van Saksen-Coburg, Albert II
Albert II (1934), die in 1993 zijn broer Boudewijn opvolgde, was de eerste koning van het federale Belgiƫ. In de publieke opinie kon de vorst doorgaans op brede sympathie rekenen. Tijdens de communautaire crisis van 2007-2011 dreigde het koningschap echter meegetrokken te worden in het politieke moeras.
Stefaan Marteel (2026). van Saksen-Coburg, Albert II. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2026. https://devb.be/id/per-012099.
Albert II volgde in 1993 op latere leeftijd zijn onverwacht overleden broer Boudewijn op. Hij werd de eerste koning van het federale België en leek zich daar goed in te schikken. De koning kon op brede sympathie bij de bevolking rekenen, bijvoorbeeld door de wijze waarop hij op het voorplan trad tijdens de affaire-Dutroux. Tijdens de communautaire crisis tussen 2007 en 2011 volgde Albert, noodgedwongen, soms ongebruikelijke wegen om de continuïteit van het gezag te waarborgen. Hij kwam echter niet onbeschadigd uit de crisis en zeker aan Vlaams-nationale zijde ontstond de indruk dat hij niet neutraal handelde. Vermoeid besloot de vorst in 2013 terug te treden ten voordele van zijn zoon, prins Filip.
Het prinselijke leven
De toekomstige koning Albert II werd op 6 juni 1934 geboren als zoon van koning Leopold III
van Saksen-Coburg, Leopold III Leopold III (1901-1983) werd aan de vooravond van en tijdens de Tweede Wereldoorlog het boegbeeld van een autoritaire stroming in de Belgische politiek. Zijn controversiƫle houding en mee... Lees meer en koningin Astrid. Hij werd genoemd naar koning Albert I
van Saksen-Coburg, Albert I Koning Albert I (1875-1934) werd aan de vooravond van en tijdens de Eerste Wereldoorlog geconfronteerd met een radicaliserende Vlaamse beweging. De communautaire kwestie groeide daardoor ... Lees meer , die enkele maanden eerder om het leven was gekomen. Albert had een oudere zus, Josephine-Charlotte geboren in 1927, en een oudere broer, Boudewijn
van Saksen-Coburg, Boudewijn I Boudewijn (1930-1993) moest als gevolg van de koningskwestie op jonge leeftijd en onvoorbereid zijn vader opvolgen. Zijn koningschap werd getekend door de Congolese dekolonisatie, staatsh... Lees meer , geboren in 1930. Kort na de eerste verjaardag van de jongste prins kwam zijn moeder op tragische wijze om het leven tijdens een vakantie van het koningspaar in Zwitserland; koningin Astrid stierf op 29 augustus 1935 te Küssnacht ten gevolge van een auto-ongeval. Alberts grootmoeder, koningin Elisabeth, oefende vanaf toen toezicht uit op de opvoeding van de drie koningskinderen.
Na de Duitse inval op 10 mei 1940 reisden de koningskinderen op bevel van Leopold III naar het zuiden van Frankrijk, en werden ondergebracht in het kasteel van Montal in het departement Lot. De beslissing van de koning op 28 mei 1940 om te capituleren leidde echter tot veel verontwaardiging in Frankrijk, en de Franse overheid drong erop aan dat de kinderen voor hun eigen veiligheid zo spoedig mogelijk het land zouden verlaten. Na een verzoek van Leopold III aan de Spaanse dictator Franco werden ze in San Sebastian als eregasten ontvangen. In augustus keerden de kinderen terug naar Belgiƫ.
De eerste oorlogsjaren verbleven de drie kinderen in het kasteel van Ciergnon in de Ardennen, terwijl de koning in Laken bleef. In december 1941 maakten ze kennis met Lilian Baels, met wie hun vader ondertussen was hertrouwd. Na de geboorte van hun halfbroertje Alexander in juli 1942 verhuisden de kinderen terug naar Laken.
