulez, Sheherazade of Literatuur als losprijs, Antwerpen, 2015, pp. 129-132.
— J. van Parys, Oorlogsstudenten. Brieven en dagboeken uit Gent tijdens de Eerste Wereldoorlog, Antwerpen/Utrecht, 2018.
— G. Durnez, Zum Sehen geboren, in: Een danser in de sneeuw, Leuven, 2020.
Yvan de Maesschalck (2025), Raymond Vervliet (1998). Brulez, Raymond. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2025. https://devb.be/id/per-001471.