Verbeeck, René

Persoon

René Verbeeck (1904-1979) is de auteur van elf dichtbundels. Hij stond mee aan de wieg van de literaire tijdschriften De Tijdstroom (1930-1934) en Vormen (1936-1940) en richtte in 1937 de poëziereeks Bladen voor de Poëzie op. Na de Tweede Wereldoorlog werd Verbeeck op grond van zijn betrokkenheid bij Nieuwe Orde-gezinde initiatieven als Westland, De Vlag en uitgeverij Steenlandt veroordeeld wegens culturele collaboratie.

Geboorte
Wilsele, 18 april 1904
Overlijden
Hove, 13 november 1979
Suggestie
Citeren
Leestijd: 5 minuten

René Verbeeck volgde middelbaar onderwijs aan het Sint Jan Berchmanscollege in Mol en aan het Koninklijk Atheneum in Leuven. In 1926 haalde hij zijn lesbevoegdheid Germaanse talen aan de Rijksmiddelbare Normaalschool in Gent en daarna werkte hij een tijd lang als leraar Nederlands in Beauraing, Mechelen en Antwerpen. Tussen 1947 en 1959 was hij ook werkzaam als vertaler en na 1959 werd hij docent aan de Katholieke Vlaamse Hogeschool in Antwerpen. Verbeecks betekenis voor de Vlaamse beweging ligt vooral in zijn werk als dichter, redacteur en bezieler van de poëziereeks Bladen voor de Poëzie.

Verbeeck debuteerde in 1926 met zijn dichtbundel Oriëntering. Vier jaar daarna verscheen zijn tweede bundel De donkere bloei (1930) en daarna volgden nog bundels als Tussen twee werelden (1940) en Heilig leven (1943). In 1930 richtte Verbeeck, samen met Lode Lagasse, Pieter G. Buckinx, André Demedts Demedts, André Demedts, André André Demedts (1906-1992) was een Vlaamsgezinde auteur, voordrachtgever en inspirator van literaire organisaties. Zo werd hij in Vlaanderen een belangrijke cultuurdrager. Demedts gold bov... Lees meer , Jan Vercammen en Frans van Bogaerdt het literaire tijdschrift De Tijdstroom op, dat poëtische concentratie en esthetische zuiverheid centraal stelde. Het blad verscheen bij de Brusselse uitgeverij Excelsior, maar wegens moeilijkheden binnen het bedrijf hield het tijdschrift al in 1934 op te verschijnen. Twee jaar later, in 1936, richtten Verbeeck en Buckinx, samen met Paul de Vree De Vree, Paul De Vree, Paul Dichter en kunstcriticus Paul de Vree (1909-1982) engageerde zich tijdens de Tweede Wereldoorlog in de zogenoemde culturele collaboratie. Na de oorlog ontwikkelde hij zich tot een experim... Lees meer , een nieuw literaire tijdschrift op, nu met medewerking van Uitgeverij Steenlandt Steenlandt Steenlandt Steenlandt was een uitgeverij die in 1929 werd opgericht door Richard Acke en in 1934 werd overgenomen door zijn zoon Jan Acke. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stond het fonds helemaal in ... Lees meer . Het nieuwe tijdschrift kreeg de titel Vormen en trachtte een brug te slaan tussen zuiver estheticisme en Vlaamse volksverbondenheid. Het was hun er naar eigen zeggen om te doen het volk te verenigen in de ‘tijdelooze, zuivere sfeer der poëzie’. Later traden ook André Demedts, Marcel Matthijs Matthijs, Marcel Lees meer , René Bergen en René Lissens tot de redactie toe.