Na de geallieerde invasie in Normandiƫ werd de koninklijke familie naar Duitsland gedeporteerd en achtereenvolgens in het kasteel Hirschstein nabij Dresden en in het Oostenrijkse Salzburg gehuisvest. Daar werden ze uiteindelijk op 7 mei 1945 door het Amerikaanse leger bevrijd. Doordat de koning en de nieuwe Belgische regering echter al meteen op ramkoers kwamen te liggen over de voorwaarden voor een terugkeer van de vorst, vestigde Leopold zich met zijn gezin in het Zwitserse Pregny. Na de afwikkeling van de koningskwestie keerden de koning en zijn familie op 22 juli 1950 terug naar Belgiƫ. In augustus droeg Leopold de macht over aan Boudewijn.
In Belgiƫ zette Albert de humaniorastudie voort die hij in Zwitserland was begonnen. In 1952 vatte hij, op uitdrukkelijk verzoek van zijn vader, een militaire opleiding bij de zeemacht aan. In 1957 behaalde hij de graad van luitenant-ter-zee; in 1976 zou hij tot divisieadmiraal worden bevorderd. Vanaf halfweg de jaren vijftig nam prins Albert ook een aantal (ere)voorzitterschappen op zich, en in 1958 werd hij senator van rechtswege.
In april 1959 maakte prins Albert onverwacht zijn verloving bekend met de Italiaanse prinses Paola Ruffo di Calabria. Na hun huwelijk op 2 juli 1959 in het koninklijk paleis te Brussel vestigde het paar zich in het kasteel Belvédère. Reeds in april 1960 werd prins Filip geboren, waarmee de troonopvolging werd verzekerd (koning Boudewijn was op dat ogenblik nog ongehuwd). In 1962 volgde de geboorte van prinses Astrid en in 1963 van prins Laurent.
Prins Albert werd vanaf 1962 erevoorzitter van de Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel. In die hoedanigheid leidde hij, tot aan zijn koningschap, een honderdtal officiƫle handelsmissies en hielp hij voor het Belgische bedrijfsleven heel wat bestellingen binnenhalen. Door zijn contacten met Vlaamse bedrijfsleiders maakte de prins zich een vlotte beheersing van het Nederlands eigen. In 1984 werd het Prins Albertfonds voor de opleiding van specialisten in Buitenlandse Handel opgericht.
Hoewel Koning Boudewijn het op zich had genomen om prins Filip voor te bereiden op het toekomstige koningschap, had de koning met de regering afgesproken dat op korte termijn prins Albert de aangewezen toonopvolger was. Toen koning Boudewijn in de zomer van 1993 kwam te overlijden, bestond er binnen de regering dus geen twijfel over de troonopvolging door prins Albert, hoewel de publieke opinie enigszins verrast was. Op 9 augustus 1993 legde de prins voor de Verenigde Kamers de grondwettelijke eed af als zesde koning der Belgen. Albert werd door velen als een overgangskoning beschouwd, maar zou uiteindelijk twintig jaar op de troon zitten. Het koningspaar bleef overigens in Belvédère wonen; koningin Fabiola mocht in Laken blijven.
Het koningschap
Sinds de Tweede Wereldoorlog was het koningschap in Belgiƫ sterk uitgehold. Beslissingen kwamen uitsluitend de regering toe en de koning kon enkel nog invloed uitoefenen in zoverre zijn mening in overeenstemming was met de politieke meerderheid. Daar kwam, behalve de overheveling van veel beslissingsmacht naar de Europese Unie, de omvorming van Belgiƫ tot federale staat bovenop, die op 17 februari 1994 met de handtekening van koning Albert plechtig werd bekrachtigd. Het zorgde voor een verdere inperking van de bevoegdheden van de koning, aangezien de vorming van de gemeenschaps- en gewestregeringen zich volledig voltrok zonder zijn inmenging. Regionale ministers legden de eed af voor hun parlement; enkel de minister-presidenten deden dit pro forma ook nog eens in handen van de koning. Deze nieuwe institutionele werkelijkheid leidde tot enkele kleine incidenten. Toen koning Albert in zijn nieuwjaarstoespraak van 1996 uitspraken deed over de toekomst van het onderwijs Onderwijs Lees meer , protesteerde de Volksunie
Volksunie (VU) Tussen 1954 en 2001 bepaalde de Volksunie (VU) als Vlaams-nationalistische partij mee de politieke evolutie in Belgiƫ, van unitaire staat tot federaal koninkrijk. Ze groeide uit tot de tw... Lees meer dat de koning zich hierover niet hoorde uit te spreken, aangezien onderwijs een regionale materie was geworden, een stelling die deels werd overgenomen door minister-president Luc van den Brande
Van den Brande, Luc Luc van den Brande (°1945) was een christendemocratisch federaal minister van Tewerkstelling en Arbeid (1988-1991) en leidde van eind 1992 tot 1999 de Vlaamse executieve/Vlaamse Regering.... Lees meer . En nadat Albert in zijn nieuwjaarstoespraak van 2006 de nood aan samenwerking benadrukte, reageerde minister-president Yves Leterme Leterme, Yves Yves Leterme (1960) was christendemocratisch minister-president (2004-2007) van de Vlaamse Regering en eerste minister (2008-2011) van de federale regering. Hij ijverde voor confederalism... Lees meer dat de koning geen enkele rol te spelen had in de Vlaamse politiek ā een uithaal die de voorbode vormde van een gespannen relatie.
Nochtans leek Albert zich aanvankelijk goed te schikken in zijn rol als eerste koning van het federale Belgiƫ. Toen het vorstenpaar na de troonsbestijging haar Blijde Intredes maakte, bezocht het daarbij ook Eupen als hoofdstad van de Duitstalige gemeenschap. En de koning woonde in de zomer van 1994 zelfs een officieuze 11 juli-viering bij in Brugge, de ondertussen ter ziele gegane Guldensporenmarathon Guldensporen-marathons De Guldensporen-marathon (1987-2007) was een Vlaamse sportmanifestatie in het kader van de 11 juli-vieringen. Lees meer , waarbij hij tijdens de uitvoering van De Vlaamse Leeuw
De Vlaamse Leeuw De Vlaamse Leeuw (1847) is een nationaal Vlaams lied op tekst van Hippoliet van Peene en muziek van Karel Miry. Op 11 juli 1985 werden tekst en muzikale notatie officieel vastgelegd als V... Lees meer zowaar mee leek te neuriƫn. Het gebeuren veroorzaakte in Franstalig Belgiƫ nogal wat ophef. Premier Jean-Luc Dehaene
Dehaene, Jean-Luc Jean-Luc Dehaene (1940-2014) was een boegbeeld van de christelijke Vlaamse Volkspartij (CVP), die van 1992 tot 1997 premier van BelgiĆ« was en een sleutelrol speelde in de staatshervorming... Lees meer maakte duidelijk dat de aanwezigheid van de vorst een initiatief van het paleis betrof; hij volgde de analyse van de grondwetsspecialisten die verklaarden dat de koning een schakel in het federale BelgiĆ« was geworden. Op het paleis heerste onbegrip en de koning besefte, in de woorden van Christian Laporte, āhoe moeilijk het is om niet voor pleitbezorger, ja zelfs voor ijveraar van de ene gemeenschap tegen de andere beschouwd te wordenā. De vorst liet niet na om eind september in Namen aan het Feest van het Waalse Gewest deel te nemen.
Toen twee jaar later, in augustus 1996, de affaire Dutroux uitbrak en de Belgische politiek onder grote druk kwam te staan, trad koning Albert op het voorplan. Hij ontving de getroffen familie in privĆ©-audiĆ«nties op het paleis, maande politiediensten en politici aan tot actie en organiseerde een grote rondetafelconferentie waar hij wees op het falen van de overheid en justitie. Volgens journalist Marc Reynebeau Reynebeau, Marc Marc Reynebeau (1956) is journalist, publicist en historicus. Als redacteur van Knack en later De Standaard ontpopte hij zich tot een gezaghebbend intellectueel die zich uitgesproken krit... Lees meer haalde de koning zo de angel āuit de collectieve wanhoop en woede die tot de Witte Mars leiddenā. Later uitte hij zijn tevredenheid over de hervormingen bij politie en justitie die door de regering werden doorgevoerd.
Na de verkiezingen van 1999 kwam in Belgiƫ voor het eerst een paars-groene regering aan de macht. Dat leidde allerminst tot slechtere relaties tussen de politiek en het hof; in zijn 21 juli-toespraak in 2000 maakte Albert een positieve balans op van het eerste regeringsjaar en verheugde zich uitdrukkelijk over de goede samenwerking tussen de verschillende beleidsniveaus.