Naast zijn engagement als redacteur van de Tijdstroom en Vormen, leverde Verbeeck ook bijdragen aan andere culturele tijdschriften, waaronder het collaboratiegezinde Westland Westland Westland Westland (1942-1944) was een cultureel en letterkundig tijdschrift onder leiding van Filip de Pillecyn, dat ondanks zijn verklaring dat het zich onafhankelijk zou opstellen pro-Duitse bij... Lees meer (1942-1944) en De Vlag De Vlag (1936-1944) De Vlag (1936-1944) De Vlag (1936-1938; 1940-1944) was het maandblad van de gelijknamige Duitsch-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap (DeVlag). Lees meer , het tijdschrift van de Duitsch-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap Duitsch-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap (DeVlag) Duitsch-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap (DeVlag) De Duitsch-Vlaamsche Arbeidersgemeenschap (DeVlag) (1935-1945) was vóór de Tweede Wereldoorlog een organisatie van Vlaamse en Duitse studenten. Tijdens de oorlog ontpopte de DeVlag zich ... Lees meer (1936-1938 en 1940-1944). In 1943 ging Verbeeck bovendien als redacteur in dienst bij collaboratiegezinde Uitgeverij Steenlandt. Hij legde zich voornamelijk toe op literaire werken en trachtte zich zo min mogelijk te associëren met de vele Duitsgezinde propaganda-uitgaven die op dat moment ook al bij de uitgeverij verschenen.

Via zijn medewerking aan tal van literaire en culturele tijdschriften en via zijn werk als redacteur voor Steenlandt, verzamelde Verbeeck een uitgebreid netwerk van auteurs rond zich. Dat netwerk boorde hij ook aan bij de samenstelling van zijn poëziereeks Bladen voor de Poëzie, die hij van 1937 tot 1944 leidde en die hij tot 1943 zelf drukte in zijn eenmanszaak De Eenhoorn. Vanaf 1943 bracht hij de reeks over naar Uitgeverij Steenlandt, waarmee ze nog duidelijker in collaboratiegezind vaarwater terecht kwam. In de zeven jaar dat de reeks verscheen, publiceerde hij een 70-tal bundels, waaronder werk van verschillende radicaal flamingantische en collaboratiegezinde auteurs als Bert Peleman Peleman, Bert Peleman, Bert Bert Peleman (1915-1995) was tijdens de Tweede Wereldoorlog diensthoofd bij de Dietsche Militie-Zwarte Brigade, waarvoor hij vijf jaar gevangen zat. Na de oorlog was hij vooral actief in ... Lees meer , Paul de Vree De Vree, Paul De Vree, Paul Dichter en kunstcriticus Paul de Vree (1909-1982) engageerde zich tijdens de Tweede Wereldoorlog in de zogenoemde culturele collaboratie. Na de oorlog ontwikkelde hij zich tot een experim... Lees meer , Blanka Gyselen Gyselen, Blanka Gyselen, Blanka Blanka Gyselen (1909-1959) was een Vlaams-nationalistische journaliste en dichteres. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stapte ze in de collaboratie, waarbij ze haar nationaalsocialistische o... Lees meer , Korneel Goossens Goossens, Korneel Korneel Goossens (1900-1971) was de stichter van Uitgeverij Het Kompas, dat als doel had om het Vlaamse volk geestelijk te emanciperen. Daarnaast was Goossens auteur van literaire en kuns... Lees meer , Bert Peleman Peleman, Bert Peleman, Bert Bert Peleman (1915-1995) was tijdens de Tweede Wereldoorlog diensthoofd bij de Dietsche Militie-Zwarte Brigade, waarvoor hij vijf jaar gevangen zat. Na de oorlog was hij vooral actief in ... Lees meer en Jozef L. de Belder.

Hoewel Verbeeck zich dus wel bewoog in radicaal flamingantische en Nieuwe Orde-gezinde kringen, beperkte zijn openlijke engagement zich tot de verenigende kracht die volgens hem van poëtische schoonheid uitging en sprak hij zich zelden expliciet uit over de Vlaamse kwestie. Dat leverde hem kritiek op van verschillende radicale flaminganten, die hem verweten niet voldoende ‘volksverbonden’ te zijn. Verbeeck reflecteerde op zijn positie als ‘stille flamingant’ in het bekend geworden gedicht ‘De groote stille taak’ dat verscheen in zijn dichtbundel Tussen twee werelden (1940) en dat aanvangt met de regel: ‘Vlaanderen, ook de stillen werken aan u’.