Aan de communautaire rust en de relatieve zorgeloosheid van het hof kwam bruusk een einde met de verkiezingen van 2007, die aan Vlaamse zijde een overwinning opleverden voor het Valentijnskartel tussen Christen-Democratisch & Vlaams Christen Democratisch & Vlaams (CD&V) Lees meer (cd&v) en de Nieuw-Vlaamse Alliantie
Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA) De N-VA is op electoraal vlak de meest succesvolle Vlaams-nationalistische partij ooit en slaagde er ook in om de grootste Belgische partij te worden. Ze zit bijna 20 jaar in de Vlaamse R... Lees meer (N-VA). Het kartel wilde een ingrijpende staatshervorming
Staatshervorming Tussen 1970 en vandaag werden zes staatshervormingen doorgevoerd die Belgiƫ omvormden van een unitaire in een federale staat met drie gewesten, het Vlaamse, het Waalse en het Brussels Hoo... Lees meer verwezenlijken, een eis waarvoor in de Franstalige partijpolitiek geen enkel enthousiasme bestond. Ook koning Albert reageerde aanvankelijk verrast op de plannen van Yves Leterme voor een nieuwe grote staatshervorming. Net zoals Koning Boudewijn voor hem beschouwde hij de grondwetsherziening van 1993 als het eindpunt van de federalisering van Belgiƫ. Dat de dynamiek van de staatshervormingen in Vlaanderen ondertussen niet was stilgevallen, was hem in grote mate ontgaan.
In de politieke patstelling die volgde, zag de koning zich genoodzaakt buiten zijn traditionele rol als raadsman te treden. Zo belastte hij, na achtereenvolgens Jean-Luc Dehaene en Herman van Rompuy
Van Rompuy, Herman Lees meer het veld ingestuurd te hebben, op 9 november 2007 de voorzitters van Kamer en Senaat, Herman van Rompuy en Armand de Decker, met de opdracht āeen dialoog te starten over een evenwichtige uitbouw van onze instellingenā. Deze ingreep was volgens sommigen in strijd met de grondwettelijke bevoegdheid van de vorst, aangezien deze niet de procedure voor een staatshervorming mag bepalen.
Hoewel de koning Yves Leterme tot driemaal toe als formateur benoemde, verkoos hij de methode die de oude generatie (Dehaene en Van Rompuy) voorstond om een staatshervorming door te voeren: eerst een regering vormen en dan op zoek gaan naar de tweederdemeerderheid die nodig is om de staatshervorming te realiseren, in plaats van de staatshervorming te gebruiken als een breekijzer voor de regeringsvorming. De koning en zijn kabinetschef Jacques van Ypersele maakten daarbij ook de (verkeerde) inschatting dat de christendemocraten de N-VA snel opzij zouden schuiven. Vanuit het oogpunt van de vorst was het zijn constitutionele plicht om de federale staat, zoals hij die van zijn voorganger geƫrfd had, te handhaven. Dit betekende dat hij er alles aan wilde doen om de vorming van een federale regering te bevorderen en niet bereid was langs confederale lijnen te denken.
De volwaardige regeringen die Belgiƫ vanaf december 2007 heeft gekend, brachten een staatshervorming niet dichterbij, wat alsnog tot het uiteenvallen van het kartel leidde. Daarop volgde bij de verkiezingen van 13 juni 2010 de historische verkiezingsoverwinning van de N-VA, met de hervorming tot een confederale staat als voornaamste programmapunt, terwijl aan Franstalige zijde de Parti Socialiste (PS) onder leiding van Elio Di Rupo
Di Rupo, Elio Elio Di Rupo (1951) is een Franstalige PS-politicus, voormalig premier (2011-2014), meermaals PS-voorzitter en driemaal Waals minister-president. Onder zijn leiding kwam de zesde staatshe... Lees meer als overwinnaar uit de bus kwam. Gedurende een jaar trachtte het hof de dialoog tussen de PS en de N-VA gaande te houden, met de aanstelling van een resem bemiddelaars. Op 16 mei 2011 benoemde de koning Di Rupo tot formateur. Deze legde begin juli een nota voor met voorstellen voor een staatshervorming, economische besparingen en een resem hervormingen. Aan Vlaamse zijde bleven cd&v en N-VA echter dwarsliggen. Met een voorstel tot splitsing van BHV waarbij de compensaties voor de Franstaligen voorlopig uit de onderhandelingen zouden worden gehouden, wist Di Rupo de christendemocraten echter alsnog te overhalen en werd de N-VA losgelaten. Vervolgens deed Albert II, in zijn toespraak op 21 juli 2011, een krachtige oproep aan de onderhandelende partijen om eindelijk een regering te vormen en, na uiteindelijk nog moeizame onderhandelingen over het sociaaleconomische luik, legde de regering-Di Rupo op 6 december de eed af. In zijn kersttoespraak later die maand verheugde de koning zich erover ādat ons land nog steeds compromissen kan sluitenā.
Koning Albert II kwam niet onbeschadigd uit de aanslepende politieke crisis die BelgiĆ« tussen 2007 en 2011 meemaakte. In die jaren was de vorst, aldus Mark van den Wijngaert, āniet langer het neutrale aanspreekpunt buiten de politiek waaraan het ingewikkelde Belgische staatsbestel nood heeftā, maar werd de functie van de koning steeds meer gepolitiseerd. De kersttoespraak van december 2012, die volgens sommigen mee geĆÆnspireerd was door een aan Franstalige zijde diep verankerd wantrouwen jegens het Vlaams-nationalisme, versterkte het beeld van een vorst die zich voor de kar liet spannen van politieke belangen. Daarin trok Albert II parallellen met de jaren 1930 en waarschuwde hij voor populisten Populisme Het concept āpopulismeā verwijst naar de discursieve strategie die uitgaat van een āvolksā verweer tegen een politieke, economische of culturele elite. In de geschiedenis van de Vlaamse b... Lees meer die zondebokken zoeken bij vreemdelingen of landgenoten uit het andere landsdeel, waarmee hij overduidelijk de N-VA viseerde. Het illustreerde andermaal dat de monarchie
Monarchie In deze bijdrage over de Belgische vorsten, van Leopold I tot en met Albert II (1831-2013), wordt gepeild naar hun oordeel over en aandeel in de ontwikkeling van de Belgische taalstrijd e... Lees meer in Belgiƫ evenzeer een factor van verdeeldheid als van eenheid kan vormen; terwijl de meeste commentatoren aan Vlaamse kant de uitspraken van de koning betreurden, oogstte hij bijval in Franstalig Belgiƫ.
Na bijna twintig jaar koningschap, aanzienlijke gezondheidsproblemen en verschillende incidenten rond de koninklijke familie voelde de 77-jarige Albert zich, in de woorden van Van den Wijngaert, āmoe en machteloosā. Aangezien het duidelijk was dat prins Filip ondertussen klaar was om de verantwoordelijkheid van het koningschap op te nemen, besloot de koning in juni 2013 dat hij op de nationale feestdag zou aftreden. Op 21 juli 2013 legde prins Filip dan ook de eed af als de zevende koning der Belgen.
Archief
ā Algemeen Rijksarchief: Archief van het Koninklijk Paleis
Literatuur
ā L. Neuckermans en P. Van den Driessche, Albert II, koning na Boudewijn, 1995.
ā J. Stengers, De koningen der Belgen. Van Leopold I tot Albert II, 1997.
ā C. Laporte, Albert II: de biografie, 2003.
ā M. Reynebeau, De kers op de taart is de staatshervorming, in: De Standaard, 22 juli 2003.
ā H. van Goethem, āDe monarchie en āhet einde van BelgiĆ«āā. Een communautaire geschiedenis van Leopold I tot Albert II, 2008.
ā M. van den Wijngaert, Albert II: de biografie: zijn leven, zijn betekenis, 2013.
ā M. van den Wijngaert, BelgiĆ« en zijn koningen. Van macht naar invloed, 2021.
Stefaan Marteel (2026). van Saksen-Coburg, Albert II. In: Encyclopedie van de Vlaamse beweging. 2026. https://devb.be/id/per-012099.
Redactiegeschiedenis
Redactiegeschiedenis
2026: Stefaan Marteel