Ondanks die terughoudendheid werd Verbeeck na de oorlog wegens zijn medewerking aan collaboratiegezinde initiatieven als Westland, De Vlag en uitgeverij Steenlandt veroordeeld voor culturele collaboratie en bracht hij 22 maanden door in de gevangenis. Tussen 1948 en 1967 publiceerde Verbeeck nog vier nieuwe dichtbundels en vanaf 1952 trad hij toe tot het leescomité voor de nieuwe reeks Bladen voor de Poëzie, die door Herman van Fraechem Van Fraechem, Herman Herman van Fraechem (1904-1970) was een Vlaamsgezinde priester en herbezieler van het literaire tijdschrift De Bladen voor de Poëzie (1937-1944, 1953-1995). Via dit literair tijdschrift ... Lees meer heropgericht was. Het literaire werk van Verbeeck werd verschillende keren bekroond: in 1956 en 1967 met de prijs van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) De Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde (KANTL, 1886) is een instelling die zich in de loop van haar geschiedenis heeft ingezet zowel voor taalculturele, -wetenschappeli... Lees meer , in 1968 met de Prijs van de provincie Brabant en in 1970 met de prijs van de provincie Antwerpen.

Archief

Werken

– Oriëntering, Gent, 1926.
– De donkere bloei, Mol, 1930.
– De Minnaars, Kortrijk, 1935.
– De dwaze bruid, Mechelen, 1937.
– Tussen twee werelden, Mechelen, 1940.
– Een huis voor Simone, Mechelen, 1940.
– Heilig leven, Brussel, 1943.
– Op het spalier der maanden, De Brug, 1948.
– Van Eros tot requiem, Hasselt, 1964.
– De zomer staat hoog en rijp, Hasselt, 1965.
– Het uur van de wesp, Hasselt, 1967.
– Verzamelde gedichten, 1974.

Literatuur

– J. de Ceulaer, Te gast bij Vlaamse auteurs, dl. 5, z.j..
– Huldealbum René Verbeeck, Gemeentelijke kulturele raad Wilsele, 1969.
– A. Demedts, Moderne Vlaamse Poëzie. René Verbeeck, in: De Periscoop, april 1971.
– J. Haest, De dichter René Verbeeck, 1971.
– P. de Vree, René Verbeeck, 1974.
– J. de Ceulaer, René Verbeeck: Poëzie is een wijze van existeren, in: De Standaard, 23 mei 1969.
– Microfonie van Zuidnederlandse schrijvers, 1977-1978.
– W. Spillebeen, De dichter René Verbeeck, in: Vlaanderen, maart-april 1983.
– G. Durnez, Een herinnering aan René Verbeeck. ‘Help ons een bres slaan voor de poëzie’, in: Vlaanderen, maart-april 1983.
– H. van de Vijver, Het cultureel leven tijdens de bezetting (België in de Tweede Wereldoorlog, nr. 8, 1990).
– L. Missine, De tijdstroom, een evenwichtsoefening tussen individu en gemeenschap, in: Kunst en leven, een wankel evenwicht, 1994.
– G. Buelens, Eternach à rebours. Van Ostaijen en De Tijdstroom, Vormen en het werk van Buckinx, Verbeeck, Vercammen, De Vree, De Ryck, Decorte en Jonckheere, in: Van Ostaijen tot heden. Zijn invloed op de Vlaamse poëzie, 2008.
– M. Bilcke en Y. T’Sjoen, Een geschiedenis van Bladen voor de Poëzie. René Verbeeck als initiator van een poëziereeks in Vlaanderen (1937-1944), in: J. Lensen, L. Stynen en Y T’Sjoen (red.) De stekelige jaren. Literatuur en politiek in Vlaanderen 1929-1944, Gent, 2014, pp. 77-103.
– S. van den Bossche, Peripetieën rond Uitgeverij Steenlandt. II. René Verbeeck en diens literaire weefsel tussen hamer en aambeeld, in: WT, jg. 85, 2026, nr. 3, pp. 303-327. (https://openjournals.ugent.be/wt/article/id/102172/)

Suggestie
Citeren

1975: Gaston Durnez (pdf)

1998: Gaston Durnez (pdf)

2023: Ulrike Burki

2026: Ulrike Burki

Databanken

Inhoudstafel